Toneel - Ik kom terug

Hartbrekende poldertragiek

Voor de hausse aan lentepremières losbarst, kunnen nog net een paar voorstellingen worden ingehaald. Daaronder Ik kom terug, vrij naar het bejubelde ‘moederboek’ onder dezelfde titel (2014) van Adriaan van Dis, al sinds Kerstmis 2015 rondreizend als toneelvoorstelling.

Medium ik 20kom 20terug 20  20copyright 20annaleen 20louwes 20  20liggend

Met de auteur als (niet helemaal) zichzelf, en Olga Zuiderhoek als Moeder duvelstoejager. Het stuk beoogt geen dramatisering van het boek te zijn, is eerder een ‘toneeldocumentaire’ over het maken ervan. Regie: Michiel van Erp, regisseur van talloze, ook bekroonde documentaires. Kern van het boek? Schrijver bezoekt zijn bejaarde moeder. Beiden spelen gedurende weken, maanden, jaren verstoppertje en diefje-met-verlos. Moeder verstopt haar pijn en genegenheid voor de zoon. Zoon raakt door haar gedrag geïrriteerd, hij probeert wat verschaalde moederliefde te stelen en smeekt regelmatig de goden hem van haar te verlossen. Het boek is een kruidenmengsel van hartbrekende poldertragiek, Indische geuren en larmoyant getut. Ik heb het in een paar nachten gretig verslonden.

Midden op de speelvloer staat de stoel van de moeder, als stille getuige, een soort sarcofaag met gebatikte doeken, de troon van de koningin die maar al te graag wil aftreden (lees: sterven), maar die de tekst van de abdicatietoespraak heeft zoekgemaakt. De constructie van de pauzeloze avond lijkt vanuit en rondom die stoel te zijn gebouwd. De vesting wordt van diverse kanten aangevallen, maar ze valt nimmer. Van Dis is een bevlogen verteller, geen acteur – dat pretendeert hij ook niet, hij probeert het af en toe stoutig, maar hij heeft geen schijn van kans. Want Olga Zuiderhoek is uitgerukt, als een soort eenmansguerrilla.

Ze gaat die letterknecht mores leren, en dat doet ze met de moordzuchtige strijdlust waar moeder Van Dis een hoop van in huis moet hebben gehad. Ze spreekt in een taal van ver weg, met woorden en zinnen van verminkt verdriet en beschadigde ironie. Ze is een raadsel in zichzelf. In de woorden van de auteur (uit het boek): ‘Bij het uitlaten pakte ze mijn arm voor evenwicht. Ze kneep me zacht, hard en weer zacht, kort-hard-lang-kort-lang. Morsetekens die ik niet begreep. Ik vertraagde mijn pas, gaf haar een vluchtige kus en pelde haar van me af. Toch liet ze me niet los.’

Wanneer Olga Zuiderhoek eventjes niet de moeder ‘doet’ maar vooral de duvelstoejager van de auteur is, zet ze via een stel nuchtere en zinnige vragen een aantal eigenaardigheden van moeder en zoon in een ander (toneel)licht. Dat is geestig, dat geeft lucht aan een hoop zwarigheid. Zuiderhoek speelt een geaard alter-ego van de soms lichtelijk hysterisch opererende verteller/schrijver. Moeder Van Dis kwam per slot van het platteland: ‘Soms moet je hard zijn, uit respect voor het leven. Iedere boer weet dat.’

Ik kom terug speelt nog t/m 8 mei overal in het land. Speellijst: ikkomterug-toneel.nl


Beeld: Olga Zuiderhoek en Adriaan van Dis in Ik kom terug (Annaleen Louwes)