Parijs: De doodlopende tactiek van IS

Het eigen zwaard

IS lijkt overgestapt te zijn van een lokale naar een wereldwijde strategie. Gevaarlijker voor ons, maar ook voor IS zelf. ‘Historisch gezien pakte een mondiale strategie altijd slecht uit voor een terreurgroep.’

Medium 7f0f16a2 68be 43dd 89dd 0799538a62ca

Sinds Islamitische Staat anderhalf jaar geleden aan haar stormachtige opmars begon, heeft de groep een duidelijk herkenbaar handelsmerk: opvallende wreedheid die vijanden moet intimideren en vrienden moet mobiliseren. Die wreedheid was een dagelijkse affaire geworden, met vele doden als gevolg. Maar tot vorige maand was het geweld van IS bijna uitsluitend een lokale aangelegenheid, gericht op Syriërs en Irakezen. Toen begonnen er opeens doden te vallen, veel doden, buiten het oorlogsgebied waar IS opereert.

Op 10 oktober: IS claimt een bomaanslag op het Centraal Station van Ankara, met ruim honderd doden de ergste terreuraanslag ooit in Turkije. Op 31 oktober: IS claimt een bomaanslag op een Russisch vliegtuig boven de Sinaï-woestijn. Als het inderdaad een terreurdaad betreft, is dat met 224 doden de meest dodelijke aanslag buiten oorlogsgebied ooit na de aanslagen van 11 september 2001. Op 11 november: twee zelfmoordaanslagen in een Hezbollah-wijk in Beiroet, geclaimd door IS. Met ruim veertig doden is dit het ergste geweld in Libanon sinds het einde van de burgeroorlog in de jaren negentig. Op 13 november: IS claimt de aanslagen in Parijs. Met ruim 130 doden is 13 november de bloedigste dag in Frankrijk sinds de Tweede Wereldoorlog. Ook in de gebruikte methoden zijn deze aanslagen van een andere dimensie dan eerdere.

Bijna alle analyses die sinds afgelopen weekend over IS verschijnen, concluderen dan ook dat de groep een nieuwe weg is ingeslagen. De aanvallen in Parijs ‘tonen een terreurorganisatie die in belangrijke opzichten veranderd is’, zegt bijvoorbeeld de historicus William McCants, auteur van het net verschenen boek The ISIS Apocalypse, in The New York Times. ‘Ze zijn duidelijk verschoven in hun denken over hun doelwitten. Ze zijn de Rubicon overgestoken.’ De voormalige cia-analist Patrick Skinner schreef hetzelfde. Sommige analisten willen voorzichtig zijn. Zo waarschuwde de Duitse schrijver en Die Zeit-redacteur Yassin Musharbash dat ‘IS complex genoeg is om meer dan één pad te volgen’, en dat dus niet ‘alles wat er gebeurt een strategiewijziging is’. Maar er is onderhand wel erg veel bewijs dat er iets grondig is veranderd.

Dat is ook de overtuiging van de Britse journalist Jason Burke, die eerder boeken schreef over al-Qaeda en over de ‘9/11 Wars’, en die in augustus The New Threat from Islamic Militancy publiceerde. Hij beantwoordt vragen over IS telefonisch vanaf de achterbank van een taxi in Delhi. ‘IS heeft haar doelwitten en de toepassing van geweld tot nu toe altijd uitgebreid overwogen, en dat lijkt nu ook zo te zijn’, zegt hij. ‘In het algemeen heeft de groep altijd de adviezen heel serieus genomen uit het boek Het beheer van wreedheid, een sleuteltekst voor radicale islamitische groepen. Dat boek raadt aanvallen op burgers in het Westen aan om westerse landen af te schrikken of juist uit te lokken tot een overreactie.’

‘Een samenleving met harde, scherpe tegenstellingen is een vruchtbare bodem voor extremisme en rekrutering’

Hij vervolgt: ‘IS lijkt met haar aanvallen drie doelen te willen bereiken. Ten eerste het terroriseren van mensen in de samenleving die hun doelwit is, nu dus het Westen. Ten tweede het mobiliseren van de eigen achterban. Voor ons torent IS nu boven alle andere groepen uit, maar er zijn veel militante groepen en IS wil moslims bewijzen dat zij de belangrijkste kracht is die de toekomst van de umma vormgeeft, de gemeenschap van alle moslims. Dat is voor het aantrekken en rekruteren van nieuwe vrijwilligers van groot belang. En ten slotte wil IS polariseren. Het is duidelijk dat IS heeft geconcludeerd dat polariseren in haar voordeel is. De groep heeft tegenstellingen overal in het Midden-Oosten aangewakkerd, omdat een samenleving met harde, scherpe tegenstellingen een vruchtbare bodem is voor extremisme en rekrutering. Het lijkt erop dat de leiding van IS heeft geconcludeerd dat dit ook in Europa moet gebeuren.’

Burke waarschuwt wel dat het analyseren van de strategie van IS een stuk lastiger is dan bij al-Qaeda: ‘Al-Qaeda probeerde zelf een heldere strategie te formuleren, en via openlijke of onderschepte stukken was er een vrij helder beeld van de strategische doelen van al-Qaeda te maken. De retoriek van IS is juist heel ondoorzichtig, vaag en repetitief. Maar in dit geval lijkt IS haar wijziging in strategie te hebben aangekondigd. Eerder dit jaar verscheen in Dabiq, het magazine van IS, een commentaar waarin stond dat de tijd gekomen was om “de grijze zone” te vernietigen. Met de grijze zone bedoelt IS alles wat tussen geloof en ongeloof in staat, alles tussen de gelovigen en de afvalligen. Ironisch genoeg schreef IS toen dat George W. Bush en Osama bin Laden al veel hadden gedaan om bij mensen de keuze af te dwingen in welk kamp ze wilden zitten. Maar nu was de tijd gekomen, schreef Dabiq toen, om verdeeldheid naar de wereld te brengen en overal de grijze zone te vernietigen. De aanval op Charlie Hebdo past in dat idee, de aanslagen van vrijdag ook.’

Sommige aanwijzingen uit inlichtingenkringen suggereerden dat ook. Zo citeerde The Financial Times deze herfst twee anonieme veiligheidsfunctionarissen die meenden dat IS een ‘spectaculaire’ aanval wilde uitvoeren; helaas is dat gebeurd. De vraag is nu niet alleen wat IS daarmee wil bereiken, maar ook wat die wijziging in strategie heeft veroorzaakt. Burke speculeert dat dit al een vooraf geplande fase is in het conflict zoals IS dat ziet, of dat het succes van eerdere aanslagen – eerst die van een lone wolf in het Joods Museum in Brussel, daarna die op Charlie Hebdo – IS op dat spoor heeft gezet.

Een interessantere verklaring wordt gegeven door een man die is geïnterviewd door de Amerikaanse journalist Michael Weiss, de co-auteur van het dit jaar verschenen boek ISIS: Inside the Army of Terror. In het interview, geplaatst op de Amerikaanse website The Daily Beast, claimt de man dat hij lange tijd bij de interne veiligheidsdienst van IS werkte maar IS verliet om zijn eigen militia te stichten. Hij stelt dat IS het afgelopen jaar steeds meer ging ‘proberen om slapende cellen te creëren over de hele wereld’. De reden daarvoor is het opdrogen van de stroom rekruten uit het buitenland, het verlies van sommige slagen tegen bijvoorbeeld Koerdische milities en de grote verliezen die IS sinds een jaar lijdt.

‘Osama bin Laden werd opgejaagd, is nu dood en zijn organisatie is een schim van wat die ooit was’

Maar erg pragmatisch lijkt het niet, schrijft de eerder genoemde William McCants in een essay voor de website van het maandblad Foreign Policy. Twee van de vier buitenlandse IS-aanslagen van afgelopen maand waren gericht tegen in Syrië strijdende partijen die IS relatief met rust lieten: Hezbollah en Rusland. Als zij hun afzijdigheid van IS laten varen krijgt de groep het snel moeilijker. Omdat IS door Koerdische milities, het Iraakse leger en de Amerikaans/Franse luchtaanvallen steeds verder wordt teruggedrongen – IS raakte afgelopen jaar een kwart van zijn grondgebied kwijt – lijkt het niet erg praktisch om nieuwe vijanden in het veld te brengen.

Dat is natuurlijk juist wel in lijn met de apocalyptische visie die IS voorstaat: het idee dat in Syrië de eindstrijd kan worden uitgevochten door de legers van ongelovigen Syrië in te lokken, waarna de verlosser zal terugkeren om zich aan de zijde van de moslims te scharen. In een aantal boeken is afgelopen jaar benadrukt hoe serieus leiders en leden van IS geloven in die voorspelling; bij een groot publiek werd dat bekend door het artikel What ISIS Really Wants in The Atlantic.

Maar die strategie heeft voor IS grote risico’s, stelt de terrorisme-expert Daniel Byman, schrijver van Al Qaeda, the Islamic State, and the Global Jihadist Movement, op de website van Foreign Affairs. Ook Byman ziet in de aanslagen van Parijs een bewijs dat IS ‘mondiaal is gegaan’. Maar dat gaat IS grote problemen opleveren, voorspelt hij. Ten eerste omdat opereren in het buitenland betekent dat IS zal moeten gaan communiceren met cellen in andere landen – en communicatie afluisteren en blootleggen is nou net waar westerse inlichtingendiensten, vooral de Amerikaanse, goed in zijn.

Ook leidt een mondiale strategie ertoe dat de prioriteiten van IS onduidelijk zullen worden, met als mogelijk gevolg toenemende verdeeldheid in eigen gelederen.

En ten slotte geloven terroristen volgens Byman wel vaker ten onrechte dat hun tegenstanders alles al uit de kast hebben gehaald om ze te vernietigen – om er na een aanslag achter te komen dat grote landen nog veel meer schade kunnen aanrichten. Het langetermijndoel van IS – een groot kalifaat – wordt door zo’n strategie dan alleen maar geschaad.

Ook Jason Burke hoopt dat IS door zijn nieuwe mondiale strategie in zijn eigen zwaard loopt. ‘Historisch gezien pakte een mondiale strategie altijd slecht uit voor een terreurgroep’, zegt hij. ‘Bijvoorbeeld bij Zwarte September, of bij al-Qaeda. Zijn mondiale strategie pakte rampzalig uit voor Bin Laden. Hij werd opgejaagd, is nu dood en zijn organisatie is een schim van wat die ooit was. De ervaring leert dus dat een mondiale strategie terugslaat op de terreurgroep zelf. Maar dat gezegd hebbende: het is natuurlijk niet zeker dat dat ook deze keer zal gebeuren. Helaas herhaalt de geschiedenis zich niet altijd netjes als het om terreur gaat.’


Beeld: KAP / Cagle