Film

Hard-boiled tieners

Film: Brick

Raymond Chandler zei ooit, gevraagd naar zijn jaren als schrijver voor pulptijdschriften als Black Mask en Dime Detective: ‘Als je het niet meer weet, verzin maar een man die bij een deur binnenkomt met een pistool in de hand.’ Het is goed mogelijk dat de debuterende regisseur Rian Johnson het advies van Chandler ter harte nam toen hij het script voor Brick schreef, een moderne film noir die zich afspeelt op een middelbare school in Amerika. In plaats van geijkte verhaalformules over tienerliefde en onbeholpen seks heeft Johnson een kale, schaduwrijke wereld gecreëerd die regelrecht uit een roman van Chandler, Dashiel Hammett of James Ellroy komt. Dat maakt Brick tot een slim spel met genre, maar dan wel op verfrissende wijze zonder een spoor van postmoderne zelfbewustheid. Anders dan de personages van bijvoorbeeld Quentin Tarantino zijn de hard-boiled tieners van Johnson volledig immuun voor zelfreflectie of intertekstuele relaties tot het bronmateriaal. Zij weten niet beter; zij denken dat dit nu eenmaal is hoe de wereld werkt.

Het mooie aan Brick is dat Johnson zijn duistere wereld vooral door taal creëert. De setting is een high school anno nu, maar de personages praten als Hammetts Sam Spade of Chandlers Philip Marlowe: een pistool is een ‘gat’, een politieagent is een ‘bull’, een detective een ‘shamus’ en als je wil zeggen: ‘Het is een fluitje van een cent voor jullie gozers’, dan zeg je: ‘It’s duck soup for you yegs.’

Genre en de Amerikaanse middelbare school blijken volmaakt samen te gaan. In de laatste jaren is de middelbare school vooral op televisie een vruchtbare voedingsbodem gebleken voor allerlei verhaalvormen, van horror – bijvoorbeeld Buffy: The Vampire Slayer – tot sciencefiction – bijvoorbeeld Smallville. Maar waar regisseur Johnson vooral goed naar heeft gekeken was Twin Peaks, David Lynch’ neo-noir-sprookje over seks, drugs en de dood. Net als Twin Peaks begint Brick met de vondst van het lijk van een mooi, jong meisje gevolgd door verdriet en ongeloof en het speuren naar een oplossing van het moordmysterie. Het meisje is Emily (Emilie DeRavin) en haar vriendje is Brendan (Joseph Gordon-Levitt). Tijdens zijn speurtocht stuit Brendan (het Sam Spade-personage) op een gevaarlijk netwerk van drugs en geweld. Emily blijkt betrokken te zijn geweest bij de criminele groep The Pin, een soms angstwekkende rol van Lukas Haas. Natuurlijk is er een femme fatale, Laura (Nora Zehetner), die als haar naamgenoot in Otto Premingers magnifieke film noir Laura (1944) de mannelijke personages tot razernij drijft door haar mysterieuze schoonheid.

Door Brick rijst opnieuw de vraag waarom het noir-genre zo tijdloos is gebleken. Misschien heeft dat te maken met de wijze waarop het in noir-verhalen om fundamentele dingen draait. De grote romanschrijver James Cain stelde dat het bij noir niet om het moordmysterie gaat, maar om de motivering van de personages. Cain, auteur van onder meer Double Indemnity, in 1944 door Billy Wilder verfilmd, zei: ‘Sommige personages in mijn boeken plegen een moord, maar het is geen geheim waarom ze dat doen. Ze doen het om seks of geld of beide.’ Dat Johnson met Brick bewust of onbewust Cains adagium volgt, en Chandler en Hammett doet herleven door taal, is een prestatie van formaat. Daarom kreeg Brick, een onafhankelijke productie, terecht een speciale prijs voor originaliteit op het Sundance Film Festival.

Te zien vanaf 14 september