ESSAYWEDSTRIJD Lof der letteren

Het boek en de kracht van de verbeelding

Terwijl boekenwinkels en uitgevers, evenals veel andere economische sectoren, moeilijke tijden doormaken, heeft de bioscoopbranche met een opbrengst van bijna 240 miljoen euro een enorm succesvol jaar achter de rug. Blijkbaar prefereren mensen een film boven het lezen van een boek. Veel mensen, en met name jongeren die ik ken, beweren zelfs een hekel te hebben aan lezen.

Medium ldl575

Tijdschrift Vooys bestaat dertig jaar en schreef daarom een essaywedstrijd uit onder studenten. Hoe belangrijk is literatuur, op persoonlijk en/of maatschappelijk vlak? In De Groene Amsterdammer van week 28 publiceerden we Tabitha Speelmans winnende essay. Op het Groene LAB publiceren we alle inzendingen die de shortlist hebben gehaald. Over de inzending van Leonie Veerman oordeelde de jury: ‘Geeft op een prikkelende manier het verschil aan tussen het genieten van films en van literatuur, en biedt een ontwapenende blik op het leven als een aaneenschakeling van narratieven.’

Ik herinner me nog goed dat mijn klasgenootjes op de middelbare school de verplichte literatuurlijst van het vak Nederlands als de grootste beproeving zagen die ze in hun leven moesten doorstaan. Sommigen gaven na het examen zelfs trots toe dat ze zich door al hun boekverslagen en het mondeling heen hadden gebluft zonder ook maar een van de boeken open te hebben geslagen. Fictie is nutteloos en lezen is een marteling van je geest, dus waarom zou je de moeite doen?

Toch hoor ik na afloop van iedere spectaculaire Hollywood filmadaptatie altijd wel iemand beweren dat het boek aanzienlijk beter was. Het lijkt alsof boekenliefhebbers zich uitsluitend ophouden in de lobby’s van bioscopen, hetgeen dan wel maar weer eens bevestigt dat ze een uitstekend begrip hebben van de werking van ironie. Of is dit helemaal zo gek nog niet? In zekere zin verschillen literatuur en film namelijk niet zo erg van elkaar. Het zijn beide vormen van een narratologische structuur: ze vertellen een verhaal.

Mensen smullen van verhalen omdat het onze menselijke manier van denken imiteert, ik zou zelfs durven zeggen dat het onze manier van 'zijn’ imiteert. De mens is een narratologisch wezen: de vierdimensionale wereld waarin wij leven houdt ons gevangen in een lineair verloop van tijd en gebeurtenissen. Doordat ons 'zijn’ is gebonden aan een zekere positie in ruimte en tijd, ervaren wij ons leven als een aaneenschakeling van 'scenes’. Wij zijn een verhaal met een begin, een midden en een eind en bewegen ons langzaam maar zeker door alle hoofdstukken van ons leven.

Wij zijn een verhaal met een begin, een midden en een eind

Dat dit onze manier van denken beïnvloedt zien we terug in de wetenschap. Wij denken in oorzaak en gevolg: iedere actie vraagt om een reactie. Ook in de natuurkunde vinden we een verhalende structuur terug bij het verklaren van verschijnselen, eerst gebeurt er dit, dan vervolgt dat, en logischerwijs verwachten we daarna het volgende. Ook de zorg kent een verhalend aspect: de dokter stelt zijn prognose door nauwkeurig te luisteren naar het verhaal van patiënt. In het bijzonder geldt dit voor de psychologie, een segment van de zorg dat zich volledig lijkt te baseren op de verhalen, en dan met name de tragische of ondraaglijke hoofdstukken en scenes uit het leven van de patiënt. Tenslotte hebben we de geschiedenis, 'het grote verhaal’, dat we in principe kunnen zien als een wetenschapsgebied dat zich uitsluitend bezig houdt met het narratief van de wereld.

Dit beschouwend kan literatuur als het typische domein van onze gedeelde menselijke natuur en de aard van de mens gezien worden. In fictionele verhalen vindt je de meest sprekende beschrijvingen van wat het inhoudt om te leven. Het verbeeldt de handelingen en gebeurtenissen uit het leven van de mens en de emoties en reacties die de mens hierop heeft. Dit kan een groot gevoel van herkenning teweeg brengen bij de lezer van een boek, en ons soms zelfs een universeels en tijdloos besef meegeven over wat het is om mens te zijn.

Volgens de veelbesproken filosofe Martha Nussbaum is literatuur in staat het empathische vermogen van de mens te versterken. Wanneer wij lezen, leven wij mee met de protagonist. Neurologisch onderzoek heeft zelfs bewezen dat onze hersenen reageren op de handelingen van de protagonist op een manier waarop het lijkt alsof wij het zelf zijn die de handelingen verrichten. In onze hersenen bevinden zich zogeheten spiegelneuronen, die bij het zien of lezen van een handeling die een ander verricht, oplichten in precies dezelfde delen van de hersenen die ook zouden oplichten wanneer wij zelf de handeling zouden verrichten. Voor de lezer voelt het dus alsof hij of zij alles wat de protagonist beleeft zelf ook meemaakt. De meesten van ons zullen het herkennen dat je jezelf helemaal kunt verliezen in een boek. Voor even ben je helemaal een ander. Voor Martha Nussbaum betekent dit effect van medeleven dat je ook in het dagelijks leven meer emphatie leert voelen voor anderen. Volgens haar zou literatuur daarom een prominente plek in het onderwijs moeten verkrijgen, zodat scholieren worden opgeleid en opgevoed tot betere mensen, en, in haar ogen, ideale staatsburgers.

Dit effect zou zich in principe echter net zo sterk voor kunnen doen in films of andere moderne media (wellicht zelfs sterker omdat het, hoewel het geen uitingen kan geven van gedachtes of innerlijke gevoelens van de mens, wel een vrijwel letterlijke afbeelding geeft van de werkelijkheid).Toch vermoed ik dat het idee van (meer) films in het onderwijs weinig, of toch tenminste beduidend minder, aanhangers zal trekken.

Mensen zijn verslaafd aan de verdovende effecten van films en media

Over het algemeen ziet men literatuur toch als een meer intellectuele bezigheid dan film. Het lezen van een boek, en met name de spreekwoordelijke literatuur met de hoofdletter L, een zekere inspanning van de lezer. Waar je bij een film rustig achterover kunt leunen en je met je verstand op nul laat meeslepen door de beelden, wordt de lezer geacht zich de geschreven scenes zelf te verbeelden. Jorge Louis Borges noemde literatuur ook wel ’a guided dream’, je wordt als lezer geleid door een verhaal, maar je bent zelf de regisseur, je moet het uiteindelijk zelf 'dromen’. De lezer verricht tijdens het lezen dus gelijktijdig een creatieve act, hij of zij verbeeldt zijn eigen, unieke verhaal.

En ja, dit kost een zekere moeite en inzet die bij een film niet nodig is. Maar is dit dan ook automatisch de reden dat literatuur minder populair is dan film? Is de mens zo verwend op het gebied van vermaak, dat niemand zich meer wil inspannen voor zijn plezier? Schrijver John Green verwonderde zich in zijn vlog van 28 februari jongstleden over een vergelijkbaar fenomeen:

'When it comes to books and learning, hard is often seen as the opposite of fun, it’s strange to me that we should be so quick to give up on a book or a math problem when we are so willing to grapple for centuries, if necessary, with a single level of Angry Birds.’

De vergelijking met 'Angry Birds’: de bestverkopende app onder de games, is treffend, want het spelen van dit specifieke spelletje kan de speler flink wat moeite kosten, maar dit lijkt geenszins af te doen aan de populariteit van het spel.

Ik geloof dan ook niet dat het mensen er om gaat dat ze geen moeite willen doen. Het punt is dat je bij Angry Birds naast de moeite die je doet wel constant vermaakt wordt met de kleurrijke graphics. Oké, je bent uren bezig met het vinden van de juiste hoek waarmee je de vogeltjes richting de torentjes schiet, maar als je deze eenmaal hebt gevonden, storten de torentjes in en worden de gemene varkentjes vermorzelt! Overwinning smaakt zoet!

Nee, dan literatuur, hier gaat het erom dat je de hele kleurrijke enscenering en eventuele bloederige actie zelf tot leven roept in je geest. Je wordt geacht het hele boek zelf te regisseren in je hoofd en elk woord te vertalen in een zelf gecreëerd beeld, waarbij je vrij bent het zo bont te beleven als je zelf wilt. Dit is een andere soort moeite dan die in Angry Birds en bijvoorbeeld films. Het lijkt mij dat het deze specifieke actieve verbeelding is die gepaard gaat met het lezen, waarvoor mensen zich niet meer kunnen of willen inspannen.

De digitale revolutie met al zijn spetterende beelden en adembenemende 'special-effects’ lijkt ons vermogen tot verbeelding hebben doen krimpen. We zijn verslaafd aan de verdovende effecten die de huidige films en media op ons hebben en kunnen onszelf niet meer vermaken met slechts onze eigen ongetrainde verbeelding.

Hoewel ik mezelf ook regelmatig trakteer op een film en niet wil overkomen als een conservatieve klager, zie ik hier toch reden om me zorgen te maken. De echte kracht van literatuur zit hem in de magie, de betovering en het individuele avontuur van de lezer. Je gaat een persoonlijke relatie aan met een boek, de woorden begeleiden je door een eigen unieke droom. Harry Potter had miljoenen gedaantes kunnen hebben zonder ook maar enige overeenkomst met Daniel Radcliffe. Er zou een manier gevonden moeten worden om het lezen van literatuur te stimuleren op een manier waarop mensen de rijkdom hervinden die in boeken verscholen ligt. Er schuilt een persoonlijke wereld in ieder boek, en mensen hebben recht op deze eigen unieke dromen, in plaats van de uitgekauwde beelden die de moderne entertainmentindustrie hun constant opdringt.