Hardnekkige vakbond

HET HOOG opgelopen conflict binnen de vakcentrale FNV, dat dreigde te eindigen in een schisma, moet worden opgelost door de vakcentrale te laten verdwijnen en daarvoor in de plaats de Nieuwe Vakbeweging te laten herrijzen. Alle bestuurders van de aangesloten bonden hebben daar afgelopen weekeinde in Dalfsen mee ingestemd. De twee bestuurders die het conflict verpersoonlijkten, vakcentralevoorzitter Agnes Jongerius en voorzitter van FNV Bondgenoten Henk van der Kolk, zullen in die nieuwe vakbeweging in ieder geval geen functie meer vervullen.
Het conflict barstte naar buiten bij de onderhandelingen over de verhoging van de pensioengerechtigde leeftijd, maar sluimerde al geruime tijd. Het draait om macht. Wie heeft het in de vakcentrale voor het zeggen: de bonden met de meeste leden of blijven alle bonden in het hoofdbestuur evenveel in te brengen hebben? En volgt de vakcentrale dan de SP-lijn of de PVDA-lijn in de uitgedragen standpunten? Het draait ook om vernieuwing. Hoe kan een vakbeweging in deze tijd weer aantrekkelijk worden voor moderne werknemers?
Sterft, gij oude vormen en gedachten, moeten de twee verkenners Herman Wijffels (CDA en oud-SER-voorzitter) en Han Noten (PVDA-senator) hebben gedacht. Alleen dan kunnen twee vliegen in één klap worden geslagen. Daarom weg met de bureaucratische moloch die de vakcentrale is, met zijn negentien aangesloten bonden die ieder op zich ook weer hun eigen besturen en congressen hebben. Dat werkt niet alleen verlammend, de jongere generatie loopt daar ook niet voor warm.
Daarvoor in de plaats moet een vakcentrale komen waarin werknemers veel meer dan nu georganiseerd zijn naar beroepsgroep en waarin ook plaats is voor jongeren, zelfstandigen en ouderen. Onder meer Bondgenoten van Van der Kolk is het soort bond waar mensen met totaal verschillende beroepen lid van zijn. Dat heeft de bond groot gemaakt, maar een werknemer met een specifiek beroep kan er niet goed terecht voor vragen die direct met zijn werk te maken hebben. De werknemer van nu heeft daar behoefte aan.
De ironie wil dat al in de jaren zestig de voorzitter van het toenmalige NVV, Andries Kloos, voor een dergelijke vakcentrale pleitte. Dat zou niet alleen goedkoper in de organisatie zijn, maar een anders georganiseerde vakcentrale zou ook beter kunnen reageren op nieuwe technologische ontwikkelingen. Dat het ruim veertig jaar heeft geduurd voordat wat toen al nodig was gaat gebeuren, zegt veel over de hardnekkige cultuur binnen de FNV, waarin het NVV en het katholieke NKV in de jaren zeventig zijn opgegaan. Het is direct ook het grootste gevaar dat de omvorming tot een waarlijk nieuwe vakcentrale bedreigt: het oude machtsdenken bij de oude poppetjes. Er zullen meer mensen dan Jongerius en Van der Kolk moeten verdwijnen om die cultuur daadwerkelijk te doorbreken. De aarzelingen bij de achterban van Van der Kolk, FNV Bondgenoten, om op deze weg daadwerkelijk verder te gaan, doen het ergste vrezen.