Commentaar: Oorlog

Heimwee naar een taboe

De gezaghebbende International Herald Tribune kon er in de editie van maandag 1 oktober jongstleden maar niet over uit: hoe toch te verklaren dat er juist in het tolerante Nederland nu zo'n strijdlustige houding heerst versus de eigen moslimpopulatie? In het artikel werd onder meer verwezen naar de Volkskrant, die een week eerder met een zeskoloms-kop op de voorpagina meldde dat zestig procent van de Nederlanders vindt dat moslimimmigranten die «begrip» hebben voor de aanslagen van 11 september, onverwijld over de grens dienen te worden gezet. «In een Europees land dat geldt als een historisch baken van tolerantie was dat een schokkende vondst», aldus de Herald. De krant concludeert dat Nederland anders dan de rest van Europa een directe confrontatie zoekt met de islamitische minderheid, die nu voor de keuze wordt gesteld of te integreren of te vertrekken.

«Nederland wijkt af door zijn directheid», aldus de Herald. In het kader van de verkenning van de omwenteling in de lage landen, werd de onvermijdelijke Herman Vuijsje benaderd, die meedeelde dat de Nederlanders «heden loskomen van hun politieke naïviteit».

Ook citeert de krant een anoniem lid van het kabinet, die bevestigt dat de regering inderdaad het leger heeft klaarstaan voor het geval er als reactie op de nieuwe kruistocht van George W. Bush ongeregeldheden komen vanuit de moslimgemeenschap. Ook dat, zo stelt de Herald Tribune, is een teken dat Nederland de zaak geheel anders aanpakt dan de rest van Europa, waar «voorzichtigheid en prudentie» voorop staan. Ondertussen meldde het Europese waarnemingscentrum tegen racisme en vreemdelingenhaat dat Nederland met ruim negentig anti-islamitische incidenten sinds 11 september inmiddels als Europees recordhouder mag worden beschouwd.

De vraag is of deze radicale ommezwaai nu alleen maar een reactie is op de verschrikkingen van Zwarte Dinsdag of dat deze «nieuwe vrijmoedigheid» een al langere traditie had. Het laatste lijkt het geval. Het reveil van het anti-islamisme in Nederland kwam meer dan tien jaar geleden al op gang via de mysterieuze Mohamed Rasoel. Het onzalige gesteggel over de hoofddoekjes ettert ook al weer enige jaren voort. Sinds de Tweede Wereldoorlog door velen tot een gesloten boek is verklaard (en daarmee ook de schaamte over de massale collaboratie van de Nederlanders met de moord op honderdduizend joodse landgenoten) blijkt de traditionele pijler van de tolerantie ineens een stuk minder solide dan voorheen. Wederom is er een taboe geslecht. We zullen er snel heimwee naar krijgen.