Hoofdcommentaar

Haarlem waarschuwt Hezbollah voor het laatst

Breaking news. U kunt natuurlijk rustig blijven kijken naar Zomergasten. Daar zet kunstenaar Joep van Lieshout mompelend zijn concentratiekampproject Slave City uiteen, een geinig en vooral artistiek ideetje om een virtueel goelagje te bouwen voor de moderne geketende callcenter-mens, inclusief bordeel en ander entertainment uiteraard. Dat is volgens deze faecalist – die zich, voorzover we hem kunnen verstaan en begrijpen, verschuilt achter zijn onbetwiste kunstzinnigheid – pas echt een splijtend antwoord op de teloorgang van de klompendans, de «bouncing» kloten van collega Bruce Nauman, en nog zo wat leuks dat Van Lieshout eerder heeft laten zien.

Maar op dit net moeten we toch echt publieke tijd en publiek geld vrijmaken voor een extra uitzending van het NOS_-Journaal._ In Utrecht is een houten trap ingestort. Een onbekend aantal mensen verkeert in kritieke toestand. Onze verslaggever heeft zich onverwijld ter plekke gemeld, maar kan helaas nog geen «stand up» doen. De Volkskrant zal wellicht commentariëren dat wij Nederlandse slapjanussen niet meer met het «noodlot» kunnen omgaan, zoals het ochtendblad in november 2005 zo scherpzinnig deed na de Schipholbrand, waar illegale vreemdelingen opgesloten verkommerden omdat ze onvrijwillig te gast waren van het geweldsmonopolie van de staat. Misschien maakt de krant juist een vergelijking tussen de trap van de Oudegracht en de kelder van Saddam Hoessein, bij wijze van vervolg op de analogie tussen de bombardementen op Beiroet en Dresden die ze afgelopen zaterdag op de voorpagina presenteerde.

Hoe dan ook, laat u niet in de luren leggen. De trap van Utrecht is een democratische ramp. Een ramp, omdat er mensen in levensgevaar zijn, mensen die wel de keuze hadden om ergens anders te feesten. Een democratische, omdat de noodlottige trap misschien eigendom is van de gemeente Utrecht en dus onderwerp van debat. Ook kwaliteitsrubriek Nova zal er uitvoerig over berichten.

Zo ging het zondagavond op de televisie. Niet van a tot z – ter wille van de demagogie is een snufje hyperbolische overdrijving toegevoegd – maar wel van a tot m. Het was zo’n avond waarop Nederland zijn gezicht toont: het gezicht van een natie die van evenement naar evenement huppelt omdat alleen events ons nog kunnen schokken, het ponem van een natie waarin het individu als «ik» is geprivatiseerd, zoals toenmalig vice-premier Annemarie Jorritsma al in 2000 in Elsevier proclameerde.

Jorritsma was toen boegbeeld van de recentste revolutie die Nederland had bereikt: paars. In Nederland mag revolutie weliswaar nooit revolutie heten. Eerst heette 1994 daarom een «gewone coalitie», toen «paars» en uiteindelijk «puinhoop» in meervoud. Maar toch was 1994 een breukpunt. Niet zozeer omdat voor het eerst sinds 1917 de christen-democraten uit het staatskasteel waren gekegeld en links jubelde, links in de zin van seculier zoals het begrip links tot begin jaren zestig altijd is begrepen omdat de vvd toen pas rechts van de Tweede-Kamervoorzitter moest plaatsnemen. Nee, 1994 symboliseerde een overwinning op de staat.

De staat diende zich voortaan te onderwerpen aan de postmoderniteit, aan het panta rei van de marktconforme netwerkmaatschappij. De klassieke politieke illusie zat al langer in het defensief, eigenlijk sinds Joop den Uyl. Maar tot 1994 hield de staat zowel haar hardware (geweldsmonopolie, fiscale dwang, infrastructuur, onderwijs) als haar software (sociale zekerheid en andere vormen van herverdeling) nog in eigen hand. De vraag was hooguit of het onsjes meer of minder moest. Na 1994 ging de staat zich daarentegen echt verkleden. De hardware ging eraan. Gevangenissen werden geleasd, militairen gehuurd, studiebeurzen uitbesteed, ambtenaren geprivatiseerd en telecomkabels verkocht. Ook de hardste hardware moest eraan geloven: de spoorwegen werden opgeknipt en verzelfstandigd. Het wachten was alleen nog op de privatisering van de belastingdienst.

Het heeft even geduurd, maar straks is het zo ver. In een enigszins weggefrommelde primeur meldde redacteur Roel Janssen van NRC Handelsblad, de krant die een dag later de dienstauto van «recidivist» minister Veerman van Landbouw bij wijze van achterhoedegevecht fileerde, dat de gemeenten Haarlem en Haarlemmermeer hun belastingdiensten commercialiseren. Wat nu nog een lokale overheidsdienst is, moet volgend jaar een naamloze vennootschap worden. De bezwaarschriften blijft de gemeente natuurlijk wel afhandelen. De onderdaan moet nu ook weer niet te veel praatjes krijgen.

De verwachte besparing is begroot op bijna een half miljoen euro. Bovendien lonken er nog meer opbrengsten. De NV Fiscus kan namelijk ook elders klanten werven: andere gemeenten bijvoorbeeld, en waterschappen of nutsbedrijven. Het waterschap Rijnland heeft zich al gemeld. Het dondert niet of de enveloppen blauw, groen of wat dan ook zijn, als de incasso maar via de nieuwe NV van Haarlem en Haarlemmermeer loopt. Ook over outsourcing van de stadsbibliotheek wordt nu gedacht.

In Haarlem is de sp vertegenwoordigd in het college van b. en w. In 1994 had niemand durven dromen dat juist deze partij het laatste te slijten overheidstaakje nog zou weten te vinden. Maar nu is het dan toch zo ver. Onder toeziend oog van de sp wordt in Haarlem door de vvd het laatste bolwerk van de hardware der staat geslecht.

«No taxation without representation» was de leuze van de betalende burgers die vochten voor parlementaire democratie. Dat was een uitgekiende redenering. Maar het omgekeerde klopt ook. Als de overheid zich niet meer direct verantwoordelijk voelt voor de belastinginning heb je ook geen vertegenwoordiging meer nodig. Voor je goede fatsoen kun je verkiezingen voor de raad van commissarissen van de NV Fiscus uitschrijven. Maar dan ben je ook wel klaar.

Om het cynisch te zeggen. Terwijl in Irak onder auspiciën van de westerse coalitie de staat aan gruzelementen gaat en Hamas en Hezbollah in Gaza en Zuid-Libanon bezig zijn een staat op te bouwen (van gezondheidszorg, via geheime dienst tot gewapende macht), gaat Haarlem en omstreken anticyclisch door met de gestage afbraak.