Het beste verdwijnt

Na een vrouw, een kind en een boek vind ik een krant (of weekblad) het mooiste wat er is. Ik kan niet uitleggen waarom.
In de afgelopen dertig jaar heb ik de krant zien veranderen. Van broadsheet naar tabloid, van lange artikelen naar korte artikelen, van kleine streamers naar grote streamers, andere lettertypes, andere foto’s, van verticale indeling naar horizontale (en weer terug). Ik kan zo door blijven gaan; elke verandering werd ingegeven door een commercieel belang. Daarom moesten er ook andere rubrieken in, van ‘Uit eten onder een tientje’ naar ‘De belangrijkste chefs van de stad’. Van ‘Wat gebeurt er in Den Haag’ naar ‘Wat mankeerde Gordon’.
Mij viel op dat de vrijheid in de krant steeds minder werd. Anders gezegd: er kwamen steeds meer regels waaraan je je te houden had. Door een andere opmaak, door een andere visie en doordat het aantal abonnees terugliep.
Hetzelfde zag ik ook gebeuren bij de televisie.
Ik ben nog van de eerste VPRO-tijd. De VPRO was vroeger – dertig jaar geleden – meer een levenshouding dan een omroep. De VPRO was wat de Tros wilde zijn: een grote familie. Het was alleen een grote linkse familie. Maar ook daar werd de vrijheid voor experimenten steeds minder. Tegenwoordig staat VPRO – althans, wat betreft hun documentaires – zelfs voor ‘classy’. Maar door de omroepwet, door netmanagers, door interne discussies en ledenverlies is de levenshouding weg en zie je een schoonzwemster die zo vermoeid is dat ze zich alleen nog maar drijvende kan houden. Wat de krant de krant maakte, en de omroep de omroep verdwijnt.
Verdwijnen dus de krant en de omroepen?
Dat geloof ik niet, maar het wordt folklore.
Net als het marxisme. Leuk om te bestuderen, om te verzamelen, om te lezen, om er grappen over te maken, of om te zijn, maar daadwerkelijke invloed gaat er niet meer van uit. Het is volksdansen in het buurthuis.
In Amerika hebben ze daar een typisch Amerikaanse uitdrukking voor: ‘Het gaat altijd van Donald Duck naar Mickey Mouse.’ Een serie (West Wing, Sopranos, Friends, Sex and the City) begint opstandig, schreeuwerig, vreemd – als Donald Duck – en wordt naarmate de seizoenen verstrijken keuriger, doordachter, braver – als Mickey Mouse.
Onlangs zat ik met een paar rijke heren aan een tafel. Het ging over NRC Handelsblad. De beste krant van Nederland, vonden zij. De krant vertolkte hun levenssfeer – meer dan de Volkskrant. Maar juist zij – en ze hadden er verstand van – voorzagen dat NRC Handelsblad eerder (en zelfs binnenkort) over de kop zou gaan dan de Volkskrant (die vervolgens weer zou groeien doordat de abonnees van de NRC daarheen zouden vertrekken).
Ik schrok er enigszins van. Maar zij niet. Juist de beste krant verdwijnt, zoals ook de beste omroep eigenlijk al verdwenen is – het zal wel in enige vorm blijven voortbestaan, maar marginaal, voor een happy few, als folklore. De heren noemden een heel rijtje op van ‘beste zaken’ die al verdwenen waren. De beste artsen zaten niet meer in de beste ziekenhuizen, de beste politici wilden geen politieke functie, de beste uitgevers waren al lang op de terugweg, de beste elftallen haalden vrijwel nooit meer de top. Het begrip ‘beste’, door de markt gedefinieerd, zorgde daarentegen voor vernieuwingen die misschien niet beter waren, maar waaraan, zo zeiden ze, ik maar slecht kon wennen omdat ik mijn weg niet vinden kon door mijn leeftijd.
Sport als manier om gezond te worden is toch ook al lang verdwenen. Je bent een goede voetballer, wielrenner, schaatser, niet omdat je zo gezond bent, maar omdat je scoort en wint. Sterker: de meeste topsporters bezoeken vaker en voor ernstiger klachten een arts en specialist dan de gemiddelde Nederlander.
De beste ideeën verdwijnen – niet voor nog betere ideeën, maar voor andere ideeën die op dat moment de beste ideeën zijn.