KUNST Jill Magid

HET GEZICHT VAN DE AIVD

Wie in Nederland is geïnteresseerd in hedendaagse beeldende kunst dient te beschikken over een uitstekende kennis van de Engelse taal. Zelden of nooit neemt men in Nederlandse kunstinstellingen de moeite kunstwerken die gebruik maken van het Engels integraal te vertalen. Ik heb bijvoorbeeld nog nooit een Engelstalige kunstvideo met Nederlandstalige ondertiteling gezien. Waarom niet eigenlijk? In de literatuur is dat toch ook gebruikelijk? En bij popliedjes van vroeger. We danken er schatten als Ritme van de regen, Meisje van zestien en Spiegelbeeld aan. Bij het werk dat Jill Magid in Stroom had het probleemloos gekund. Maar misschien had het dan minder op serieuze kunst geleken.
Wie Article 12 bezoekt zij dus gewaarschuwd: alles in het Engels, geen vertalingen. En mind you, de inhoud van de tekst speelt hier een cruciale rol. Wie alleen is geïnteresseerd in vormgeving is gauw klaar, want die is saai, braaf, adequaat. Meestal zijn de typeringen ‘saai en braaf’ niet positief bedoeld. Hier wel. Magids clichématige vormgeving past perfect bij het onderzoek dat aan het werk ten grondslag ligt en bij de opdracht van de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst die tot dit artistieke onderzoek leidde.
Voor zijn nieuwe pand in Zoetermeer wilde de AIVD van Magid kunstwerken ‘die de AIVD [zouden] voorzien van een menselijk gezicht’. Daartoe verzamelde Magid door middel van gesprekken in bars en parken persoonlijke gegevens van diverse AIVD-ambtenaren (de menselijke gezichten van de AIVD). De geïnterviewden moesten echter, o ironie, anoniem blijven, zonder gezicht dus. Een geheim agent heeft per definitie geen eigen gezicht. In haar toelichting refereert Magid aan het begrip hummingbird (kolibrie, zoemvogel). Daaronder wordt een agent verstaan die zo geheim is dat er over hem zelfs geen dossier bestaat. Zelden is zijn (aangenomen) identiteit bekend bij andere agenten. Een hummingbird kan door het leven gaan als zakenman, als wetenschapper, zelfs als beeldend kunstenaar.
Van alle zes werken van Article 12 krijg je de indruk dat ze erg op hedendaagse kunst moesten lijken. Bijgevolg zijn ze volstrekt conventioneel van vorm, zich feilloos voegend naar hoe het hoort, zo gewoon en onopvallend mogelijk in hun hedendaagsheid. Er is een figuratief sculptuurtje dat op aanwijzingen van Magid door een cowboy-artist is vervaardigd; er zijn teksten uitgevoerd in rood neon; er is een werk in de vorm van een vitrine met documenten die betrekking hebben op Magids onderzoek, er zijn toe-eigeningen in de vorm van toepasselijke citaten van een gerenommeerde schrijver. Het is kunst zonder eigen gezicht.
Daarmee is Article 12 niet alleen een adequate vervulling van een opdracht (het tonen van een gezicht dat niet bestaat), maar ook een kritiek op de brave aangepastheid van veel hedendaagse kunst. Article 12 pretendeert het werk te zijn van een kunstenaar die toegang heeft gekregen tot de inlichtingen- en veiligheidswereld, maar het kan net zo goed andersom zijn. Namelijk dat Magid deel uitmaakt van een legertje geheim agenten dat geïnfiltreerd is in de wereld van de hedendaagse kunst, en dat als doel heeft de potentie van tegendraadsheid die beeldende kunst in zich draagt om zeep te helpen door ons te bedelven onder onschadelijke kunst die zich voordoet als maatschappelijk betrokken en/of kritisch. Dat zou veel verklaren.
Onder bedreiging van een Beretta 418 gedwongen tot een oordeel over Article 12 zou ik zeggen: Article 12 heeft me lang beziggehouden. Niet goed, wél verontrustend.

Jill Magid, Article 12, Stroom, Den Haag, tot 15 juni