Film – Raw

Hap, slik, weg

Het fenomeen waarbij mensen in de bioscoop overgeven en flauwvallen bij het zien van enge of weerzinwekkende films is curieus. Je leest er regelmatig over, zoals onlangs toen Raw van de jonge Franse cineast Julia Ducournau in Toronto in première ging. Blijkbaar werden de expliciete kannibalismescènes ten minste twee kijkers te veel, zodat een ambulance naar de bioscoopzaal moest worden ontboden. In zekere zin is dit uitstekende reclame voor een film: de verwachting dat kijkers iets gaan zien wat een lichamelijke reactie teweeg kan brengen, werkt onweerstaanbaar.

Medium film
Garance Marillier als Justine in Raw, regie Julia Ducournau

In het geval van Raw is de berichtgeving misleidend; het gaat hier niet om een exploitatiefilm. In plaats daarvan gebruikt Ducournau de conventies van platte horror op bijna onzichtbare wijze om een intelligent verhaal over lichamen en seksualiteit te vertellen. Haar hoofdpersoon is Justine (Garance Marillier) die met haar ouders onderweg is naar de universiteit waar ze diergeneeskunde gaat studeren. Onderweg stoppen ze bij een wegrestaurant om wat te lunchen. Justine is vegetariër. Later blijkt dat ze last heeft van haar strikte eetgewoonten. Tijdens de ontgroening op de campus wordt van de feuten verwacht dat ze rauwe konijnenniertjes eten. Als Justine dat weigert krijgt ze ruzie met een ouderejaars. Haar zus Alexia (Ella Rumpf), die aan dezelfde universiteit studeert, treedt tussenbeide. Stel je niet aan, zegt ze. Kom op, hap, slik, weg. Alsnog verorbert Justine het rauwe stukje vlees.

Zo begint het. Ducournau houdt haar camera dicht bij alles: de lichamen van de tieners, de setting van studentenkamers en collegezalen en ruimten waar de studenten met zowel levende dieren als kadavers moeten werken. Het effect is dat we net zoals Justine steeds meer betrokken worden bij het fysieke. Het is alsof zij geen andere keuze heeft dan het bestaan van haar lichaam te onderkennen als iets wat haar identiteit bepaalt. In een treffende scène tilt Ducournau de camera voorbij het horizontale om een groep studenten te tonen, in een kelder kruipend in de richting van een ruimte waar een feest is. Dit is deel van de ontgroening, maar in het verbeelden van de tieners als dieren en in de beweging naar ‘iets’ toe groeit bij de toeschouwer het gevoel van onbehagen.

Het onnatuurlijke, het abjecte, komt vervolgens levensgroot en in diepe kleuren op het scherm. Wanneer Alexia per ongeluk met een schaar haar vinger eraf knipt – wat ze op verontrustende wijze niet eens zo heel erg vindt – voelt Justine een drang. Ze ontdekt wat ‘hunkering’ en ‘verlangen’ betekent, geestelijk, maar vooral ook lichamelijk. Ze is maagd, maar ook dat gaat veranderen. Zo stelt Raw vragen over wat menselijkheid is wanneer de menselijke instincten zo basaal zijn dat er bijna geen onderscheid met het dierlijke bestaat. Uiteindelijk zegt het werk vooral ook iets over vrouwelijke seksualiteit. En over de mannelijke angst daarvoor, die te oordelen naar hoe het verhaal afloopt volledig terecht is.

Te zien vanaf 27 april