Hoogleraar migratie- en integratiestudies, Erasmus Universiteit Rotterdam

Han Entzinger

Isolationisme

De meest dringende maatschappelijke kwestie van dit moment (in Nederland) lijkt mij de sterke neiging tot isolationisme. Eeuwenlang heeft Nederland zijn geografische ligging uitgebuit om zich te ontwikkelen tot een van de grootste handelsnaties van de wereld. In geen land ter wereld - enkele ministaten uitgezonderd - is de exportquote hoger dan hier. In de afgelopen eeuw heeft Nederland zich een warm pleitbezorger van de internationale rechtsorde getoond. Den Haag afficheert zich graag als de juridische hoofdstad van de wereld en tot voor kort gingen we prat op onze generositeit in de ontwikkelingssamenwerking en in het toelaten van migranten. De mondialisering leek hier een natuurlijke biotoop te hebben gevonden.

Zo'n tien jaar geleden kwam hierin de klad. Ik herinner me nog goed hoe verbijsterd ik was toen wijlen Pim Fortuyn voorstelde elke container die de Rotterdamse haven binnenkomt te scannen op verborgen illegalen. Dat leek me nogal inefficiënt; in verreweg de meeste containers zit namelijk geen enkele illegaal. Toch raakte hij hiermee bij velen een gevoelige snaar. Herinvoering van de grenscontroles of het plaatsen van een hek om Nederland leek opeens een stuk dichterbij gekomen. Het fameuze en voor de elite geheel onverwachte ‘nee’ tegen de Europese grondwet in 2005 maakte duidelijk dat Nederland zich van de rest van de wereld aan het isoleren is, of - zoals sommigen het misschien ervaren - de rest van de wereld zich van Nederland isoleert. De wanhopige zoektocht naar de nationale identiteit, de mallotige discussies rond dubbele nationaliteiten en de potsierlijke vertoning rond de bouw van een Nationaal Historisch Museum bevestigen de indruk van een land dat de mondialisering even niet ziet zitten en zich op zichzelf terugtrekt.

Het kon niet uitblijven: het isolationisme heeft zich inmiddels ook politiek verankerd. Henk en Ingrid staan symbool niet alleen voor een anti-elitaire houding, maar ook voor een anti-internationalistische. Zij voelen zich bedreigd door onbekende gevaren en hebben daaraan een paar namen gegeven: Europa, immigratie, islam. De gevestigde orde weet het intussen even niet meer. Haar instituties - de brede volkspartijen voorop - vinden hun wortels in allengs verouderde tegenstellingen als religieus-seculier en kapitaal-arbeid. De hedendaagse scheidslijn tussen nationalisten en internationalisten staat daar haaks op en dat verlamt veel besluitvorming. Wat te doen? Het proces van internationalisering keren is onmogelijk; het negeren komt neer op struisvogelpolitiek. Nederland doet zichzelf hiermee schromelijk te kort, maar zolang emoties het winnen van de ratio helpen argumenten niet. Isolationisme wordt op den duur ook in de portemonnee voelbaar, maar ook daarmee zullen Henk en Ingrid hun opvatting bevestigd zien dat het buitenland altijd al het slechtste voorhad met Nederland. Nee, voorlopig lijkt emigratie de verstandigste optie om te ontkomen aan de terreur van het isolationisme.

Vergrijzing en integratie

Het is lastig ontwikkelingen die op lange termijn spelen in het juiste perspectief te plaatsen. We beschouwen ze bijna vanzelfsprekend vanuit het heden. Onze blik op de toekomst raakt vertroebeld zodra die toekomst meer dan enkele jaren verder ligt. Vandaar dat sommige zaken die zich op de langere termijn afspelen gemakkelijk worden onderschat dan wel overschat. De vergrijzing is een voorbeeld van het eerste, de integratie van het tweede.

We konden de vergrijzing al decennialang zien aankomen en nu de babyboomers de arbeidsmarkt beginnen te verlaten, is plotseling Leiden in last. Hoe betalen we de pensioenen en wie wassen de straks de billen van de overgebleven babyboomers als die eenmaal in de verpleeghuizen zijn beland? Gezien de snelle stijging van de gemiddelde levensduur zouden dat er wel eens meer kunnen zijn dan we altijd hadden gedacht.

Jarenlang is deze discussie weggewuifd als nog niet relevant. Als het eenmaal zover is, zou de samenleving zich als vanzelf aanpassen aan de nieuwe omstandigheden. Mensen zouden wel inzien dat langer werken noodzaak is en tilmachines zouden verpleegkundigen gaan vervangen. Toegegeven, bejaarden van nu zijn anders dan hun ouders en grootouders op dezelfde leeftijd waren, maar ze zijn zeker niet minder veeleisend - integendeel. En, helemaal nu de pensioenen door de bankencrisis deels in rook zijn opgegaan, lijkt het hoog tijd de vergrijzing nadrukkelijker op de agenda te plaatsen. Een schrale troost is dat de meeste Europese landen nog veel zwaarder dan Nederland worden getroffen door de vergrijzing. Hiermee rijst wel de vraag in hoeverre Nederland zich kan onttrekken aan een beroep op solidariteit met zijn partners. Zal de onbetaalbaarheid van hun pensioenen hen niet in de verleiding brengen drastische monetaire of sociale maatregelen te nemen en hoe kunnen die terugslaan op het spaarzame Nederland? Ook op deze vraag lijkt een stevig taboe te rusten.

Het meest overschatte probleem is de integratie van nieuwkomers. Hun integratieproces, gemeten volgens alle klassieke indicatoren, vordert gestaag. Onderwijsniveau, arbeidsdeelname, taalvaardigheid, politieke participatie - wat men ook gebruikt als indicator, overal wordt de kloof tussen autochtonen en allochtonen kleiner, zeker bij de tweede generatie. Desondanks heerst in brede lagen van de samenleving een gevoel dat de integratie is mislukt. Alleen met meer dwang en drang zouden de nieuwkomers nog op het juiste pad zijn te krijgen.

Het is verbijsterend hoezeer 'integratie’ de laatste jaren is geproblematiseerd, terwijl hiervoor weinig redenen zijn. Het is evenzeer verbluffend hoe hardnekkig de onjuiste beeldvorming is over het feitelijk verloop van de immigratie en de veranderingen die zich hierin de laatste tien jaren hebben voorgedaan. 'Kansarme massa-immigratie’ is iets van een ver verleden. In feite was het aandeel arbeidsmigranten en studenten onder de nieuwkomers al vele jaren niet meer zo hoog als nu. Het gevolg van deze nodeloze problematisering van immigratie en integratie is een groeiend onderling wantrouwen tussen autochtonen en allochtonen en een afnemend vertrouwen van allochtonen in hun eigen toekomst en in de Nederlandse samenleving. Zo kan een overschat probleem alsnog tot grote proporties uitgroeien…


Bekijk de pagina van Han Entzinger bij de Universiteit Utrecht