Hardware

Het toestel was twintig jaar oud. Draaiden we er de kleur niet uit, waardoor het beeld zwartwit werd met vermoedens van sepia, dan had elke presentator, acteur en tennisser ernstige verschijnselen van hoge bloeddruk, leverkwalen en overmatig alcoholgebruik. Vreemd genoeg went dat en vertaalden we onbewust de dodelijk zieke naar de min of meer gezonde persoon die we ooit dankzij ons nog vitale toestel hadden leren kennen. Van contrastwerking had het dementerende apparaat geen weet meer en voetbal speelde zich af op Afrikaans geblakerde vlakten tussen door dolgeworden modeontwerpers aangeklede teams.

Niet armoe hield ons van vervanging af maar gelijkenis met de indolenten uit Ward Ruyslincks De ontaarde slapers, en bij háár ook weerzin tegen aanschaf van welk apparaat uit het elektronisch Walhalla dan ook. Die zo ver gaat dat de vervanging van ballpoint en papier door tekstverwerker nog altijd gezien wordt als modieuze frats en geldverspilling. (Dat het softwareprogramma Word opent met de afbeelding van een vulpen - scalp van de vermoorde vijand - valt overigens moeiteloos in de categorie gotspe te plaatsen.) Na maanden groeide desondanks het besef dat een tv-beeld aan minimale eisen moet voldoen. Dus begon mijn queeste langs buisaanbieders. Rijen merken en formaten, in volkse ketens afgestemd op RTL of MTV en haar epilepsie-opwekkende clips; in meer sophisticated zaken op de publieken. Gruwelmeubels, kamerbrede schermen, door de uitverkoop uitgeputte verkopers die het worst was wat ik aan zou schaffen als ik maar… bij hem… en snel…, terwijl beslissen mijn zwakke punt is. Tot ik een beeld zag dat zich onderscheidde: stil als dat van foto’s. ‘Ja meneer, 100 Herz.’ Ik was verkocht en kocht, ook verleid door het enorme verschil tussen advies- en verkoopprijs, want van psy- chologie weten ze daar alles. Thuisgekomen bejubelde ik alle zenders tussen Veronica en Rai Uno. Tegen beter weten in, want merkwaardige beeldgolven die in de winkel ontbraken leidden tot heimelijk angstzweet. Waarom doet alles het bij anderen toch altijd gewoon? Tot overmaat telefoon: reparatie van de videorecorder die we maandenlang kapot hadden laten staan alsof de makke over zou gaan als een koutje, werd beduidend duurder dan aanschaf van een nieuwe. Waarheid of verkooptruc? Nooit weet de leek het. We schaften er een aan; die produceerde een horizontaal bibberend beeld - nu hadden we voor anderhalf mille twee problemen. Handelen was geboden. De recorder deed het, teruggebracht, in de winkel voortreffelijk. Dus kreeg ik hem weer mee, met tips. Die niet baatten. Terug. Ander exemplaar. Zelfde gestoorde motoriek. Een frisse jonge monteur kwam, hield een half uur een monologue interieur, toverde met de afstandbediening fabuleus stilstaande teksten en kolommen in beeld, maar de banden bleven beven.
Ik zette koffie en hoorde na een uur 'Read the fucking manual’. Hij schrok er zelf van en zei: 'Ik heb het tegen mezelf.’ Die manual heeft de omvang van het Oude Testament en is geschreven als de Steen van Rosette. Maar prachtig videobeeld. En die golven zouden weggaan met een 100 Herz-kabel. Had niemand dat gezegd? Die verdomde verkopers ook! Hij weg. Die kabel helpt. En bespeelde banden draaien we moeiteloos af. Alleen opnemen wil niet lukken, wat het manual ook orakelt. Daar moeten we dan maar mee leven.