Ingezonden brieven

Grrr

Arendt

In het artikel «Israël volgens Hannah Arendt» (in De Groene van 3 augustus) schrijft Joke Hermsen dat de kritiek van Hannah Arendt op de staat Israël de internationale joodse gemeenschap ertoe bracht haar te verstoten. Dit is niet alleen onjuist, maar getuigt ook van een stereotiep en al te makkelijk wereldbeeld.

De felle kritiek op Arendt (die begon na 1963, terwijl Arendt al vanaf 1933 betrokken was bij het Mandaatgebied Palestina en later Israël) betrof twee thema’s in Eichmann in Jerusalem. Ze hekelde de rol van het joods leiderschap tijdens de oorlog, en ze beschreef Eichmann als banale bureaucraat. Het simpele en politiek correcte beeld van «joden-slachtoffer=goed, Duitsers-dader=slecht» werd door haar, op zijn vriendelijkst gezegd, sterk genuanceerd.

Het is niet zo dat «de internationale joodse gemeenschap», zo die zou bestaan, Arendt daarop collectief in de ban deed, en al zeker niet op grond van de door Hermsen geïnsinueerde opvattingen die Arendt in die tijd of daarvoor zou hebben over de politiek van Israël. Wel waren veel mensen het oneens met haar analyse die ze maakte naar aanleiding van de Eichmann-verhoren. Arendt werd niet doodgezwegen; er werd scherp gedebatteerd. Hermsens beschrijving van een internationale joodse samenzwering die afwijkende meningen over Israël uitbant, draagt bij aan tamelijk primaire vooroordelen en doet geen recht aan het gedachtegoed van Hannah Arendt, waarin het scheiden van politiek activisme en het bedrijven van filosofie nu juist centraal staat. Clichés van collectieve schuld of onschuld, gebaseerd op ad hoc-interpretaties van geschiedenis «make judgement superflous and to utter them is devoid of all risk».

ROBBERT BARUCH, Den Haag