groen

Herfst

Als dit Frankrijk was en het afgelopen zaterdag niet zaterdag maar zondag was, zou het die dag Un dimanche à la campagne zijn geweest. Samen met broertje rooide ik boompjes in een dorp aan de kust, een paar eikjes, lijsterbessen en esdoorns. Daarna vervoerden we het plantmateriaal en zetten het in zijn nieuwe windsingel. De buurman keek toe en riep: ‘Ga je nou écht een windsingel maken?’ Mijn vader, broer en anderen waren aan het jagen, ze liepen door het land, reden in auto’s naar de volgende plek, en liepen daar weer door het land. De opbrengst van de hele dag: één fazantenhaan en één haas. De oorzaak: oprukkende vossen. De wind was eindelijk eens weggevallen, de zon scheen fel en gaf nog aardig wat warmte. Op het stoppelveld naast het huis van broertje buitelden hazen over elkaar heen, maar uitgerekend daar jaagden vader en broer niet. In het grote water achter de dijk gingen ganzen tekeer. Mijn moeder kookte appelmoes van eigen goudrenetten, kratten walnoten stonden opgestapeld in de bijkeuken. De achtertuin lag bedolven onder een dikke laag gele lindebladeren, neefjes en nichtjes voet- of handbalden en fietsten daarna met natte haren langs de rechte wegen.
En toen ’s avonds ook nog een feest ter ere van een honderdduizend-literkoe in Oude Niedorp. Stel je voor: één koe die al zo'n vijfhonderdduizend glazen melk geproduceerd heeft. Daar werd op gedronken en gegeten. De koe zelf - twaalf jaar oud - was er niet, die was ook helemaal niet zo vriendelijk, vertelde de bazin, die zou het etablissement misschien wel kort en klein getrapt hebben.
Buiten stond de lucht nu helemaal stil tussen de oude boerderijen, de iepenstammen, de enkele lantaarnpaal. Sommige auto’s gaven nog wat warmte af. De temperatuur was drastisch gezakt. Buiten werd gerookt. Binnen, aan de bar, stond een groep vrijgezellenfeestgangers, jongens uit een naburig dorp, mooi en sterk waren ze, en vooral ook heel erg vanzelfsprekend, anders kan ik het niet uitdrukken. Ik rookte en keek door de ruit naar binnen. Iele lijsterbessen en verse appelmoes; koe en jongens; bier en bitterballen. Ik was nogal gelukkig.