Dans

HERKENBARE GEKTE

DANS Danscombinatie 2007

Het doel van de DANScombinatie (georganiseerd door dod, de overkoepelende organisatie van gesubsidieerde dansinstellingen) is het presenteren van een gevarieerde voorstelling waarmee een nieuw danspubliek kennis kan nemen van het werk van verschillende choreografen. Een drie-voor-de-prijs-van-één-formule die de drempel van als ‘moeilijk’ bekendstaande moderne dans wat minder hoog moet maken. Dat is gelukt; van hoogdrempeligheid is in deze DANScombinatie geen sprake. De stukken zijn alledrie van behapbare lengte en goed te volgen, geschikt voor theaterpubliek met koudwatervrees.

De choreografen Krisztina de Châtel en Conny Janssen trekken al jaren volle zalen, en de choreografie E19 (Richting San José) van Ann van de Broek leest als een open boek. E19 vormde de aftrap van de avond, en bleek een inkopper. De choreografie gaat over de mens als informatiejunkie. Gretig nemen de dansers informatie tot zich (in de vorm van geluiden uit grote megafoons). Dit leidt snel tot verslikken, indigestie, de hik en erger. Onuitputtelijk stuiteren, kronkelen en krampen de dansers door de ruimte, met ongelooflijke expressie en gevoel voor ritme. Van de Broek doseert perfect; ze zorgt voor de nodige humor en blijft ondanks de hoge spanningsgraad van E19 in controle.

Bijna haaks op het neurotische E19 staat In Two Minds van Conny Janssen. Zij zocht inspiratie voor haar stuk (dat in een langere versie in première ging in de Maastrichtse Sint-Servaaskerk tijdens het festival Musica Sacra) in het kloosterleven. Sereniteit en groepsrituelen staan in dit stuk tegenover innerlijke strijd en eenzame meditatie. Op de klanken van water, metaal, oosterse instrumenten en strijkers (composities van Tan Dun en Franghiz Ali-Zadeh) ontrafelt zich de choreografie, die wordt verdubbeld in een grote, verweerde spiegel die achter de dansers is opgesteld. Conny Janssen houdt het vooral mooi, met een donker toneelbeeld en sobere kostuums. Ze speelt met uniforme dans, strak gelijk, tegenover solo’s, duetten en andere formaties en geeft haar choreografie, door de combinatie van oosterse en westerse invloeden, een universeel karakter.

Deel 3 van de avond is Pulse van Krisztina de Châtel. Zij stelt vijf dansers en een danseres op in een lege ruimte waar stalen geraamten (voor het wapenen van beton) zijn opgehangen. Het is boeiend om te zien hoe zoiets banaals in het theater in een kunstwerk kan veranderen. De Châtel choreografeerde Pulse op pianomuziek van haar landgenoot Ligeti. Deze muziek is perfect voor haar kenmerkende stijl van choreograferen. Ze houdt van simpele bewegingen, herhaling, ritme en ruimte, en weet daarmee altijd krachtige stukken te construeren. Pulse is een mannelijk stuk dat een beetje militair aandoet. De dansers zijn door ontwerper AZIZ in zeer ‘fashionable’ doch legerachtige kostuums gestoken, compleet met helm, schouderband en laarzen waarmee ze ritmes stampen. Pulse geeft een streng weerwoord op de stukken van Van de Broek en Janssen. Toch is het vooral Ann van de Broek die in deze DANScombinatie niet terugvalt op ‘veilig’ estheticisme. Zij voorziet de avond van humor en herkenbare gekte.

DANScombinatie 2007, choreografieën van Ann van de Broek, Conny Janssen en Krisztina de Châtel. Tournee tot en met 9 maart. www.danscombinatie.nl