Profiel: De heerser van Syrië zit in het nauw

Heerser in het nauw

Het Midden-Oosten is uit het lood geslagen. Met alle gevolgen van dien voor het regime van Bashar al-Assad, de jonge president van Syrië.

In Brussel stelden de erewachten zich al op en de blaaskapel blies zich warm. President Bush’ Air Force One was in aantocht, en Javier Solana, de coördinator van het buitenlandse beleid van de Europese Unie, gaf een interview. In de International Herald Tribune schetste hij een inktzwart beeld van de situatie in het Midden-Oosten. De verkiezingen in Irak mochten dan een succes zijn geweest, het ging er maar om wat voor regime het tot resultaat zou hebben. De regio was hoe dan ook totaal uit het lood geslagen. «Ik kan u vertellen, als u naar Jordanië gaat en spreekt met de koning, dan ziet u een man in paniek.» Ook Hosni Mubarak, de president van Egypte, is volgens Solana «in paniek». Solana vergat Bashar al-Assad te noemen, de onopvallende, jonge president van Syrië. Als er één in paniek is, met Amerikaanse troepen aan zijn oostgrens in een desintegrerend Irak, een ijzersterk Israël voor de deur en een rebellerend Libanon in de achtertuin, dan is hij het.

In Brussel had Bush de mond vol van vrede en democratisering in het Midden-Oosten. Het moet Bashar al-Assad de stuipen op het lijf gejaagd hebben. Vrede en democratisering in de landen om Syrië heen betekent naar alle waarschijnlijkheid het einde van de dictatuur van de Syrische Baath-partij, en daarmee van Bashar zelf. Syrië is een maatschappij «in gevangenschap», zoals een prominente zakenman uit Aleppo het eens aanduidde. De mukhabharat (de geheime dienst) controleert alle lagen van de samenleving en de partij en het leger zijn oppermachtig. Palestijnse verzetsorganisaties en de Libanese Hezbollah zijn kind aan huis in Damascus. Bashar heeft vijanden nodig, vrede zou wel eens kunnen leiden tot democratische onrust thuis. Dat was de achterliggende reden van het mislukken in 2000 van het vredesoverleg met Israël, dat de Syrische Golanhoogte bezet houdt en officieel nog altijd in oorlog is met Damascus.

Sinds 1976 zijn er duizenden Syrische troepen gestationeerd in Libanon en ook daar heerst de mukhabharat. In Brussel wond de Amerikaanse president er geen doekjes om: «Onze gezamenlijke toewijding aan het democratische proces wordt op de proef gesteld in Libanon, ooit een bloeiend land, dat nu zucht onder de invloed van een onderdrukkend buurland. Net zoals het Syrische regime meer actie moet ondernemen om diegenen tegen te houden die geweld en opstand steunen in Irak en haar steun moet stoppen aan terroristische groepen die erop uit zijn de hoop op vrede tussen Israëliërs en Palestijnen te vernietigen, zo moet Syrië eveneens zijn bezetting van Libanon beëindigen.»

De moord vorige week op Rafiq Hariri in Beiroet, de Libanese ex-premier en parlementariër die de oppositie tegen Syrië aanvoerde, wordt door velen toegeschreven aan Damascus. Hariri was een persoonlijke vriend van Thomas Friedman, columnist en voormalig Midden-Oosten-chefcorrespondent van The New York Times. «Het zal moeilijk zijn te bewijzen wie Hariri vermoord heeft», schreef Friedman vorige week in zijn column: «Maar de bende die Syrië regeert had alle mogelijkheden, ervaring en motieven om de Libanese staatsman te vermoorden als straf voor zijn inspanningen om Parijs en Washington achter de recente VN-resolutie 1559 te krijgen, die opriep tot Syrië’s onmiddellijke terugtrekking uit Libanon.»

Friedman geeft een ijzersterke karakterschets van het Syrische regime: «Als Syrië’s Baath-kliek het gevoel heeft met de rug tegen de muur te staan, grijpt het steeds naar ‹Hama Regels›. Dat is een term die ik muntte nadat het Syrische leger een deel van zijn eigen Syrische stad Hama vernietigde – en dan bedoel ik: vernietigde – om een opstand aldaar van soennitische moslimfundamentalisten neer te slaan in 1982. Tussen de tien- en twintigduizend Syriërs werden begraven in het puin. De moord op Hariri, een selfmade miljardair die zijn geld en energie stak in het wederopbouwen van Libanon na de burgeroorlog, vertoonde alle tekenen van Hama Regels. Met 650 pond dynamiet werd zijn gepantserde auto opgeblazen. Het was een boodschap van het Syrische regime aan Washington, Parijs en de Libanese oppositie: ‹Als je je met ons wilt meten, wees dan maar bereid om de Hama Regels als spelregels te accepteren – en Hama Regels, dat betekent dat alles is toegestaan. Als je ons wilt samenpersen tussen Irak en de Libanese oppositie, dan zul je met meer moeten aankomen dan met VN-resoluties. Wees maar bereid om tot het uiterste te gaan, want dat is wat wij zeker zullen doen. Maar jullie Amerikanen zijn uitgeput door Irak, en jullie Libanezen hebben niet de moed om tegen ons in opstand te komen, en jullie Fransen mogen dan een pittig croissantje kunnen bakken, Hama Regels hebben jullie niet in je arsenaal. Dus onthoud: hier blazen wij ministers op. We schieten journalisten dood. We vuren op het Rode Kruis. We vernietigden een van onze eigen steden. Wil je het spel spelen volgens de Hama Regels, laat dan maar eens zien wat je in huis hebt. En anders, hasta la vista, baby.›»

Het is tekenend dat Friedman Bashar niet noemt. Wie Hariri ook vermoord heeft, de gevolgen van zijn dood zullen zwaar op Syrië drukken en zijn zeker niet in het voordeel van de jonge president. De Verenigde Staten riepen hun ambassadeur terug en verhoogden de toch al gigantische pressie die ze op Damascus uitoefenen. Bashar kon maar één ding doen: toegeven. Hij heeft inmiddels laten weten dat het nooit de bedoeling was dat zijn troepen voor altijd in Libanon blijven en dat «binnen afzienbare tijd» met de terugtrekking zal worden begonnen.

Bashar al-Assad zou waarschijnlijk een kliniek voor oogheelkunde gerund hebben als zijn broer Basil in 1994 niet was omgekomen bij een auto-ongeluk. President Hafiz al-Assad, bijgenaamd «de Leeuw van Damascus», had Basil voorbestemd en klaargestoomd om het presidentschap over te nemen. Hafiz regeerde met harde hand. Hij was het die Hama met de grond gelijk liet maken en duizenden Syriërs liet opsluiten en martelen wegens de minste kritiek op de Baath-partij. Bashar was niet zijn vaders eerste keus en er restte maar weinig tijd hem op te leiden. Hafiz leed aan allerlei kwalen en stierf in juni 2000, na een harde heerschappij van dertig jaar. Bashar, nog geen 35, was niet klaar voor het ambt, al deed Damascus anders geloven. Haastig werd de minimumleeftijd voor het presidentschap in de grondwet veranderd.

Bashar werd geboren in 1965 als derde kind van president Assad. Aangezien hij niet degene zou zijn die zijn vader zou opvolgen, werd hij zoveel mogelijk afgeschermd van het politieke leven. Bashar, verlegen en teruggetrokken, ging zijn eigen weg. Hij studeerde van 1988 tot 1992 oogheelkunde aan een militair hospitaal in Damascus en vertrok vervolgens naar Londen om zijn studie voort te zetten op een hoger niveau. Daar leerde hij het internet kennen: hij werd een verwoed gebruiker. Tijdens de laatste jaren van zijn vaders heerschappij profileerde hij zich als hervormer. Hij wilde de verstokte, staatsgeleide economie van Syrië moderniseren. Daarbij zou het internet een grote rol moeten spelen. Dus werd Bashar een belofte: hij zou wellicht de strakke teugels van de Baath-heerschappij laten vieren.

Het begon goed. Toen Bashar net aan de macht was, liet hij honderden politieke gevangenen vrij en gaf hij enkele onafhankelijke kranten toestemming te verschijnen. Een groep intellectuelen die democratische hervormingen wenste kon openlijk politieke bijeenkomsten houden. Maar een paar jaar later werden de hervormingen teruggedraaid. Democratische activisten werden gearresteerd en kranten opnieuw verboden. Nog altijd kent Syrië duizenden politieke gevangenen. Marteling is er een standaardmiddel.

Bashar verlegde zijn hervormingsdrang naar het economische domein. Er kwam internet, maar e-mail en de toegang tot websites werden door het regime gecontroleerd. En hij kwam met een plan voor private banken om zo de economie langzaam open te breken. Maar dat plan stamt al van meer dan een jaar geleden en er is nog niks gebeurd. Geen wonder: de oude garde van officieren, Baath-politici en mukhabharat-functionarissen ontleent haar macht grotendeels aan haar greep op de economie. Het was volgens analisten waarschijnlijk diezelfde oude garde die Bashar dwong de hervormingen aan banden te leggen. En wie weet, misschien zit zij ook achter de aanslag op Hariri.

Volgens Syrië-watchers mist Bashar rijpheid, ervaring en zelfvertrouwen. Hij heeft geen charisma en geen leiderschapskwaliteiten. De familie Assad behoort tot de kleine minderheid der alawieten, die er een gematigde interpretatie van de islam op nahouden. In de radicaliserende moslimsamenleving, en in het aangezicht van een Israëlisch-Amerikaanse omsingeling, is er maar één manier om zijn positie te behouden: met keiharde onderdrukking en het toepassen van Hama Regels.

De Israëlische Syrië-expert Eyal Zisser geeft Bashar geen schijn van kans. Bashar mist het killer-instinct dat nodig is om zich onaan tastbaar te maken, en democratische her vormingen zullen door de oude garde niet worden geaccepteerd. Bashar is een marionet, meent Zisser. Zelfs zijn eigen alawitische clan had bedenkingen bij zijn aanstelling. Twee broers van Hafiz al-Assad uitten openlijk hun twijfels.

In een interview met de Egyptische krant Al-Ahram legde de oude vos Mustafa Talas, minister van Defensie en een jarenlange vriend van Bashars vader, uit hoe de vork in de steel zit: «Toen Assad stierf meenden we dat ik of vice-president Abd al-Halim Khaddam hem moest opvolgen. Maar omdat we al voorbij de zeventig waren vreesden we een situatie waarin we elk jaar een nieuwe leider moesten kiezen, zoals in de Sovjet-Unie gebeurde. We kwamen tot de conclusie dat Bashar wel degelijk in staat was zijn vader op te volgen. (…) Bashar is een jonge, veelbelovende leider en hij kan rekenen op onze steun.»

Had Bashar ook maar een greintje Hama-gevoel in zich, dan had hij na dat denigrerende interview korte metten laten maken met de oude kliek. Maar hij deed niets. Hij moet het gevoel hebben dat het water hem aan de lippen staat. Toegeven aan de Amerikanen betekent dat zijn troepen weg moeten uit Libanon en dat hij vrede zal moeten sluiten met Israël, zeer waarschijnlijk op heel wat ongunstiger voorwaarden dan vijf jaar geleden mogelijk was. En dat maakt de kans alleen maar groter dat een machtsbeluste generaal opstaat om hem van de troon te stoten die eigenlijk niet voor hem bedoeld was.