Kunst als sociaal project

Hartenhuis

Een Amerikaanse tweeling die lijdt aan het syndroom van Gilles de la Tourette wil graag bij elkaar in de buurt wonen. Maar dat verergert beider ziekteverschijnselen. Een huis, bedacht door een kunstenaar en een architectenbureau, kan als sociaal project uitkomst brengen.

Toen de achtjarige Britta de Gelder op een dag uit onrustige dromen ontwaakte, verbaasde zij haar ouders met de bekentenis dat zij de kont van een aantal mensen had gelikt, dat zij haar eigen urine had gedronken en dat zij een grote groep mensen, die zij met naam en toenaam opsomde, haar geslachtsdelen had getoond. Later die dag, na schooltijd, voegde zij daaraan toe dat zij op en rond het schoolplein haar ontlasting had verspreid. Geen van de uitlatingen van het meisje bleek op waarheid te berusten: ze werden haar ontlokt door de dwangmatige, oncontroleerbare neiging om ongewenste, «verboden» uitspraken te doen. Van de ene op de andere dag was in het hoofd van het meisje het syndroom van Gilles de la Tourette ontwaakt.

Het syndroom komt voor in vele vormen. Sommige lijders hebben last van motorische tics: ongecontroleerde bewegingen, het steeds willen aanraken van dingen, plotseling rennen of trekken aan kleding of lichaamsdelen (oren!), dwangmatig kopje rollen, et cetera. Anderen lijden aan psychische dwangneuroses, bijvoorbeeld de dwangmatige angst geliefden of kinderen kwaad te zullen doen, of aan vocale tics zoals schreeuwen en grommen. Maar ook aan tics als die van Britta de Gelder.

Hoewel het een zeldzame ziekte is, bleef het syndroom van Gilles de la Tourette niet onopgemerkt. Het is de televisieziekte bij uitstek — zielig en lachwekkend tegelijk. Dit heeft ongetwijfeld te maken met het sensationele karakter van Tourette, maar in elk geval ook doordat het een tweeslachtigheid blootlegt die in ieder mens wortelt. Touretters komen tot hun gedrag door de afstand die er heerst tussen emotionele impulsen en sociale conventie. De innerlijke disciplinering die onze motoriek, onze stem en onze gedachten beheerst, is bij hen letterlijk «verziekt».

Daarbij is het een heel rijke ziekte. Naast de inmiddels meer dan honderdvijftig verschillende bekende tics, die alle weer verschillende verschijningsvormen laten zien, heeft een groot aantal Touretters ook last van zogenoemde «savant-kwaliteiten». Ze kunnen soms razendsnel tellen, ongelofelijke hoeveelheden onzinnige informatie onthouden en een onwaarschijnlijke vaardigheid verkrijgen in allerlei taalspelletjes. Het is een ziekte die de disciplinering van ons brein aantast, maar er vervolgens — de teugels los — onbekende krachten aan lijkt te ontlokken. Het syndroom van Gilles de la Tourette is gedeeltelijk een ziekte van de verbeelding.

Zo geredeneerd is het eigenlijk vreemd dat kunstenaars zich niet eerder op grote schaal met Tourette zijn gaan bezighouden. De spanning tussen innerlijk en uiterlijk die de ziekte blootlegt, de drang om sociale conventie te attaqueren door shockerend gedrag, de barokke virtuositeit van haar verschijningsvormen — het zouden allemaal goede redenen zijn geweest voor de gespannen aandacht van de artistieke beroepsgroep.

Het moet desalniettemin een merkwaar dig moment van verlichting zijn geweest toen beeldend kunstenaar Berend Strik in een flits de artistieke mogelijkheden zag van het merkwaardige ziektegeval dat hij bij toeval in de Verenigde Staten op zijn weg vond.

Claudia en Carla, eeneiige tweelingen, lijden beiden aan een hevige vorm van het syndroom van Gilles de la Tourette. Zoals alle eeneiige tweelingen willen zij graag veel in elkaars gezelschap verkeren en voelen zij zich onthand wanneer zij geen onderling contact kunnen hebben. Zij zien echter voortdurend hun eigen ziekte weerspiegeld in elkaar. Aangezien de meeste Tourette-tics worden opgewekt door impulsen van buiten, versterken de zussen elkaars ziekteverschijnselen in hevige mate. Wanneer een van de zussen een goede dag heeft en in staat is haar tics te beheersen, zal een uitbarsting van haar zus genoeg zijn om het gevonden evenwicht te verstoren.

Samenleven is voor Claudia en Carla vrijwel onmogelijk, maar ook een doorlopende scheiding kunnen zij niet aan. De huizen waarin Claudia en Carla tot nu toe woonden, verlieten zij alle na verloop van tijd omdat de beide zussen door hun gedrag het huis letterlijk afbraken. De buren klaagden over voortdurend gegil en gekrijs, en door het harde slaan met de deuren — typische tic — braken deze steeds weer uit hun sponningen. De zussen waren voortdurend overgeleverd aan de carnavaleske grillen van hun verziekte verstand.

De relatie van Claudia en Carla heeft voor de personen in kwestie ongetwijfeld iets van een danteske hel, maar biedt de beschouwer een zinnenprikkelende karikatuur van de condition humaine. De zussen vertonen een voortdurende, zelfvernietigende drang tot aantrekken en afstoten van elkaar; hebben een allesoverheersend verlangen om normaal te worden gevonden in combinatie met de onbedwingbare aandrang om die autoritaire «normaalheid» te attaqueren en te vernietigen, en hebben de zich herhalende aandrift om de eigen plek te ontvluchten, direct gevolgd door de blinde wens om terug te keren. Elk van deze zeer menselijke, bijna alledaagse dichotomieën krijgt in de relatie van Claudia en Carla een nooit vertoonde koortsachtige hevigheid.

Toen Berend Strik besloot om Claudia en Carla onderwerp te maken van een nieuw, veelomvattend kunstwerk, moest hij eerst twee vragen oplossen; één van morele en één van artistieke aard. Respectievelijk: «Hoe moest het leven van de tweeling worden getransformeerd tot een kunstwerk zonder hen te degraderen tot objecten en hun lijden te exploiteren?» En: «Hoe moest een onderwerp dat in werkelijkheid al zo fantastisch, grotesk, theatraal en emotionerend is, worden omgezet in een product van de verbeelding, zonder op vrijwel alle fronten aan zeggingskracht in te boeten?»

Die vragen zijn niet los van elkaar te zien. Wie volledige consideratie aan de dag zou leggen en de private levenssfeer van de tweeling volledig zou respecteren, zou een kunstwerk maken dat een slap aftreksel van de werkelijkheid blijkt. Wie daarentegen naar totale effectiviteit streeft en de twee zussen als menselijke «readymades» in een museumzaal zou zetten, behaalt een artistieke overwinning, maar toont daarmee zijn morele faillissement.

Berend Strik loste dit op door zijn kunstwerk tot een sociaal project te maken. Samen met het architectenbureau One Architecture besloot hij bij wijze van kunstproject een huis te ontwerpen waar de tweeling in relatieve vrede bij elkaar zou kunnen wonen. De zusjes hebben echter geen gevoel voor moderne beeldende kunst. Wilde het project slagen en daadwerkelijk leiden tot een concept waarbij Claudia en Carla zich gelukkig voelen, dan moest er goed worden geluisterd naar hun wensen.

Berend Strik bezocht de tweeling lang durig en leerde dat zij hielden van zachte pasteltinten, bloemen en harten. Vooral dat laatste, de iconische hartvorm, misschien wel het meest uitgeteerde, meest gecommercialiseerde van alle moderne symbolen, bracht de kunstenaar en de architecten op een idee.

Zij construeerden het huis van Claudia en Carla als een paar in elkaar geschoven harten. Een hart heeft twee kamers die met elkaar in verbinding staan door kleppen die maar naar één kant open kunnen. Dit werd doorgetrokken in het ontwerp. Het huis van de tweeling heeft twee «kamers» die verbonden zijn door interne deuren die slechts naar één kant open kunnen. Binnen in het hartenhuis bevindt zich een gemeenschappelijke ruimte (het hart van het huis) die is verbonden met de woonruimtes, door deuren die maar naar één kant open kunnen. Zodanig dat ieder van de zussen kan bepalen of zij de tussenruimte betreedt, maar het onmogelijk is voor de ander om de ruimte van zusterlief te betreden. Zo kunnen zij elkaar ontmoeten, maar altijd met de zekerheid dat zij zich indien gewenst volledig kunnen terugtrekken. De deuren in het huis zijn van rubber zodat zij er naar hartelust mee kunnen gooien. De muren zijn rond, zacht, in zachte tinten geschilderd en zeer goed geïsoleerd.

In een lange rij faxen vol schetsen, tekeningen en teksten liet Berend Strik de tweeling getuige zijn van zijn artistieke denkproces. One Architecture bouwde het concept van het hartenhuis verder uit en maakte een maquette. Strik maakte vervolgens op foto’s van de maquette een serie van zijn beroemde stiksels. Zo werden niet alleen het project en het ontwerp kunstwerken, maar fungeerde het hele project ook weer als motor voor nieuwe kunstwerken.

De bouw van het huis zelf moet het uitroepteken achter het gehele project zijn. Strik en One Architecture willen het de zussen aanbieden als geschenk. Vooral in Amerika zijn ze op dit moment naarstig op zoek naar sponsors.

Het gebeurt niet vaak dat een artistiek project op zo’n pregnante manier vraagstukken behandelt als de relatie tussen kunst en moraal, de maatschappelijke rol van de kunstenaar, en de relatie tussen kunst en werkelijkheid. Maar bovenal is het project van Berend Strik en One Architecture een lofzang op de liefde, empathie en zachtheid, en op de kracht van de verbeelding over de destructie.

u

De naam van Britta de Gelder is gefingeerd

Twaalf stiksels van Berend Strik, alle gebaseerd op het nieuwe huis van Carla en Claudia, en de maquette van One Architecture, zijn tot en met 31 december 2002 te bezichtigen in het Stedelijk Museum in Amsterdam, als onderdeel van de tentoonstelling Life in a Glass House (Voorstel tot Gemeentelijke Kunstaankopen)