Commentaar: Burgemeesters

Het grote zwijgen

Het burgemeesterschap van een kleine tot middelgrote gemeente, weet elke ingewijde, is een bescheiden betrekking. De macht is sinds jaar en dag gedelegeerd aan de wethouders, terwijl de burgemeester ondertussen de linten doorknipt. Zeker, hij of zij reist met enige regelmaat naar Den Haag om daar het desbetreffende ministerie een centje af te bedelen. Dat kan echter niet elke dag, zodat het regelmatig voorkomt dat de burgervader/moeder van de gemeente reeds om half elf ’s morgens zich in wanhoop boven de koffie zit af te vragen hoe hij/zij in godsnaam de rest van de dag dient door te worstelen.

Loeki van Maaren-van Balen, de in ongerede geraakte burgemeester van Leeuwarden, leek geknipt voor de representatieve kanten van haar functie. Zij wordt door voor- en tegenstanders geroemd om haar charme, sociale bewogenheid, rechtvaardigheidsgevoel en menselijkheid. Niettemin is zij inmiddels aan de dijk gezet, onder meer omdat zij te weinig gevoel had voor «de Friese mentaliteit».

De Friese mentaliteit? Het is een niet te defi niëren fenomeen, behalve voor diegenen die wortelen in het diepste provincialisme. Serieuzer lijkt de beschuldiging dat mevrouw Van Maaren over te weinig dossierkennis zou beschikken. Dit argument gaat alleen op als zij een paar serieuze dossiers tot haar beschikking zou hebben. Dat heeft zij niet, wat de weerstand tegen de bewindsvrouwe reduceert tot een actie van een met lange tenen toegerust ambtenarenapparaat, dat met uitgestoken voelhoorns wachtte op het moment dat de cheffin zich, in haar spontaniteit, verbaal vergaloppeerde.

Het is een oude, bestuurlijke wet: hoe groter droogkloot, des te groter de kans dat je ongeschonden je pensioen haalt.

Loeki van Maaren-van Balen krijgt als smartengeld een gouden handdruk van twee miljoen gulden. Dat lijkt een imposant bedrag, behalve als men bedenkt dat zij tot het einde van haar werkzaam leven nergens meer een volwassen betrekking zal krijgen.

Dit smartengeld is gekoppeld aan een aanvullende bepaling: alle betrokkenen hebben zwijgplicht over de affaire, op straffe van vijftigduizend gulden per uitlating. Welke ongrondwettelijke gek bedacht dit? Alsof niet iedereen, in en buiten Friesland, het recht heeft te worden ingelicht over wat zich in het gemeentehuis van Leeuwarden heeft afgespeeld. Hoe is het mogelijk dat iedereen, de collegepartijen en de oppositie, zich vrijwillig laat knevelen? Als dit een uitvloeisel is van dat geheimzinnige fenomeen dat de «Friese mentaliteit» heet te zijn, is de morele overwinnaar in het conflict voorlopig de onfortuinlijke bewindsvrouwe die deze week haar ambtsketting is afgepakt.