KUNST

Het Fort

DNKTNK

Fort Asperen in Acquoy is zo'n merkwaardig negentiende-eeuws lomp bakstenen bolwerk, onderdeel van de Nieuwe Hollandse Waterlinie. Het heeft metersdikke muren, steenkoude munitiekelders en schietgaten waaruit nooit een schot in woede is gelost. Alleen al als monument voor de soldaten en officieren die zich hier decennialang te pletter hebben verveeld is het de moeite waard (zij lieten in de gewelven opbeurende opschriften na, en grappige tekeningen). Nu is het een Kunstfort, met al 25 jaar kleine, welgekozen tentoonstellingen.
Ditmaal is het een ambitieuze DNKTNK (‘Denktank’), samengesteld door Tuttobene, een samenwerking tussen de heren Heldt en Le Noble die zich richt op het stimuleren van duurzaam design, met een 'filosofisch-analytische’ benadering. Met 'duurzaam design’ wordt natuurlijk niet de onverwoestbare ingenieurstechniek bedoeld, die dat fort tot stand bracht, maar een van de belangrijke uitdagingen voor ontwerpers: niet nóg een product voortbrengen dat vroeg of laat op de grote wereldafvalhoop terecht zal komen.
DNKTNK toont negen (teams van) ontwerpers waarvan gezegd zou kunnen worden dat ze zich op de een of andere manier met duurzaamheid bezighouden. Het is een aardige selectie, die een beeld geeft, lijkt mij, van relevante trends. Zo is er Christien Meindertsma, die grote poefs en vloerkleden toont, gebreid van zelfgewonnen, -gesponnen en -geverfde schapenwol. Meindertsma maakte eerder het boek PIG 05049, waarin ze liet zien hoe elk onderdeel van dat varken werd verwerkt tot voedsel en gebruiksvoorwerpen; hier doet ze dat met het schaap. Nu zou je kunnen zeggen dat dat niet bepaald een totale nieuwigheid is, wol van schapen, maar een dergelijke herbezinning op een proces en/of een grondstof is zeker typisch voor (Nederlandse) designers. In hetzelfde schuitje zitten Bo Reudler, die meubels maakt met bamboe - ook al eerder gedaan, toch de moeite waard om nog eens van voren af aan naar te kijken - en Celia Sluiter, die in Nepal op zoek ging naar oude technieken en natuurlijke materialen. Zij ontwikkelde daar in samenwerking met lokale ateliers een interessante tussenvorm van textiel en papier.
Een aspect dat met dat soort onderzoek samenhangt is het zoeken naar een nieuwe relatie met bestaande, over het hoofd geziene deskundigheid. Lotte van Laatum werkte samen met eerste-generatie Turkse vrouwen in Nederland, die traditionele vaardigheden bezitten (met name in textiel) die best in een moderne context of bij een ander product gebruikt zouden kunnen worden. Daar zit wellicht emplooi in, en daardoor zou het zelfbewustzijn van die vrouwen een zetje kunnen krijgen. Evenzo werkte Van Laatum samen met jonge vrouwen in Kanaleneiland, met wie ze een eigen servies en eigen tafelkleden voor hun cateringbedrijfje ontwierp. In dezelfde geest is de hartelijke en onopgesmukte samenwerking van de glasblazer Arnout Visser met vaklui in Kenia en Tsjechië.
Iedereen is zeker gewetensvol, down to earth en sociaal geëngageerd, toch slaat het soms ook allemaal nergens op. Damian O'Sullivan stelt voor een rondvaartboot om te bouwen tot varende groentekas, Boatanic, wat heel lief klinkt, maar ook buitengewoon energie-inefficiënt en reuze onhandig in de praktijk. De Bulgaarse kunstenaar Nikola Nikolov presenteert een manshoge samoerai-achtige ridder, gemaakt van wasmachineonderdelen. Dat is recycling, tjonge ja, maar helaas ook een pijnlijk banaal stukje knutselwerk. Maar ook dat is design, zeggen de samenstellers - en om dat punt te maken laten zij die dekselse Henk Hofland deze zomer in Asperen een masterclass geven in machientjes bouwen. Wat natuurlijk weer heel leuk is.

DNKTNK, Kunstfort Asperen, Langedijk 60, Acquoy. t/m 29 september. www.dnktnk.nl, www.tuttobene.nl, www.kunstfortasperen.nl