Het Buenos Aires-gevoel

Buenos Aires – Ernesto Sábato beschreef Buenos Aires in zijn novelle _De tunnel _als een betonnen, overbevolkte hel. Wellicht zou de vorig jaar overleden schrijver nu wat milder zijn. De Argentijnse hoofdstad zorgt tegenwoordig goed voor haar literatoren. Sinds 2009 hebben auteurs van zestig jaar of ouder die minstens vijf boeken bij erkende uitgevers hebben gepubliceerd recht op een maandelijks stadspensioen van bijna negenhonderd dollar.

Ruim tachtig maken er inmiddels gebruik van. Onder hen horror-auteur Alberto Laiseca (71). ‘Een fantastisch programma’, zegt hij monter. ‘Veel schrijvers hebben een mager pensioentje. Op deze manier krijgen we erkenning voor het feit dat we ons leven aan de literatuur hebben gewijd.’ Ook directeur Alejandro Vaccaro van het Genootschap voor Schrijvers juicht de regeling toe, al spreekt hij liever van een aanmoedigingssubsidie: ‘Ik zou het geen pensioen noemen, schrijvers bereiken hun artistieke volwassenheid juist op oudere leeftijd.’

Het schrijverspensioen lijkt een landelijk vervolg te krijgen. In juli diende kamerlid Juan Carlos Junio daartoe een initiatiefwet in bij het Huis van Afgevaardigden. Hij weet dat het politieke klimaat er rijp voor is; het past mooi in het ruimhartige sociale beleid van president Cristina Kirchner en wijlen haar echtgenoot en voor­ganger Néstor Kirchner. Het Argentijnse pensioenstelsel werd in 2008 genationaliseerd en heeft inmiddels een dekkingsgraad van negentig procent van de pensioengerechtigde bevolking, hoger dan waar ook in Latijns-­Amerika. Het lijkt niet meer dan logisch dat het land dat literaire grootheden als Jorge Luis Borges en Julio Cortázar voortbracht ook zijn schrijvers voorziet van een zorgeloze oude dag.

Toch is er ook kritiek. Sinds de Kirchners in 2003 aan het roer kwamen, zijn de overheids­uitgaven door een veelheid aan subsidies en sociale programma’s geëxplodeerd. En aangezien het land na de schuldencrisis van 2002 niet meer welkom is op de internationale geldmarkten, probeert de regering-Kirchner via nationaliseringen, importbeperkingen en een steeds steviger greep op de dollar haar zwaar gesubsidieerde samenleving betaalbaar te houden.

Bij een torenhoge inflatie en met een recessie op komst lijkt die missie weinig kans van slagen te hebben. Dat vindt ook de rechtse burgemeester Mauricio Macri van Buenos Aires. Zijn partij onthield zich in 2009 van stemming over het lokale schrijverspensioen. Macri vindt het fiscaal onverantwoord om de subsidieberg steeds opnieuw te vergroten, maar ostentatief tégen pensioenen voor het in Argentinië zo geliefde schrijversvak stemmen ging ook hem te ver.