Het E-woord

Met het debat over de misstanden bij Defensie heeft minister Hillen geen krediet opgebouwd bij de oppositie. Daar leek hij ook helemaal niet op uit. Excuses passen niet in zijn strategie.

VOOR CDA-MINISTER Hans Hillen van Defensie was het de week van de excuses. Voor Libië kreeg hij het E-woord over zijn lippen, voor de oppositie in de Tweede Kamer niet. De op zijn eigen bevolking schietende generaal Moammar Kadhafi kreeg namens Hillen wel excuses aangeboden, omdat Nederland zonder toestemming van de Libische autoriteiten met een Lynx-helikopter van de marine was geland op het strand bij de stad Sirte om daar een Nederlander op te halen. Maar de oppositie die erom had gevraagd omdat Hillen in haar ogen het parlement verkeerd had geïnformeerd over misstanden bij de marine kreeg ze niet.
Hillen heeft het op dit moment zwaar te verduren. Wie dat nog niet in de gaten had, wordt daar wel bij geholpen door PVV-leider Geert Wilders, de gedoogpartner van het minderheidskabinet van VVD en CDA. Nadat Wilders kort na het aantreden van het kabinet eerst CDA-minister Gerd Leers voor Immigratie en Asiel de zwakste schakel in het kabinet had genoemd, viel dit weekeinde de eer te beurt aan Hillen om door Wilders persoonlijk te worden aangevallen. In de ogen van de PVV-leider is Hillen een verdwaalde geest en eerder een brekebeen dan een groot strateeg.
Wilders vuurde zijn pijlen af op Hillen, de CDA-man die heeft gezegd dat de PVV steeds fellere taal zal moeten uitslaan om de achterban te kunnen blijven boeien. Maar zo'n context raakt snel uit het zicht, waardoor, al dan niet bewust, Wilders het lijkt te hebben over Hillen, de minister van Defensie die met zijn drie hoofdpijndossiers inderdaad wel enig strategisch inzicht lijkt te kunnen gebruiken. Want hoe kon het gebeuren dat de bevrijdingsactie in Sirte mislukte, waardoor de driekoppige helikopterbemanning in handen viel van Kadhafi-getrouwen? Zijn de misstanden bij Defensie structureel zoals de oppositie beweert of zijn het incidenten? En krijgt de minister de Tweede Kamer en het defensiepersoneel mee bij de grote bezuinigingsoperatie die gaat komen?
Los van elkaar zijn die drie dossiers niet te zien. Als uit de toegezegde evaluatie zou blijken dat bij de operatie met de Lynx-helikopter een fout is gemaakt door Defensie die voorkomen had kunnen worden, dan zal het optreden van Hillen vorige week in het debat over de misstanden bij de marine aanleiding zijn om de minister daarvoor extra hard aan te pakken, hetgeen zijn positie weer verzwakt bij de op handen zijnde bezuinigingsoperatie.
Krediet bij de oppositie in de Kamer heeft Hillen met het debat over de misstanden niet opgebouwd. Hillen leek daar ook helemaal niet op uit, tot grote ergernis van de oppositie. Ergernis omdat Hillen weigerde excuses aan te bieden, ergernis omdat hij niet meeging in de formulering dat hij de Kamer verkeerd zou hebben geïnformeerd, ergernis omdat hij niet wilde toezeggen dat voortaan elk incident zou worden gemeld en ergernis omdat hij niet wilde beamen dat de misstanden structureel zijn.
Voor Hillen waren er allerlei redenen om niet in te gaan op de wensen van de oppositie. Dat de PVDA aan de minister vroeg voortaan elk incident bij Defensie te melden, symboliseerde welhaast het verschil tussen de katholiek Hillen die accepteert dat de mens zondigt en PVDA-Kamerlid Angelien Eijsink die gelooft in maakbaarheid. Wil de PVDA van elke dronken militair op de hoogte worden gebracht en dan vervolgens horen hoe de minister denkt dronkenschap in de toekomst te voorkomen? Enige inkadering van het soort incidenten dat het melden waard is, had het verzoek geloofwaardiger gemaakt en daarmee lastiger te weigeren.
Dat de oppositie Hillen vroeg te beamen dat de misstanden structureel zijn, was het onmogelijke van hem vragen op dit moment. De logische vervolgvraag zou immers zijn geweest: waarom grijpt de minister dan niet onmiddellijk en veel structureler in? Hillen zou dan in één klap al het defensiepersoneel tegen zich in het harnas hebben gejaagd. Dat is niet alleen tactisch onverantwoord, omdat hij dat personeel nodig heeft bij militaire operaties en bij het accepteren van de ingrepen als gevolg van de bezuinigingen. Dat is ook niet netjes tegenover de vele mannen en vrouwen bij Defensie die niets met misstanden van doen hebben. Wat is een minister waard die zijn mensen laat vallen ten eigen voordeel?
Ook zijn weigering het E-woord in de mond te nemen, was een bewuste daad van Hillen. Als hij excuses had gemaakt, had dat moeten zijn voor het verkeerd informeren van de Kamer. Dat woord ‘verkeerd’ interpreteert Hillen als bewust verkeerd informeren, hetgeen een doodzonde is in de politiek. Daarvan was volgens Hillen geen sprake; het zou secretaris-generaal Ton Annink en de directeur van de dienst waar de misstanden bestonden slechts zijn ontschoten het de minister te vertellen, zodat die het de Kamer niet kon melden. Hillen is politicus genoeg om te weten dat hij dit verweer slechts één keer kan houden.
Als Hillen het E-woord nu in de Kamer in de mond had genomen, had hij daar mogelijk niet alleen zelf consequenties aan moeten verbinden; het zou ook niet zonder gevolgen hebben kunnen blijven voor zijn secretaris-generaal en de directeur van de betreffende dienst. Ministeriële verantwoordelijkheid ontslaat ambtenaren niet van hun eigen verantwoordelijkheid.
Annink lijkt echter de steunpilaar van de minister bij de komende bezuinigingsoperatie. Daarbij gaat het niet alleen om vele miljoenen euro’s en grote aantallen banen, maar ook om de visie op de krijgsmacht van de toekomst. Dat gaat extra pijn doen. Welke defensieonderdelen passen daar nog bij, welke moeten verdwijnen, is de militaire top het daar over eens of verschillen ze onderling en met de minister en Annink van mening? Dat is de strijd die op dit moment op het ministerie wordt gestreden. Hillen liet die voorgaan. Het E-woord paste niet in zijn strategie.