Harde crash voor crèches

MINISTERS NOEMEN een bezuiniging steevast een hervorming. Op het eerste gezicht toont minister Henk Kamp (Sociale Zaken en Werkgelegenheid, VVD) zich daarentegen verrassend eerlijk. Het aantal kinderen dat gebruik maakt van de kinderopvang is in de afgelopen vijf jaar verdubbeld, liet hij de Tweede Kamer weten. In die periode zijn de kosten verdrievoudigd.
Tel daarbij op de verhalen over gesjoemel met toeslagen, overvloedig gesubsidieerde opvangopa’s en moeders die op de tennisbaan staan terwijl hun kroost op kosten van de belastingbetaler wordt opgevangen. Dat schreeuwt om ingrijpen, aldus Kamp. Ouders moeten daarom vanaf 1 januari fors meer zelf betalen. Daarnaast wil Kamp ‘oneigenlijk gebruik’ van de kinderopvangtoeslag tegengaan. Om die reden wordt de vergoeding vanaf volgend jaar gekoppeld aan het aantal uren dat de minst werkende ouder draait.
Tot zo ver alles helder, al vrezen oppositiepartijen en vakbonden dat met name moeders zullen stoppen met werken. Toch weet ook deze minister zich niet te beperken tot een nuchtere bezuinigingsboodschap. Zijn aanpak veronderstelt namelijk een goed functionerende markt voor kinderopvang. Die is er niet. Nooit geweest ook. Eerder dit jaar nog concludeerde het Centraal Planbureau dat er te 'weinig echte concurrentie’ is en dat 'de keuzemogelijkheden voor ouders soms nog beperkt zijn’.
Om een groter aanbod van crèches en gastouders te stimuleren, heeft de overheid de afgelopen jaren met miljarden gesmeten. Dat had effect, in zoverre dat grote commerciële partijen zich op de sector stortten. Catalpa, de grootste aanbieder van kinderopvang in Nederland en in veel regio’s monopolist, is zelfs in handen van een Amerikaans investeringsfonds. Maar een markt is er nog altijd niet.
Dat heeft gevolgen voor Kamps bezuinigingen. Het koppelen van de kinderopvangtoeslag aan het aantal gewerkte uren klinkt logisch. Maar de haperende marktwerking werpt hindernissen op. Een magazijnmedewerker die door de crisis wordt gedwongen tot kortere werkweken moet als het aan de minister ligt direct het aantal opvanguren terugschroeven. Anders betaalt hij zelf de rekening. Helaas hanteren veel crèches een opzegtermijn van twee maanden. Dat is al snel een kostenpost van ruim duizend euro. En wat te doen met een nul-uren-contract, zoals in de horeca gebruikelijk is? Of de secretaresse die vijf ochtenden per week op kantoor moet zijn? Omgekeerd wordt verondersteld dat werkloze ouders die een baan vinden direct opvang kunnen krijgen. Maar daarvoor zijn de wachtlijsten veel te lang.
Kamp gaat ervan uit dat de wet van vraag en aanbod hier zijn werk zal doen. Als gevolg van de bezuinigingen zullen de wachtlijsten teruglopen. Wellicht gaan kinderopvangbedrijven zelfs flexibelere arrangementen aanbieden, afgestemd op ouders die halve dagen werken. Echt waar? In de haperende markt van kinderopvang bezitten veel aanbieders feitelijk een monopolie. Zolang er geen concurrenten zijn naar wie de klant snel kan overlopen, hebben zij weinig redenen diens zorgen serieus te nemen. Daarin geloven is meer dan naïef. Dat is een beroerd verkooppraatje.