Het blijft kwakkelen met het varkenslapje

Als een eigentijds ‘Animal Farm’ zijn in Nederland de varkens aan de macht. Met hun vijftien miljoenen wedijveren ze fysiek met het aantal mensen. De sector geldt als moneymaker; alleen al de export brengt vijf miljard gulden in het laatje. Gedurende decennia dekten CDA-boerenzoon Braks (‘onze Gerrit’) en CDA-tuinderszoon Bukman hun electoraat onvoorwaardelijk en wisten ze ferme maatregelen voor milieu en dieren tegen te houden.

Minister Van Aartsen, liberaal en niet gehinderd door banden met de varkensbaronnen, kondigde vorige week aan de varkensstapel met een kwart te verminderen. Boeren die vooruitlopen, zoals scharrelveehouders, mogen daarentegen op termijn uitbreiden. Van Aartsen ontmoette forse kritiek uit de politiek en uit de sector, en ontving van een boze boer een stomp in de maag. Zijn plan kost 7000 bedrijven de kop, maar de boeren vergeten dat de intensivering in amper 25 jaar 45000 bedrijven de das om deed. De minister hapte dus naar adem, en lijkt vastbesloten zijn onopvallende rol in het paarse kabinet op de valreep nog van enige kleur te voorzien.
Hij is wel flink geholpen door de varkenspest, de meest omvangrijke epidemie die ooit plaatsvond onder dieren in Nederland. Meer nog dan de mest toonde de pest de kwetsbaarheid van de superintensieve varkenshouderij. De pestbestrijding kost, inclusief het afmaken van miljoenen biggen, meer dan drie miljard gulden. Via een heffing worden de boeren voortaan direct aangesproken op dergelijke ziektes.
De gestresste karbonademachines huizen in kleine hokken en worden volgestopt met krachtvoer, mineralen en verboden hormonen. Nu het fokverbod is opgeheven, worden de zeugen massaal volgespoten met sperma. Over een aantal weken zijn er biggen, die via opfokkers en afmesters worden vervoerd, onder meer naar de slachthuizen in Parma. De aldaar gerookte parmahammen komen vervolgens weer terug. Dat gesol met dieren, dat zorgde voor verspreiding van de varkenspest tot ver in Europa, moet afgelopen zijn, vindt Van Aartsen. Hij streeft naar productie voor de thuismarkt.
Het is de vraag of hij met deze herstructurering, zo hij al ongeschonden door de Tweede Kamer komt, de basis legt voor een milieu- en diervriendelijke varkenshouderij. Van Aartsen gaat weliswaar zelf varkensrechten - geen rechten van varkens, maar rechten van boeren om varkens te houden - opkopen, maar er mag ook worden gehandeld in deze rechten. En waar handel is, is fraude. De mestperikelen hebben getoond dat met name de varkenshouders creatief kunnen boekhouden, zo ze de boekhouding niet botweg boycotten. De grootste cowboy onder de varkensboeren, Van den Brink, is weliswaar als voorman afgetreden, maar de achterban is radicaal. Scherpe controle door meer inspecteurs is noodzakelijk.
Belangrijker nog zijn de consumenten. Mede door de handtekeningenacties van de schrijvers Voskuil en Van Zoomeren belijden thans velen een dier- en milieuvriendelijke varkenshouderij, maar tussen woord en daad gaapt een kloof. Het is de vraag of de mensen die nu voor twee kwartjes meer een scharrelkarbonade kopen, dat over een halfjaar nog doen.