Jordanië in de polder

Het cordon spectaculaire

Geert Wilders wordt definitief vervolgd voor haatzaaien en belediging. Vorige maand wees de Hoge Raad cassatie af. Hoe de uitspraak van de rechter straks ook moge luiden, de leider van de stichting PVV zal triomfantelijk zijn lot als verstoten held aanvaarden. Een vervolging als cadeau.

VOORAFGAAND AAN de verschijning van Geert Wilders’ anti-islamfilm Fitna verkeerde Nederland wekenlang in ‘alarmfase 1’. Het kabinet waarschuwde, bij monde van premier Balkenende, voor ‘een forse crisis’ en nam talloze maatregelen om eventuele onlusten te voorkomen. Moslims in eigen land werden bij voorbaat tot kalmte gemaand; onze ambassades over de grens in opperste staat van paraatheid gebracht.
Zelfs de inlichtingendienst AIVD en nationaal terrorismebestrijder Tjibbe Joustra moesten er aan te pas komen. Of Wilders werkelijk van plan was de Koran te verscheuren, wilden zij weten – in verband met het ‘dreigingsniveau’. Onderwijl deed de premier, en zijn minister van Buitenlandse Zaken Maxime Verhagen (CDA), herhaaldelijk een moreel appèl op de PVV-leider, die volgens hen ‘zijn verantwoordelijkheid’ moest nemen door de film niet uit te brengen.
Zo paniekerig als de sfeer vooraf was, zo gelaten waren de reacties toen de film eenmaal op internet verscheen. Behoudens een paar brandende vlaggen en – door de plaatselijke autoriteiten in scène gezette – demonstraties van ‘woedende moslims’ in het Midden-Oosten, werd Fitna met schouderophalen onthaald. De demonstraties deden het goed in de op sensatie beluste media, maar navraag leerde dat het gros van de demonstranten, net als bij de Deense cartoons, de film niet eens had gezien.
Tot een boycot van Nederlandse producten, waar de regering voor vreesde, kwam het evenmin. Wel verschenen er drie ‘tegenfilms’, onder andere van de Arabisch-Europese Liga. In eigen land nodigden diverse islamitische organisaties de PVV-leider uit voor een debat, als gebaar van goede wil. Slechts een handjevol moslims deed aangifte tegen de politicus wegens haatzaaien en discriminatie, maar het Openbaar Ministerie concludeerde na maandenlang onderzoek dat strafrechtelijke vervolging kansloos was – en seponeerde de zaak.
Tot 21 januari van dit jaar. Met terugwerkende kracht besloot het gerechtshof in Amsterdam dat het OM Wilders toch moest vervolgen wegens (groeps)belediging, godslastering, haatzaaien en discriminatie. Op die beslissing volgde een angstvallige stilte in politiek Den Haag. Het CDA, GroenLinks en D66 wensten niet te reageren, om ‘politieke inmenging’ met de rechtsgang te voorkomen. De PVDA juichte de vervolging enkel toe en besloot verder te zwijgen. Alleen SP, VVD en Kamerlid Verdonk kraakten kritische noten over de beslissing van het hof, zij het op nogal bescheiden toon.
Het contrast met de ophef rondom Fitna kan bijna niet schriller, en is even zorgwekkend als onbegrijpelijk. De politieke en maatschappelijke chaos die de rechtszaak tegen Wilders in potentie met zich meebrengt, is namelijk vele malen groter en reëler dan het gevaar van Fitna ooit geweest is. Het lijkt wel alsof het Haagse pluche blijmoedig toekijkt hoe zijn eigen graf gegraven wordt. De zaak-Wilders zal immers de hele wereld over gaan en, met name in de conservatievere media, worden afgeschilderd als een politieke terechtstelling die men tot nu toe slechts van China of Rusland gewend was.
De antipathie van Wilders’ achterban jegens het politieke establishment zal dus onvermijdelijk toenemen, gesterkt door het beeld van hun leider als ‘slachtoffer’ van de zittende macht. En reken er maar niet op dat de PVV-leider zélf zich enige moeite zal getroosten dat beeld te nuanceren. Integendeel, hij zal het uitmelken als een cordon spectaculaire. Hoe de uitspraak van de rechter ook moge luiden, Wilders zal als politieke en morele winnaar uit de banken van vrouwe Justitia herrijzen en triomfantelijk zijn lot als verstoten held aanvaarden. Voor de bühne heeft hij zich tot op heden al ‘zeer bezorgd’ getoond over de zaak – hij repte zelfs over ‘de doodsteek’ voor zijn partij – maar achter de schermen zal hij beter weten: de PVV gaat hier genadeloos van profiteren, financieel en electoraal.

IN HOOFDZAAK ZIJN er, enkele juridische tussenwegen daargelaten, twee mogelijke scenario’s: óf Geert Wilders wordt vrijgesproken, óf hij wordt veroordeeld. Volledige vrijspraak acht ik veruit het waarschijnlijkst, al was het maar omdat aan de bewijslast voor haatzaaien, godslastering en belediging praktisch niet is te voldoen. In het geval van krenking van (religieuze) gevoelens moet immers worden aangetoond dat er van een intentie om te kwetsen sprake is geweest, en intenties bewijzen is zo goed als onmogelijk – zeker als de ‘dader’ deze van meet af aan heeft ontkend.
Haatzaaien is al even lastig hard te maken, helemaal in dit geval: er zijn na de verschijning van Fitna geen moslims bedreigd, geen moskeeën bekogeld en geen massale rellen uitgebroken – en al was dat wel het geval, dan nog is het juridisch bijna niet sluitend te krijgen dat Wilders of zijn film daar de ‘oorzaak’ van is geweest. Als er in Nederland al sprake is van haat jegens moslims (waar blijkt dat uit?), lijkt mij Mohammed B. een veel plausibelere bron. Waarom werd de islamitische moordenaar van Theo van Gogh dan niet voor haatzaaien veroordeeld? Daar is een goede reden voor: het verband is meetbaar noch aantoonbaar.
En bovendien, haat zelf is niet strafbaar. Zolang iemand geen wetten overtreedt, staat het eenieder vrij te haten wie of wat hij wil. Hoe het zaaien ervan wél strafbaar kan worden bevonden, beschouw ik (net als de VVD overigens, die deze vraag terecht opwerpt in haar recente motie ter verruiming van de vrije meningsuiting) als een juridisch raadsel. En, nog belangrijker, als een juridisch wespennest: wat let Wilders nu nog om advocaat Gerard Spong (die de PVV’er vergeleek met nazileider Goebbels) of GroenLinkser Tofik Dibi (die hem uitmaakte voor extremist) niet óók te dagen wegens haatzaaien? De lijst van potentieel terechtgestelden is eindeloos.
Hoe het OM Wilders veroordeeld denkt te krijgen voor discriminatie is mij bovendien ook onduidelijk. Ik heb de PVV-leider zich daar nog nooit schuldig aan zien maken. Ja, hij scheert moslims doorlopend over één kam, vergelijkt hun aanwezigheid met natuurrampen en hun heilige boek met nazipropaganda. Maar heeft hij ooit daad bij woord gevoegd? Nee, en daar zit toch de crux. Grondwettelijk gezien is en blijft discriminatie immers een kwestie van ongelijke behandeling. Pleiten voor het weren van moslims bij de grens is dus niet hetzelfde als een slagboom installeren en islamieten rechtsomkeert laten maken. Mocht het ooit zo ver komen, dan verzeker ik u: ik ben de eerste die er aangifte van doet.
Maar zou discrimineren in woorden eveneens strafbaar zijn, dan zouden we het politieke debat bij deze kunnen staken, tenzij we enkel nog wensen te spreken over de mensheid als geheel. Discrimineert de SP immers niet evengoed alle ‘liberalen’ in de wereld wanneer zij weer eens van leer trekt tegen hun vrijemarktideologie? En hoe zit het dan met de ChristenUnie, die homoseksuelen consequent afschildert als zondig of ziek? Om nog maar te zwijgen van de SGP. Die partij voegt nota bene wél daad bij woord door vrouwen niet toe te laten tot de fractie. Heeft zij zich daar ooit voor moeten verantwoorden voor een rechter? Nee, dus waarom Wilders wel? Nu ja, ook moslims kunnen geen lid worden van de PVV, maar daar houdt de analogie wel zo’n beetje op: niemand kan immers lid worden van de PVV.
Vrijspraak ligt dus voor de hand. Dat stelt de politieke tegenstanders van Wilders echter onverwacht voor een nieuw probleem. Het zal voor hen namelijk een stuk lastiger worden om Wilders in het debat nog aan te vallen op zijn zwakke punten, zoals het stigmatiseren van bevolkingsgroepen of het nastreven van een ongrondwettelijke agenda. Bij vrijspraak heeft Wilders immers een rechterlijke uitspraak in handen die het tegendeel ‘bewijst’.
Anders gezegd, de rechter velt in deze zaak niet alleen een strikt juridisch oordeel (is het strafbaar wat hij zegt?), maar onbedoeld ook een politiek oordeel (is het billijk wat hij zegt?). Tenminste, zo zal de PVV de uitspraak zonder twijfel duiden. Wordt Wilders onschuldig bevonden, dan slaat de rechter de Pechtolds en Hamers van deze wereld dus nogal wat argumenten uit handen: zij kunnen wel vinden dat Wilders moslims over één kam scheert, maar het hof heeft anders bepaald. Wat valt daar dan tegen in te brengen?

REST ONS scenario 2: Wilders wordt wél schuldig bevonden aan (een combinatie van) haatzaaien, belediging of discriminatie. Een grote groep mensen, voornamelijk van PVDA-huize, zal dat waarschijnlijk vieren als een overwinning van de rechtsstaat, totdat het besef is neergedaald dat het een pyrrusoverwinning betreft. Want een veroordeling zal Wilders eindelijk het ultieme bewijs verschaffen waaraan het hem altijd heeft ontbroken: de islam is dus tóch een gevaar voor onze gekoesterde vrijheden, in het bijzonder die van de vrije expressie. Tot op heden waren de bewijzen voor die stelling schaars en dun. Wilders wordt weliswaar bedreigd, maar aan de vrijheid om te spreken heeft het hem nooit ontbroken. Integendeel, de overheid heeft hem altijd beschermd.
Een veroordeling zou daar definitief verandering in brengen. Plots zou Wilders, uit naam van ‘de moslims in Nederland’, de mond worden gesnoerd. Een groter cadeau kan de PVV-leider zich niet wensen. Jordanië in de polder lijkt dan, hoe ironisch ook, definitief een feit. Wees niet verbaasd als het woord ‘fatwa’ een aantal jaren als een spook door de Nederlandse politiek en de Hollandse kroegen zal waren.
De acht achtergebleven fractieleden van de PVV zullen daar zeker raad mee weten – en dientengevolge twee jaar later een stuk of veertig nieuwe collega’s kunnen begroeten in de Tweede Kamer. Een veroordeling bevestigt immers precies datgene waar de Partij voor de Vrijheid politiek op drijft: gevoelde onmacht. Strikt genomen zaait Wilders niet zozeer haat als wel een gevoel van hulpeloosheid – het ‘volk’ als weerloos slachtoffer van onstuitbare bedreigingen (islam, Europa) en een elite die dat negeert.
Stop hún stem in de doofpot van de rechter en je bevestigt dus precies wat je eigenlijk zou moeten ontkrachten. Daarmee is ook de volstrekte ineffectiviteit van de hele zaak bewezen: Wilders mag dan terechtstaan, zijn gedachtegoed zal er zeker niet door verdwijnen. Integendeel, veel waarschijnlijker is dat zijn ideeën zich zullen verspreiden als waren ze een Mexicaanse griep.
Wie daaraan twijfelt, hoeft slechts te kijken naar Wilders’ groeiende populariteit over de grens. Alleen al het feit dat hij op het punt staat vervolgd te worden, helpt de PVV-leider enorm bij zijn fondsenwerving, zo blijkt uit een recent onderzoek van Vrij Nederland. Talloze conservatieve donateurs uit de Verenigde Staten zien in de rechtszaak namelijk hét teken dat Wilders’ agenda steekhoudend is: de vrijheid staat op het spel en het ‘laffe Europa’ doet er niets aan.
Organisaties als Jihad Watch, die volgens Amerikaanse belastingregels helemaal geen politieke partijen mogen steunen, grijpen de vervolging aan als maas in de wet: zij doneren niet aan de PVV, maar steunen Wilders slechts bij zijn ‘advocatenkosten’. Dat hun dollars niettemin rechtstreeks in de partijkas vloeien, is de autoriteiten tot nu toe ontgaan.
Volgens de Nederlandse regelgeving is de financiële steun die Wilders ontvangt overigens volstrekt legaal. De PVV is immers geen partij, maar een beweging. Dat vrijwaart Wilders van de strenge donatieregels die voor alle andere partijen in ons land wél gelden en ontslaat hem bovendien van de plicht zijn geldbronnen te openbaren. Het Openbaar Ministerie zou zijn energie dan ook beter kunnen steken in een onderzoek naar de legitimiteit van deze spitsvondige constructie: de PVV is op papier een stichting, maar functioneert in de praktijk gewoon als Tweede-Kamerpartij, met alle voordelen, zoals beveiliging, van dien.
De vraag is of dat mag, en zo ja, of de regels voor volksvertegenwoordigers in ons parlement wat betreft hun organisatorische transparantie niet node aangescherpt moeten worden. Opheldering daarover zou de Nederlandse politiek een veel grotere dienst bewijzen dan antwoord op de vraag of Wilders’ boodschap wel door de beugel kan. Ik bedoel, tegen een filmpje als Fitna is onze democratie heus wel bestand. Zoek liever uit wie ’t betaald heeft.