Het bastaardkind de morgen

‘Linkse krant krijgt rechts geld.’ Der Nederlandse krantekoppen logen er niet om. Of wel? Op de redactieburelen van De Morgen vraagt men zich vooral af wat Nederlandse journalisten bezielt.

BRUSSEL - Alarmerende koppen in de Nederlandse kranten vorige week. Het Belgische dagblad De Morgen zou betrokken zijn bij de Agusta-affaire. Het Parool en de Volkskrant pakten flink uit: ‘Krant ontving Agusta-gelden’ en 'Belgische krant werd gered met smeergeld van Agusta’. Het Algemeen Dagblad spande de kroon met: 'De Morgen nu zelf de klos’: 'De helft van het smeergeld (1,4 miljoen gulden) is bij het dagblad De Morgen terecht gekomen. Deze linkse Vlaamse krant die naam maakte met het onthullen van alle mogelijke schandalen waaraan de andere Belgische kranten om partij-politieke of andere redenen niet aan toekwamen, blijkt nu zelf betrokken bij een van de grootste naoorlogse corruptieschandalen in Belgie.’ Het bericht besloot met de mededeling dat critici van het blad beweren dat het Agusta-schandaal uiteindelijk zal leiden tot het verdwijnen van de krant.
Op de redactie van De Morgen in Brussel heerst geen paniekstemming. De journalisten lopen zich het vuur uit de sloffen om zo grondig mogelijk over de Agusta-affaire en de moord op de dierenarts Karel van Noppen te berichten. Uit protest tegen de moord, vrijwel zeker gepleegd door de Belgische hormonenmaffia, riep de krant op tot een vleesloze dag. Honderden prominente Belgen aten afgelopen dinsdag geen vlees.
Hoofdredacteur Yves Desmet: 'Het niveau van de Nederlandse berichten was bedroevend. Aanvankelijk was vooral De Morgen het onderwerp, en niet Claes. Ik bespeurde een zeker leedvermaak: de onthullingsjournalisten par excellence worden nu zelf gepakt, met de broek op de enkels. Nederlandse correspondenten kennen de persgeschiedenis van dit land niet. Iedere keer weer schrijven Nederlanders platte vooroordelen over Vlaanderen, niet gehinderd door enige kennis. Omdat ze de taal spreken, denken ze het land te kennen. Antwerpen werd uitgeroepen tot de fascistische hoofdstad van Europa, terwijl jullie dezelfde toestanden hebben in de grote steden.’
In het eerder genoemde artikel uit het Algemeen Dagblad krijgt ook de uitgever van De Morgen van katoen: 'Uitgever E. Hans heeft deze week niet bijgedragen tot het vergroten van de geloofwaardigheid van zijn krant. Terwijl er al voorzichtig werd verondersteld dat er een grote som smeergeld via de vennootschap Studin van de SP naar De Morgen was gevloeid om er de financiele tekorten weg te werken, bazuinde hij overal rond dat dit “pure onzin” was. Een dag later stond hij in zijn hemd toen Mange, de penningmeester van de SP, de financiele injectie voor De Morgen toegaf.’
UITGEVER EGBERT HANS: 'De betrokken Nederlandse correspondenten wilden scoren met een lekker verhaal in de trant van: “Linkse krant krijgt rechts geld.” Vooral het bericht in het Algemeen Dagblad was pure nonsens. De Morgen is in 1986 een onafhankelijke maatschappij geworden, volledig los van de Socialistische Partij. Sindsdien hebben we geen frank meer gehad van de SP. Het beste bewijs voor onze onschuld is het feit dat het gerecht bij alle SP-kopstukken huiszoekingen heeft verricht maar niet bij De Morgen. Wij spreken niet tegen dat De Morgen een vader en een moeder heeft gehad. Wij verloochenen ons verleden niet. Door die foutieve berichtgeving werden we weer even met onze ouders geconfronteerd, ook al zijn we duidelijk uit elkaar gegroeid. Blijven zitten als je geschoren wordt, is de enige remedie. Als bedrijfsleider zit ik in een moeilijk parket. Wij zijn ons al jaren aan het loskoppelen van de politiek en deze berichten zijn schadelijk voor ons imago. We lijden hierdoor financieel verlies, omdat we meer moeten investeren in wervingsacties om dat imago weer kwijt te raken.’
Tot in de jaren zeventig waren vrijwel alle Belgische kranten spreekbuizen van de politieke partijen. Er veranderde pas iets met het aantreden binnen de redacties van de generatie van mei '68, die nog lange tijd moest opboksen tegen de oude partij-apparatsjiks. Frans De Smet werkt sinds de oprichting in 1978 bij De Morgen en is politiek verslaggever. De Smet: 'Voor de Morgen is het nog pijnlijker dan voor de Socialistische Partij om in verband te worden gebracht met smeergeld. De Morgen was de laatste krant die te maken had met de verzuiling, maar de eerste die heel fel geprobeerd heeft die verzuiling te doorbreken. Oud-hoofdredacteur Paul Goossens stond bijna dagelijks met getrokken messen tegenover de SP. Vrijwel niemand van mijn collega’s was lid van de partij. Onder onze invloed is de Vlaamse pers ontzuild. De Morgen heeft een nieuwe trend ingezet, daar beroepen wij ons op.
De afgelopen dagen hebben wij zeer intensief bericht over de Agusta-affaire. De SP heeft zelfs een persconferentie gegeven om een bericht van ons te ontkrachten. Deze week zijn we gebeld door lezers die ons verwijten verraders van de partij te zijn. Een veelgehoorde kreet is: “Indertijd heeft de SP De Morgen gered, waarom redt De Morgen nu de SP niet?” Doordat er nu lijken uit de kast vallen, worden wij weer achtervolgd door ons verleden.’
De Morgen staat in Belgie te boek als de krant met de bekwaamste onderzoeksjournalisten. De Agusta-affaire wordt op de voet gevolgd, dagelijks staat de krant vol met doorwrochte artikelen. Onderzoeksjournalist Ludwig Verduyn werkt met vier collega’s minstens zes uur per dag aan de Agusta-affaire. Vorige week kwam de krant met vier primeurs.
Verduyn: 'De afgelopen week zat De Morgen in een lastig parket omdat wij even betrokken leken bij de Agusta-affaire. Stel je voor: een linkse, pacifistische krant, berucht om haar gedegen onderzoeksjournalistiek, zou smeergeld hebben gekregen van een wapenfabrikant! Vooral de Nederlandse kranten suggereerden dat. Het is moeilijk objectief te blijven als je eigen krant betrokken is bij een schandaal, je legt jezelf dan automatisch zelfcensuur op. Toch zou ik alles opschrijven, hoe pijnlijk dan ook. Die vrijheid heb ik ook bij De Morgen.’
Ludwig Verduyn schreef vier onthullende boeken over fraudezaken, onder andere over het witwassen van geld en over Jean-Pierre van Rossum. In Belgie verschijnen om de haverklap zulke zogeheten impuls-boeken, die inspelen op de actualiteit en waarvan in korte tijd vele exemplaren worden verkocht.
Verduyn: 'Ik had het plan een boek over Joep van den Nieuwenhuijzen te schrijven, een zeer kleurrijk figuur die ook in Belgie actief is. De Nederlandse co-uitgever haakte af met de mededeling dat dergelijke boeken in Nederland ongewoon zijn.’
Hoewel Verduyn in zijn artikelen en boeken man en paard noemt, is hij nog nooit in de problemen geraakt. Verduyn: 'De betrokkenen bij fraudezaken zijn vaak doortrapte boeven met een hoge weerbaarheid. In het minste geval gaan ze met modder gooien en verwijten ze ons riooljournalistiek. Mijn werk past goed bij het karakter van De Morgen. De krant heeft een enorme reikwijdte, we krijgen veel respons en tips omdat men weet dat De Morgen de zaken tot op het bot uitzoekt. Kijk, om Willy Claes aan de praat te krijgen zou men hem in de gevangenis moeten zetten tussen schurken en boeven. Dan is hij in zeer korte tijd zijn waardigheid kwijt en zal hij doorslaan. Dat heeft men in Italie ook gedaan met prominente politici die bij schandalen waren betrokken.’
Niettemin zitten er gevaarlijke kanten aan: 'Stel dat Claes aftreedt, dan zegt men in het buitenland: wat is dat daar voor apenland? Vervolgens raakt het koningshuis er bij betrokken omdat de koning ministers benoemt. Er komen vervroegde verkiezingen maar geen nieuwe coalitie omdat de extremistische partijen te sterk geworden zijn. Iedereen verwacht dat het Vlaams Blok massaal stemmen zal winnen omdat alweer een politieke partij corrupt blijkt te zijn. Het zijn vlucht- en wanhoopsstemmen.’
DE MORGEN ZIT, mede door haar eigenzinnige journalistiek, in de lift. Dagelijks worden er 28.000 exemplaren van De Morgen verkocht, een jaar geleden nog 23.000. De mededeling in het Algemeen Dagblad dat de krant door het schandaal dreigt te verdwijnen, is dan ook volledig uit de lucht gegrepen. De stijging van twintig procent is, gezien de moeilijke situatie van dagbladen in Vlaanderen, een hele prestatie. Zo is de penetratiecoefficient van De Morgen hoger dan die van het Franse dagblad Liberation. In Vlaanderen, met vijf miljoen inwoners, worden per duizend inwoners honderdvijftig kranten gelezen. In Nederland leest men driehonderd kranten per duizend inwoners.
Uitgever Egbert Hans: 'Het leesgedrag in Vlaanderen is wezenlijk anders dan in Nederland. Regionale kranten bestaan hier nauwelijks. Omdat er vrijwel geen regionale kranten zijn, zijn er weinig lezers die verschillende kranten lezen. Krantenbezorgers zijn er amper, de distributie gaat via de post, die ook nog eens slecht functioneert.
En in Nederland wordt veel meer geinvesteerd in redacties. Als je tegen de Volkskrant zegt dat een redactie van honderd man enorm is in Belgie, vallen ze schuddebuikend van het lachen achterover. Wij zijn met zestig redacteuren een middelgrote redactie. Daardoor krijg je minder kwaliteitscontrole, minder specialisatie, minder tijd om stukken te schrijven en dus een kwalitatief slechtere journalistiek dan in Nederland.’
HOOFDREDACTEUR Yves Desmet werkte tot eind vorig jaar bij het weekblad Humo. Daarvoor was hij jaren journalist bij De Morgen. Desmet: 'Toen ik vorig jaar door de uitgever gevraagd werd hoofdredacteur te worden, kwam ik met een flinke verlanglijst. De laatste jaren had De Morgen een kwakkelende oplage, hetgeen alles te maken had met ons imago uit het verleden. De Morgen was een wat drammerige krant en werd gezien als een maatschappelijk project met als doel de emancipatie van de onderdrukten. Aan het einde van de jaren tachtig, toen de Socialistische Partij geen geld meer in de krant stopte, zat De Morgen als een bastaardkind in de kelder, zonder eten en drinken. De krant mocht sterven van de SP. Het krantje overleefde echter omdat de redactie zeer gedreven was en is en een zeer trouwe lezerskern heeft.
Tot mijn immense verbazing accepteerde de uitgever die verlanglijst. Allereerst wilde ik de vormgeving drastisch veranderen. Wij waren de eerste in Belgie met een volledig computergestuurde lay-out; de wet van de remmende voorsprong. De eerste investering was dus een totaal nieuw opmaaksysteem. Daarnaast zaten er wat mensen bij de krant die niet goed genoeg waren al hadden ze er lang en hard gewerkt. Die kan je niet als oud vuil op straat zetten en zij moesten daarom een fatsoenlijke gouden handdruk krijgen. De Morgen is in de loop der tijd uitgegroeid tot zowat de enige journalistenschool in Vlaanderen. Jonge journalisten konden zich hier ontplooien en werden vervolgens weggekocht door de concurrenten. Ik wilde nu het omgekeerde: mensen met ervaring bij andere dagbladen wegkopen. Dan praat je over hoge lonen.
Onze krant was altijd verscheurd door twee journalistieke scholen: de richting van het harde nieuws - zakelijk, politiek, mannelijk zal ik maar zeggen - en de richting van meer human interest, leefstijl, zeg maar vrouwelijk nieuws. Dat waren echte clan-oorlogen. Daarom hebben wij voor de magische mix gekozen, voor een formule die we ook wel de honey story noemen. De laatste komt uit de Amerikaanse journalistiek. Man en vrouw zitten ’s ochtends aan het ontbijt en zeggen tegen elkaar: Honey, did you read this?
Een ander discussiepunt op de redactie was de vormgeving. Moet je een serieuze look hebben zoals NRC Handelsblad of moet je compleet uit je bol gaan en de meest waanzinnige voorpagina’s maken? We hebben voorpagina’s gehad met een pastiche op een reclameadvertentie. Daar voegden we een elementje aan toe, verder niets. Toen de bende van Nijvel haar achtentwintigste slachtoffer maakte, kwamen wij met een geheel zwarte voorpagina met achtentwintig witte streepjes, zoals een gevangenismuur. Sommige lezers zeiden: dat is beneden de waardigheid van een kwaliteitskrant, anderen zeiden: wat ongelooflijk creatief.
Ik heb ook onmiddellijk de redactiestructuur totaal omgegooid, dat vind ik mijn belangrijkste ingreep. Vroeger waren de redacties eilanden. Iedere redactie was er van overtuigd de beste pagina van de krant te maken. Ik heb een centrale desk gevormd, waaraan de bladenmakers die geen bevoegdheid hebben over een eigen pagina maar die het geheel van de krant in het oog houden, naast de redactiechefs zitten. Er ontstond een merkwaardige redactiedynamiek. De chefs voelen zich nu behalve voor hun eigen pagina ook verantwoordelijk voor het geheel van de krant. Iedereen denkt nu in termen van de hele krant, er is sprake van een wederzijdse bevruchting. Nog steeds maak ik niet de krant die ik wil lezen, maar wel een krant waarvan ik denk dat die een kans heeft om te overleven. Mijn persoonlijke krant zou een krant zijn vol van essays van Hofland, Ischa- interviews, Groene-essay’s, veel leesplezier. Maar dat raak ik hier aan de straatstenen niet kwijt. Er is te weinig van mijn soort in Vlaanderen.’
IN EEN VERKAPTE rectificatie meldt de Volkskrant een dag later dat hoofdredacteur Yves Desmet 'verdrietig en droevig’ is vanwege de foutieve berichtgeving. Desmet zit echter niet in zak en as, is hooguit pissig dat hij veel tijd heeft verloren door de hele affaire: hij was voortdurend bezig Nederlandse kranten te bellen over rectificaties.
Op de valreep komt Desmet aanzetten met een artikel van de Belgische schrijver Tom Lanoye, dat in 1992 in de Humo verscheen. Lanoye valt woedend uit tegen de zoveelste Nederlandse reportage over de IJzerbedevaart in Diksmuide. Lanoye: 'Hoe maak je aan je Nederlandse vrienden wijs dat deze reportage nog niet het niveau haalt van een artikel in een pas opgericht scholierenblaadje? En hoe zeg je dat, zonder dat zij je er meteen van verdenken dat jij ook een IJzerbedevaartganger bent? Want voor je het weet ontvang je hun beroemde vuile blik, waarin je onomstotelijk leest: “Zie je wel! Als het erop aan komt zijn alle Vlamingen fascisten.” ’ Lanoye eist een journalistiek stuk over de IJzerbedevaart: 'Dus niet vergeten. Eikels van het Noorden. Geef ons een reden om verder te kijken dan Wuustwezel. Stuur ons bijvoorbeeld een journalist wiens hersens nog werken als hij Breda is gepasseerd. Doen!’
Yves Desmet is het roerend eens met de woorden van Tom Lanoye: 'Vertrekken ze op Nederlandse journalistenscholen en op redacties vanuit een voorgeconcipieerd beeld van Vlaanderen? Als we een andere huidskleur hadden, kon je van racisme spreken.’