Commentaar: Denn Haag

Het einde van Paars Plus

Betekent het vertrek van de Amsterdamse GroenLinks-wethouders Köhler en Grondel meteen het premature einde van Paars Plus, de door Paul Rosenmöller zo vurig gewenste deelname van de partij aan het komende kabinet-Melkert-1? Is de moeite van GroenLinks om zich in de hoofdstad te ontwikkelen tot alternatief bindmiddel tussen liberalisme en sociaal-democratie dan toch tevergeefs geweest? Het heeft er alle schijn van. Op zich is het vertrek van de beide wethouders een kleine tragedie. Met name Ruud Grondel leek zich te gaan ontpoppen tot een verlichte stadsbestuurder in de traditie van Wibaut of Louis Kuypers, daadwerkelijk begaan met de onderliggenden in de stedelijke samenleving, ver uitstijgend boven de GroenLinkse middelmaat. Ook Köhler, belast met de uitzonderlijke problematiek van de Amsterdamse taxioorlog, was alle kritiek ten spijt zeker niet de zwakste schakel. Hun vertrek is wel degelijk een verlies. Dat wil niet zeggen dat hun evidente kwaliteiten voor altijd verloren zijn. Grondel staat op het punt te debuteren in de Tweede Kamer, nu de ernstig zieke Tara Oedayraj Singh Varma bekend heeft gemaakt dat ze haar zetel ook in de praktijk wil overdragen. Grondel staat als eerste op de lijst van haar opvolgers. In de figuur van Grondel heeft Varma dan eindelijk een waardige erfgenaam. Dat ze ondanks haar ziekbed weinig kies onder vuur is genomen door de Novib op grond van financieel wanbeheer, heeft volgens ingewijden niets met haar besluit te maken om haar zetel op te geven.

Ook Frank Köhler is niet voor de politiek verloren. Terug in de oppositie zal deze veteraan de stadspolitiek van de broodnodige impulsen kunnen voorzien. De achterliggende jaren van de monstercoalitie tussen pvda, vvd, d66 en GroenLinks (oftewel Paars Plus) behoren niet tot de meest inspirerende uit het Amsterdamse openbare leven. De regerende coalitie had zo'n verpletterende meerderheid in de raadszaal dat er alleen nog maar per decreet werd geregeerd. Van enige serieuze oppositie was geen sprake meer. Het gaf bange vermoedens voor het lot van GroenLinks op landelijk niveau, waar de sympathie voor de PvdA hier en daar al draconische vormen had aangenomen en hier en daar al reminiscenties opriep aan het trieste lot van de Grünen bij de oosterburen. In ieder geval liet Rosenmöller zich deze week tijdens het kamerdebat over de Nederlandse steun aan het onzalige Plan Colombia van de VS weer van zijn betere kant zien. Had hij dat ook maar ten tijde van de Balkan-oorlog aangedurfd. Bevrijd van de lokroep van het pluche kan GroenLinks zich wellicht toch nog ontwikkelen tot een werkelijk alternatief.