MUZIEKTHEATER

Haydn tegen milieurampen

Operadagen

Achteraf lijkt het of het er allemaal bij hoort. Niemand in Rotterdam kan me uitleggen waar de Graansilo staat. Toch is er een metrolijn die er stopt. Bij dat geheimzinnige station Maashaven zie je alleen een gigantisch viaduct en een groot, grauw, gesloten gebouw, waarop niets te lezen is. Er is alleen een grauwe deur, zonder bel of kruk, met een paar verdwaalde mensen die ook naar The Air We Breathe van de jonge componist Merlijn Twaalfhoven willen. Dan gaat die grijze deur langzaam open en er komt een hemels gezang naar ons toe, geheimzinnig, plechtig. In een lange, donkere gang staan vrouwen en mannen in werkoveralls. Er klinken fabrieksgeluiden uit ijzeren kasten. We moeten trappen af, trappen op, gangen door, gestuurd door kleine meisjes die ons ernstig en strak aankijken. In een grote ruimte worden we schilderachtig op allerlei pallets en kisten neergezet, zodat het publiek vanzelf het decor wordt. Feestelijk geklede zangeressen en zangers komen uit het publiek naar voren, ze zingen weer zo ongrijpbaar mooi. Zijn het woorden? Zinnen? Er komt een tekst steeds terug: ‘Geef me dit moment. Het is nu tijd.’ Het klinkt soms weemoedig, soms aanstekelijk, soms wanhopig. Ik lees dat er Bulgaarse, Marokkaanse, Zweedse en jazz-zangers zijn, het is een geheel. De zangers dirigeren het publiek, dat zachtjes mee gaat zingen. Merlijn Twaalfhoven dirigeert hen weer opvallend onopvallend. Een ruimtelijke muzikale beleving zonder hoofdpersoon, verhaal of moraal. Behalve deze: 'This is the moment. Join the Music.’ Is dit een opera of een geluidslandschap?
Het is bijzonder van de Operadagen dat het soms spectaculair is, soms rommelig en onverwacht. In de schouwburg zag en hoorde ik Dido en Aeneas van Henry Purcell, een van de oudste, droevigste en populairste opera’s. De Belgische dirigent Nicolas Achten leidde een kleingehouden orkestje met authentieke instrumenten. De Amerikaanse regisseur Timothy Nelson maakte van koningin Dido uit Carthago een depressieve huisvrouw in een buitenwijk en van de Trojaanse held Aeneas een louche handelsreiziger. Er is weinig of geen liefde tussen hen, alleen een bosje lelijke bloemen. Vier koorleden sjouwen met stoelen, dat vind ik nogal fantasieloos. Maar Rosanne van Sandwijk zingt heel erg mooi. Zij is Dido en ook de tovenares die haar ondergang wil.
Hoogtepunt van deze Operadagen is waarschijnlijk Die Jahreszeiten van Joseph Haydn, gespeeld door barokensemble B'Rock en gezongen door Vocalconsort Berlin onder leiding van barokspecialist Christopher Moulds, met tenor Tom Randle, bas Tim Mirfin en sopraan Robin Johanssen als solisten. Het wordt geregisseerd door Mirjam Koen en Gerrit Timmers van het Onafhankelijk Toneel, die naam maakten met The Death of Klinghoffer van John Adams, Kwasi en Kwame naar De zwarte met het witte hart van Arthur Japin en vorig jaar de herontdekking van Le vin herbé van Frank Martin.
De vier jaargetijden staat bekend als een oratorium dat eigenlijk bestaat uit een losse samenvoeging van vier cantates. Haydn schreef het in 1801 op een romantische tekst van Gottfried van Swieten, een in Leiden geboren Weense bibliothecaris, vrijmetselaar en muziekliefhebber. Op een naïeve wijze wordt de natuur en de gang der seizoenen bezongen. Koen en Timmers plaatsen dat in de moderne wereld waarin van natuur nauwelijks meer sprake is, wel van natuurrampen en milieurampen en van mensen die daartegen in opstand komen. Het ziet er (op de trailer) overweldigend uit en klinkt misschien nog veel overweldigender.

The Air We Breathe van Merlijn Twaalfhoven, donderdag 26 en vrijdag 27 mei in de Maassilo, Maashaven Zuidzijde, Rotterdam (metro: Maashaven). Die Jahreszeiten van Joseph Haydn, vrijdag 27 en zondag 29 mei in het Nieuwe Luxor Theater, Posthumalaan 1, Rotterdam.www.operadagenrotterdam.nl