Hanneke Hurkmans was boekhandelaar, cafébaas, theaterproducent en zangeres. Ze groeide uit tot een icoon van het Amsterdamse lesbische uitgaansleven. Daarnaast was ze meer dan 25 jaar lang ambtenaar bij de gemeente Amsterdam. De manier waarop zij werkte deed echter alle associaties met ambtenarij teniet. Ze was een onconventioneel maar voortreffelijk leidinggevende, hield van korte lijnen, niet lullen maar poetsen, werd op handen gedragen en maakte er altijd een feestje van.

Hanneke werd geboren in een Brabants aannemersgezin als het vierde meisje, tot ongenoegen van haar vader, die op een zoon wachtte. Hanneke’s vader dronk te veel, wat een schaduw wierp over het gezin, maar hij leerde zijn stoere dochter ook vissen. Dat bleef ze haar leven lang doen. Een innige band kreeg ze vooral met haar moeder Miet. Die moest haar troosten als ze naar de gehate school moest. Hanneke wilde de klas alleen betreden als ze een broek kon dragen en haar accordeon mocht meenemen. Als die maar aan haar voeten stond hield ze de schooldag vol. Ironisch genoeg begon ze in 1987 in Amsterdam in stadsdeel de Pijp als… leerplichtambtenaar. Ze kon de weerstand van kinderen tegen school bijzonder goed begrijpen.

Op haar veertiende kwam ze van de mulo. Ze wilde naar de toneelacademie maar dat mocht niet: ze moest genoegen nemen met de plaatselijke toneelvereniging en het organiseren van jongerenmissen en culturele clubs samen met haar broer Piet en hartsvriendin Dymph. Ze had een baan in de boekhandel van de Abdij van Berne, later op de boekenafdeling van De Bijenkorf in Eindhoven. Hanneke wist al jong dat ze niet met een man wilde trouwen. In 1969 ontmoette ze haar eerste lesbische geliefde, ondergetekende. Ze verhuisde naar Amsterdam en had een gelukkige relatie. Daarna bleven ze levenslang bevriend.

In Amsterdam stak haar liefde voor zingen en theater weer de kop op. Ze organiseerde talloze poëzie-avonden en feesten, overal in het Amsterdamse lesbo- en homocircuit, met opera, liederen en toneel. Dat begon in de cafés die ze samen met Lon Schutte dreef, De Lange Gang (in de Langestraat) en De Potgieter (in de Potgieterstraat). In de jaren zeventig kende iedere lesbienne die cafés. Ze waren van een andere signatuur dan het tegelijkertijd geopende feministische vrouwencafé Het Schaartje, later Saarein. De Lange Gang richtte zich niet alleen op vrouwen, maar ook op mannelijke homo’s, buurtbewoners, prostituees, studenten m/v, kunstenaars en jongens van de garage ernaast. Diversiteit stond van het begin af aan in Hanneke’s vaandel. Ze was niet separatistisch, wel feministisch en deed met het grootste deel van haar clientèle mee aan elke vrouwen- of homodemonstratie. En er werd plezier gemaakt.

De plaatselijke harmonie kwam langs met de vrouwelijke stamgasten als dansmarietjes. Voetbalclub FC De Slakkengang trainde in het Vondelpark en zette een landelijke competitie op met andere vrouwencafés in den lande. Er werd een paardrijclub gestart die tijdens het eerste Vondelpark-Vrouwenfestival in 1978 optrad als het mythische Amazoneleger. Het spektakel dat de geschiedenis van de blootborstige Amazones opvoerde haalde het Achtuurjournaal. In café De Potgieter stonden opnieuw zang, variété, travestie en nachtclubachtige taferelen op het programma. Acteurs kwamen er na hun werk in de Schouwburg nog graag een souper eten.

Ze hield van korte lijnen, niet lullen maar poetsen

Omdat Hanneke na de verkoop van De Potgieter elders de kost moest verdienen, werkte ze als buurtwerker in Buitenveldert. Daar organiseerde ze dansfeesten voor jongeren met de nieuwste popmuziek, waar vanuit de Bijlmer bussen vol met Surinaamse jongeren op afkwamen. Vervolgens werkte ze een aantal jaren als producent, voor Paul Clark, die veel Samuel Beckett op de planken zette, en het mimegezelschap Onk van Will Spoor.

In 1987 begon Hanneke bij de gemeente Amsterdam: in de Pijp nam ze naast de leerplicht ook het minderhedenbeleid en de extreme overlast onder haar hoede. Ze was voorzitter van de ondernemingsraad en begeleidde de fusie met stadsdeel Zuid. In 2001 werd ze hoofd in het Amsterdamse Bos. Al haar boswachters en andere collega’s memoreren Hanneke’s grote hart, haar vaardige omgang met mensen en het werkplezier.

In de jaren negentig begon ze met kunstenaar Marianne van Hooff in het coc Royal Flush: operashows met thema’s als ‘wilde hartstocht’, ‘de moord op Navratilova’ en vele andere. Ze deed mee aan de legendarische theatergroep Tender. Ze zong bij de lesbische theatergroep Mevrouw Jansen van Hetty Kleinloog, die in de jaren negentig voorstellingen maakte over Bet van Beeren, Soeur Sourire, Anna Blaman, Annemarie Grewel en vele andere lesbische iconen. Met haar band Eau de Vie toerde ze korte tijd door het land, tot dat niet meer te combineren viel met haar baan.

En toen werd Hanneke ziek. Steeds zieker. Een zware operatie bleek tevergeefs, er was alleen maar achteruitgang en de hoop op herstel vervloog. Er kwamen mantelzorgers, vrijwilligers, honduitlaters en verpleegkundigen van wie velen met haar bevriend raakten. Hanneke had intens verdriet om alles wat ze verloor, ze leed hevig en lang, maar geluk kruipt waar het niet gaan kan. Ze slaagde erin een wereld te creëren rondom haar bed. Kort voor haar afscheid van het leven nam ze nog een schitterende cd op, met de musici aan haar voeten: Live Your Life. Filmpjes van haar performance vanuit bed zijn te zien op Facebook.

Hanneke koos haar eigen dood, in haar eigen huis, op haar moment, omringd door wie haar lief waren. Wie haar kende weet het: vier het leven. Doe het, waar en met wie je ook bent. Maak er een feestje van.