Grrr

Moslim-tv (1)
In De Groene van 2 juli probeert Joris van Casteren vier jaar geschiedenis van de Nederlandse Moslim Omroep weer te geven. De Nederlandse Moslimraad (NMR) is opgericht in het voorjaar van 1992, niet pas in 1993.

Er waren tien moslimorganisaties, waaronder drie Turkse, een Marokkaanse, een Surinaamse, een Indonesische en twee Nederlandse, bij betrokken; Al Nisa was één van drie participerende vrouwenorganisaties. Later is het aantal toegenomen tot dertien. De suggestie dat inmenging van minister Dales nodig was om participatie van vrouwen te bewerkstelligen, is uit de lucht gegrepen. Bovendien heeft de NMR vanaf het begin opengestaan voor alle moslimorganisaties die zich kunnen vinden in de doelstelling van emancipatie en participatie in de Nederlandse samenleving in volledige autonomie ten opzichte van buitenlandse overheden.
De voornaamste twistappel in moslimkringen hier is steeds de toegang tot de ether geweest. Nadat onze pogingen om de eerdere zendgemachtigde, de IOS, te helpen overleven, waren mislukt, besloot het Commissariaat voor de Media de machtiging toe te kennen aan de NMR. De andere vertegenwoordigende raad van moslims, de IRN, heeft de uitnodiging om op voet van gelijkwaardigheid in het omroepbestuur te participeren steeds van de hand gewezen - van uitsluiting onzerzijds was geen sprake. Samen vertegenwoordigen de beide raden ongeveer negentig procent van de moslims in Nederland. De door de NMR opgerichte Nederlandse Moslim Omroep (NMO) bedient in principe alle moslimgroeperingen, is onpartijdig en journalistiek onafhankelijk.
Overigens is er nooit sprake geweest van een rechtszaak van ons tegen het Koninklijk Instituut voor de Tropen. De NMR is en blijft een organisatie van vooruitstrevende, integratiegezinde moslims, maar onjuiste berichtgeving maakt die integratie niet echt gemakkelijker. Rotterdam, S. ABDUS SATTAR (woordvoerster NMR)
Moslim-tv (2)
In het artikel ‘Oproer om moslim-tv’ wordt gesuggereerd dat de organisaties Al Nisa en Promotie het niet eens zijn met het oordeel van de rechter inzake het ontslag van de heer Van Bommel. Nadrukkelijk willen beide organisaties er op wijzen dat zij dit oordeel respecteren en waarderen.
In de media is een verband gelegd met onze kritiek op het functioneren van de NMR en het ontslag van Van Bommel. Deze twee feiten staan echter los van elkaar. Wij hebben overwogen om ons terug te trekken uit de NMR naar aanleiding van de geruchtenstroom en de verdachtmakingen rond ontvreemding van videobanden. Voor ons de bekende druppel.
In een gesprek met uw verslaggever heb ik als voorbeeld van onze wensen genoemd de inzage in de financiële administratie van de NMR. Niet omdat er sprake is van 'aanname van buitenlands geld’ zoals mij in de mond wordt gelegd, maar omdat dit een statutair recht is van de aangesloten stichtingen. Inmiddels is er een kascommissie benoemd en is binnen de NMR afgesproken dat de structuur en organisatie ter discussie komen. Daarmee zijn onze wensen gehoord en serieus genomen. Voorlopig zien wij dus geen reden om ons daadwerkelijk terug te trekken. Milsbeek, MW. BOGAERS (voorzitter Al Nisa)