Handen in het web

4 april: Steim Dorpsavond
Als vervolg op de eerdere Geheime avondjes en Tussen de oren-concerten presenteert Steim nu een tiental Dorpsavondjes, waar de nieuwste bevindingen op het gebied van de elektronische muziek en mediakunsten het daglicht zien. Deze eerste avond was vooral bedoeld om voorzetjes te geven. Zo werden nieuwe versies van Het Web gepresenteerd, een vervolg op de befaamde Handen van Michel Waisvisz. Het principe van Het Web is dat net als bij een spinneweb, de aanraking van een draad het hele web in trilling brengt. Daardoor zijn complex samengestelde klankconstellaties mogelijk. In zijn inleiding op het instrument beschreef Waisvisz hoe de draden eigenlijk de functie van de computer vervangen. Door met de handen in het web te grijpen worden er allerlei berekeningen uitgevoerd, zonder dat de bespeler die gecompliceerde techniek hoeft te begrijpen.

De avond opende met een optreden van Edwin van der Heide, Atau Tanaka en Zbingjew Karkowski die gedrieen een reuzeweb (Het Net) te lijf gingen. Het stuk begon in totale verstilling: terwijl de drie spelers tussen het publiek op de grond zaten, waren alle ogen gericht op de grote staalconstructie waartussen een netwerk van zware, zwarte kabels was gespannen - als het ruwe tuig van een zeilschip. Een zachte, zware brom die eerder voelbaar dan hoorbaar was werd geleidelijk opgevoerd waardoor - inderdaad als bij een schip op zee - alles begon te trillen en klapperen.
Minimaal in klank en ontwikkeling was deze introductie prachtig suggestief. Het vervolg, waarbij de spelers zich letterlijk in de touwen wierpen en met steeds meer fysiek en dus akoestisch geweld zich in het touwwerk verstrikten, was spectaculair, maar theatraal gezien nog onvoldoende uitgewerkt. Toch biedt het instrument alle mogelijkheden voor een spannende performance; het drietal heeft plannen dit web op een schaal van acht bij acht meter te realiseren.
Frank Balde, een van de technische breinen op Steim, demonstreerde het kleine broertje van dit reuzeweb. Ontworpen naar het voorbeeld van een accordeon wordt dit miniweb, dat met uiterst fijn draad is bespannen, op de buik bespeeld. Balde maakte goed inzichtelijk hoe gevoelig het instrument is: de kleinste aanraking heeft een duidelijk herkenbaar effect.
Om die relatie tussen beweging en geluid is het te doen. Bleef elektronische muziek in het verleden in visueel opzicht beperkt tot twee of vier speakers, de trend die al jaren geleden op Steim in gang werd gezet heeft als doel elektronische instrumenten te ontwikkelen die ook daadwerkelijk worden bespeeld.
Pionier op dit gebied is Michel Waisvisz met De Handen, waarvan hij de nieuwste versie nog een keer presenteerde. In plaats van met kant-en-klare samples het podium op te gaan, neemt Waisvisz nu met een klein microfoontje (die op De Handen is gemonteerd) ter plekke geluiden op - zijn eigen stem, applaus, commentaar van het publiek, et cetera. Deze samples worden in een handomdraai tot micro-loops getransformeerd en vormen dan de basis voor de meest uiteenlopende manipulaties. Een luchtige tegenvoeter voor deze imposante apparatuur verzorgde Florentijn Boddendijk, die als intermezzo zijn Voeten bespeelde: al pulkend aan zijn minutieus ingetapete tenen zette hij respectievelijk een stevige Stevie Wonder-mix en een ragfijn gamelanmuziekje neer.
Belangrijkste programmaonderdeel was wellicht de introductie van videokunstenaar Steina Vasulka, die het komende jaar de artistieke leiding op Steim op zich zal nemen. Na een wat lacherig gesprek met Michel Waisvisz en Joel Ryan ontspon zich over haar hoofd heen een levendige zaaldiscussie over de vermeende eendimensionaliteit van geluid dan wel beeld. De video die Vasulka vervolgens liet zien - Noisefields, uit 1974 - maakte rap korte mette met alle voors en tegens. Dit filmpje was zo krachtig en oogverblindend dat haar reputatie rond de elektronische dorpspomp in een klap was gevestigd.