Het gevaarlijke bond­genootschap

Het mag dan niet zo’n groot feest geweest zijn als vier jaar geleden, maar zeshonderdduizend mensen die je toejuichen als je aan je tweede ambtstermijn begint, dat is niet slecht. En Obama heeft het verdiend. In zijn eerste jaren heeft hij een paar vergissingen gemaakt, de illusie gehad dat onder leiding van de Amerikaanse strijdkrachten en hun bondgenoten Afghanistan tot een geordende democratie zou kunnen worden, maar dat denkbeeld is opgegeven. In 2014 zal in ieder geval de Amerikaanse hoofdmacht vertrekken. Misschien heeft hij voorbarig de Nobelprijs voor de vrede in ontvangst genomen, maar tegen een dergelijk eerbetoon is geen verweer mogelijk.

En wat voor het westers bond­genootschap het belangrijkst is: hij heeft zich niet laten verleiden tot inmenging in de volgende burger­oorlog in het Midden-Oosten. Wel zijn de Libische opstandelingen met succes gesteund door luchtstrijdkrachten van de Navo, maar dat was een ‘leading from behind’, zoals Obama het met een nieuwe vakterm noemde. Maar het allerbelangrijkste is dat hij zich nergens tot een nieuwe grond­oorlog heeft laten verleiden. Cata­strofes zoals die door zijn voorganger in Afghanistan en Irak zijn aangericht, heeft hij weten te vermijden. Op de achtergrond overheerst bij hem het inzicht dat het Westen tegenover de chaos in het Midden-Oosten machteloos is.

In zijn binnenlandse politiek is hij in grote trekken zijn progressieve overtuiging trouw gebleven. Hervorming van de gezondheidszorg, hogere belasting voor de rijken, de mogelijkheid van een wettig huwelijk voor homoseksuelen, snellere naturalisatie van miljoenen Mexicaanse immigranten, betere maatregelen tegen de klimaatverandering en nu weer de beperking van het wapenbezit: hij houdt vast aan zijn beginselen. De afgelopen vier jaar heeft hij bewezen dat hij daartoe in staat is en daarmee heeft hij de bakens voor de volgende ambtsperiode gezet. In grote trekken weten we wat we aan deze president hebben. Hij is een gematigd progressieve man die opereert binnen de grenzen van het mogelijke. Na de acht jaar van zijn voorganger is dat een geweldige vooruitgang.

De Republikeinen hebben nog altijd de meerderheid in de Senaat, maar in vergelijking tot vier jaar geleden lijkt het er op het ogenblik in ieder geval op dat hun macht wat is afgebrokkeld. Hebben ze zichzelf in de laatste verkiezingscampagne overschreeuwd? In 2008 moest Obama het nog opnemen tegen de ultra-rechtse Tea Party en Sarah Palin, toen serieuze tegenstanders. Deze keer is rechts met Mitt Romney en Paul Ryan niet minder vervaarlijk uit de hoek gekomen. Maar Obama en Biden hebben geen concessies gedaan. Deze Democratische overwinning kan een teken zijn dat Amerika wat stabieler is geworden.

Nu de komende werkelijkheid. Op het ogenblik dat ik dit schrijf worden in Israël verkiezingen gehouden. Die zullen waarschijnlijk worden gewonnen door rechts, de Likoed Beitenoe van Netanjahoe. Maar er is een nieuwe kracht op het toneel verschenen, Naftali Bennett, leider van de partij Habajit Hajehoedi. De denkbeelden van Bennett zijn nog radicaler. Hij wil Gaza en de Westelijke Jordaanoever totaal inlijven, beschouwt de Palestijnen niet als onderhandelingspartij. Onder zijn invloed zal een twee-statenoplossing nog verder buiten bereik raken (zie het artikel van Jan van der Putten in dit blad van vorige week). Bennett negeert het besluit van de Verenigde Naties van vorig jaar november, de opwaardering van Palestina van ‘entiteit’ tot staat die geen lid is.

Binnenkort komt voor Obama de eerste vuurproef van zijn tweede termijn. Netanjahoe was al vast van plan met een preventieve aanval een eind te maken aan het Iraanse kernprogramma. Daarbij rekende hij op steun van de Amerikanen. Door deze verkiezingen is Israël verder naar rechts verschoven, wat Netanjahoe’s vastberadenheid zal doen toenemen. Over wat Bennett van plan is hoeven we ons helemaal geen illusies te maken. Obama heeft zich over de politiek jegens Iran niet scherp uitgelaten.

Natuurlijk is hij tegen een Iraanse kernbom, maar in de praktijk houdt Washington het samen met West-Europa bij een politiek van containment, in het bijzonder economische maatregelen die goed werken. Bovendien, zou Iran een kernbom voltooien en die tegen Israël gebruiken, dan zou dat de zelfmoord voor de natie betekenen. Een preventieve aanval van Israël is vrijwel zeker het begin van een nieuwe oorlog in het Midden-Oosten.

Dit is het grootste risico voor Obama in zijn nieuwe ambtstermijn. En niet alleen voor hem. Zo’n preventieve aanval houdt onbecijferbare risico’s in voor het hele Westen. De volgende oorlog in het Midden-­Oosten, de kans op een nieuwe oliecrisis en een hernieuwde verzwakking van het Amerikaanse presidentschap. Onderschat de diplomatieke kwaliteiten van Obama niet, maar evenmin de verkeerd gerichte vastberadenheid van Netanjahoe, nu met bondgenoot Bennett. Misschien het grootste risico van 2013.