Migranten als economische eenheden

Help, we worden dom!

Duitsland strijdt over de vraag of nieuwkomers een bedreiging vormen voor de nationale intelligentie. Om een nuchter migratiebeleid gaat het al lang niet meer; het IQ-nationalisme neemt hysterische trekken aan.

Medium 36113 m3w522h400q75v62729 xio fcmsimage 20100905092236 006004 4c83453c85dec.photo 1283670880916 1 0

BERLIJN - In Nederland is het een televisiequiz, in Duitsland een serieus politiek voorstel: de nationale IQ-test. Het idee werd deze zomer geopperd door een aantal christen-democratische politici. Behalve van opleiding en werkervaring zou de toelating van migranten ook af moeten hangen van hun intelligentiescore.
Achterliggende logica is dat de Duitse bevolking krimpt en vergrijst. Tegelijkertijd trekt de economie verrassend snel aan. Daardoor dreigt een acuut tekort aan geschoold personeel. Maar immigratie ligt gevoelig. Om niet dezelfde fout te maken als in de jaren zestig, toen op grote schaal laaggeschoolde gastarbeiders uit Turkije werden gehaald, dient nu een strenge selectie aan de poort plaats te vinden. Dat kan op inkomen of diploma, zoals nu al gebeurt. Maar waarom niet in de vorm van een IQ-test?
De reacties waren niet mals. De regering liet weten het een moreel verwerpelijk voorstel te vinden. ‘En ook nog eens een dat niet bepaald van intelligentie getuigt’, voegde een woordvoerder er vilein aan toe. Hij kon niet weten dat het pas het begin van de IQ-gekte zou zijn. Sinds vorige week lijkt het de voornaamste vraag in kranten, op radio en televisie: vormen nieuwkomers een bedreiging voor de nationale intelligentie?
Aanleiding is de verschijning van het boek Deutschland schafft sich ab, van Bundesbank-bestuurder Thilo Sarrazin. 'Landen als Amerika, Japan en Australië importeren intelligentie, Duitsland en Nederland importeren het omgekeerde’, stelde deze eerder dit jaar in een interview met De Groene Amsterdammer. Op die gedachten borduurt hij verder in zijn nieuwe werk, aangevuld met een flinke portie islamkritiek. 'Ik wil niet dat het land van mijn kleinkinderen en achterkleinkinderen voor grote delen islamitisch wordt (…). Ik wil niet dat wij vreemden worden in eigen land’, schrijft Sarrazin. Overdreven? Duitsland is volgens hem hard op weg een achterlijk moslimland te worden. Het aantal Duitsers loopt terug tot misschien wel twintig miljoen over een aantal generaties, beweert Sarrazin. Tegen die tijd worden zij overvleugeld door mogelijk 35 miljoen islamieten. Bij verdere immigratie uit moslimslanden heeft Duitsland volgens Sarrazin dan ook niets te winnen. Letterlijk, want de laagopgeleide Turken, Arabieren en Afrikanen kosten meer dan ze opleveren.
Dat klinkt naar ijskoude bevolkingspolitiek, waarin mensen worden gereduceerd tot meer en minder waardevolle economische eenheden. En dat is het ook. Over belangstelling voor zijn ideeën heeft Sarrazin desondanks niet te klagen. Bij de boekpresentatie afgelopen maandag leek het alsof Duitsland eindelijk zijn Wilders had gekregen. Terwijl de nationale en internationale pers zich om Sarrazin verdrong, demonstreerde buiten op de stoep een boze menigte. Publiciste Necla Kelek, zo'n beetje de Duitse Ayaan Hirsi Ali, zei het in haar inleidende toespraak ronduit. 'Ik krijg de indruk dat hier het beeld van een Duitse Haider of Wilders wordt opgeroepen. Misschien wil men dat ook wel, dan is er tenminste weer een duidelijk vijandbeeld.’
Het publiciteitsoffensief was een week eerder ingezet. Boulevardkrant Bild plaatste dag in, dag uit fragmenten, Der Spiegel ruimde maar liefst vijf pagina’s in voor een voorpublicatie. En zelfs de stijve Tagesschau, het oerdegelijke Duitse acht-uurjournaal, besteedde aandacht aan Sarrazins pennenvrucht.
Daarbij wordt de centrale bankier geholpen door de ene na de andere prominente politicus die hem veroordeelt. Partijvoorzitter Sigmar Gabriel van Sarrazins eigen SPD sprak al voor het verschijnen van het boek de verdenking van racisme uit, en zinspeelde op een vrijwillig vertrek uit de partij. 'Als u mij vraagt waarom die nog lid wil zijn bij ons - dat weet ik ook niet.’ De Centrale Raad van de Joden in Duitsland beschuldigde Sarrazin van 'rassenwaan’ en raadde hem aan lid van de neonazistische NPD te worden. Die constateerde op haar beurt dat Sarrazins uitspraken 'door en door de geest uitademen van nationaal-democratische kritiek op Überfremdung’. Zelfs bondskanselier Merkel vond het nodig haar afkeuring te laten blijken van het gedachtegoed van Sarrazin en raadde de onafhankelijke Bundesbank aan stappen te nemen.
Sarrazins racistische uitglijders doen zijn zaak geen goed. Sprak hij eerder denigrerend over 'hoofddoekmeisjes’ van wie er steeds maar meer worden 'geproduceerd’ in Duitsland, in zijn boek stelt hij dat islamitische mannen bovengemiddeld vaak geweld gebruiken omdat ze seksueel gefrustreerd zijn. De reden: de moslimjongens mogen het niet doen met de moslimmeisjes.
Maar de werkelijke steen des aanstoots zijn Sarrazins ideeën over intelligentie. Die is volgens hem grotendeels erfelijk, alle studies die het tegendeel beweren ten spijt. Combineer dat met het gegeven dat de (islamitische) onderklasse veel meer kinderen krijgt dan hoogopgeleide Duitsers, en de conclusie ligt voor de hand: we worden dommer. De in Duitsland als traumatisch ervaren slechte onderwijsresultaten bij internationale onderzoeken, zoals de PISA-scores, dienen als bewijsmateriaal. 'De enorme vruchtbaarheid van de islamitische migranten vormt een bedreiging voor het culturele en civilatoire evenwicht in het vergrijzende Europa’, stelt Sarrazin dan ook vast. Daar helpt geen onderwijs tegen. Vaarwel Bildung.
Het brengt Sarrazin in een pikzwarte ondergangsstemming, in de beste traditie van conservatieve cultuurpessimisten als Oswald Spengler. 'Na een meer dan duizend jaar lange geschiedenis is het Duitse volk puur kwantitatief op weg zichzelf af te wikkelen’, stelde hij op zijn persconferentie. Vaarwel Duitsland.

IS DIT RECHTSPOPULISME? Sarrazins islamkritiek doet sterk aan Wilders denken, maar er zijn belangrijke verschillen. Hij is niet tegen migratie an sich. Het zijn ook niet de zorgen van Henk en Ingrid of de onveiligheid op straat die centraal staan in Sarrazins verhaal. Daarvoor is hij te elitair. Meer dan een rechtspopulist is Sarrazin dan ook een nieuw soort rechtse bevolkingspoliticus. Om met zijn eigen economistische jargon te spreken: het gaat hem om de kwantiteit én de kwaliteit van de mensenvoorraad.
In zijn zorgen om het afnemende intellectuele potentieel van Duitsland staat Sarrazin niet alleen. Demografie is 'in’. Socioloog en econoom Gunnar Heinsohn, een van de prominentste bevolkingspolitieke denkers in Duitsland, ziet de kiem voor dat denken in het begin van de jaren tachtig. Heinsohn is in Nederland vooral bekend van zijn boek Zonen grijpen de wereldmacht, waarin hij betoogt dat het islamitisch terrorisme niet voortkomt uit armoede of religieus fanatisme, maar het gevolg is van een overschot aan jonge mannen.
'1982 was het jaar dat Japan in veel hoogtechnologische branches wereldleider werd’, legt hij uit in een telefonisch interview. 'Dat begreep men aanvankelijk niet in het Westen. Tot die tijd werden economische verschillen altijd vanuit structurele factoren verklaard. Met Japan drong voor het eerst het besef door dat intelligentie medebeslissend is voor economisch succes. En ja, daarna kwamen de Koreanen en de Chinezen.’
Het gevolg is wat Heinsohn de 'war on talent’ noemt. Daarin gaat het niet om grondstoffen of afzetmarkten, maar om menselijk kapitaal. De oorzaak van de Duitse achterstand in deze internationale strijd ligt volgens Heinsohn echter niet bij de islam, zoals Sarrazin beweert. 'Neem de meer dan honderdduizend Iraanse immigranten. Of de Turkse Alevieten, ook moslims. Hun schoolresultaten zijn bovengemiddeld. Dat betekent dat de islam niet het werkelijke probleem is. Het gaat om de manier waarop in het verleden migranten gerecruteerd zijn. In de jaren zestig en zeventig zijn de laagst opgeleide mensen naar Duitsland gekomen.’
De vraag is of dat met heel veel investeringen in onderwijs kan worden opgelost. Sarrazin meent van niet, Heinsohn wil de resultaten van het huidige beleid afwachten. Zeker is dat dit heel veel geld gaat kosten. Geld dat landen als Canada en Australië, die hun kennis gewoon importeren, niet kwijt zijn. Heinsohn spreekt van een concurrentienadeel.
Maar naast een selectief migratiebeleid is er vanuit de bevolkingspolitieke analyse van Sarrazin en Heinsohn nog een tweede oplossing denkbaar voor de Duitse IQ-problemen. De nationale intelligentie wordt in hun wereldbeeld immers niet alleen bepaald door selectie aan de poort, maar ook door de kwaliteit van het nageslacht in eigen land. Al in 2005 merkte een parlementariër van de liberale FDP op dat 'in Duitsland de verkeerde mensen de kinderen krijgen’. Ook voor islamcritica Necla Kelek spreekt het voor zich dat Turkse kinderen uit families die generaties lang niet hebben leren lezen, minder intelligent zijn dan de nakomelingen van Johann Sebastian Bach. De massa-immigratie kan daarom niet zonder gevolgen blijven, meent zij: 'Statistisch gezien zal Duitsland minder intelligentie produceren.’
De oplossing ligt voor de hand. Niet Sarrazin, maar Heinsohn heeft deze aangedragen in een eerder artikel. Hij pleit ervoor arme mensen door middel van financiële prikkels minder kinderen te laten krijgen dan rijke. Daarvoor moet de Duitse verzorgingsstaat op de schop. Die zou nu immers met ruime financiële vergoedingen de onbeperkte voortplanting van de onderklasse stimuleren.

ZO ZIET de bescheiden bevolkingspolitieke gereedschapskist eruit in een democratie. Geen eugenetische sterilisatieprogramma’s of euthanasie voor onproductieve bevolkingsgroepen als gehandicapten. Het migratiebeleid zorgt voor strenge selectie op intelligentie aan de poort, een nieuw stelsel van sociale voorzieningen zorgt dat in eigen land de juiste mensen kinderen krijgen. Zo geformuleerd zal het veel mensen doen walgen, maar is dat nu zo radicaal?
Dat valt inderdaad mee. Het was de liberale Duitse minister van Economische Zaken Brüderle die deze zomer een lokpremie voor kennismigranten voorstelde. En ook als het gaat om sociale voorzieningen lijkt de regering te luisteren naar de IQ-nationalisten. Het enkele jaren geleden ingevoerde 'Elterngeld’, waarmee zowel vaders als moeders betaald verlof kunnen nemen bij de geboorte van hun kind, bevoordeelt veelverdieners. Uitkeringsgerechtigden kregen tot nu toe slechts een minimale premie, en die wordt binnenkort geschrapt. Voor werkende ouders geldt daarentegen dat hoe meer zij verdienen, hoe meer ze ontvangen.
De ideeën van de bevolkingspolitieke denkers blijken al lang aangekomen in de gevestigde politiek. Maar maakt dat de analyse van een Sarrazin ongevaarlijk? Uitgerekend de rechtse Frankfurter Allgemeine Zeitung legde in een bespreking van Sarrazins boek de vinger op de zere plek. 'Cultuur is bij hem een verdekte term voor genetisch’, constateerde de conservatief-liberale kwaliteitskrant. 'Wie dat begrijpt, leest Sarrazins zorgen over de “culturele identiteit” (…) en het “volkskarakter” van Duitsland met andere, met de juiste biologische ogen.’
Zowel de elite als de onderklasse is bij hem inderdaad geen sociale, maar een biologische categorie. Tel daarbij op zijn wantrouwen in de mogelijkheid mensen te verbeteren door middel van onderwijs, en de weg is vrij voor een mensbeeld dat zo cynisch is dat het eng wordt. Hoe noemde Sarrazin het zelf in een eerder, controversieel interview? De acht tot tien procent van de Duitse bevolking 'die in economisch opzicht niet van nut is’ moet 'sich auswachsen’, wat in slecht Nederlands zo veel betekent als dat uitkeringsgerechtigden zichzelf moeten 'uitgroeien’.

Klik hier voor het interview met Sarrazin, De aanjager van het Duitse integratiedebat (De Groene Amsterdammer 16, 2010)