Het huwelijk als de ware hel

Nicollò Machiavelli, Toneel en verhalend proza. Mandragola, Clizia, Belfagor . € 24,50

Dat Niccolò Machiavelli (1469-1527) een belangrijk politiek denker was die een buitengewoon realistische kijk op mens en maatschappij had, is tegenwoordig net zo'n gemeenplaats als de vroeger overheersende opvatting dat hij een immoreel en abject sujet was, die ‘een handboek voor gangsters’ (Bertrand Russell dixit) heeft geschreven. Terwijl Il Principe een messcherpe analyse was van de middelen die een heerser kan gebruiken om zijn macht te vergroten, gingen de Discorsi ook uitgebreid in op de doelen die de politiek zou moeten nastreven, waarbij Machiavelli zich ontpopte als een overtuigd republikein en Italiaans patriot. Als briljant auteur van deze klassieke teksten geldt Machiavelli vandaag de dag als belangrijk vertegenwoordiger van het renaissancistische humanisme, waarbij men niet moet denken aan een zoetsappige ideologie die uitgaat van de goedheid van de mens, maar aan een wereldbeschouwing waarin niet God maar de feilbare, zelfzuchtige, wispelturige en buitengewoon inventieve mens centraal staat.
Nadat Paul van Heck, hoofddocent Italiaanse letterkunde aan de Universiteit van Leiden, eerst de Discorsi (1997) en Il Principe en andere politieke geschriften (2006) vertaald had, heeft hij nu het literaire werk van Machiavelli toegankelijk gemaakt, zodat er een veel completer beeld van deze Florentijnse humanist kan ontstaan. Het gaat hier om de toneelstukken Mandragola (De alruin) en Clizia en de novelle Belfagor, terwijl tevens vier brieven zijn opgenomen waarin Machiavelli zich manifesteert als een begenadigd verteller. Dit alles voorzien van uitvoerige inleidingen en annotaties, zodat de literaire en historische context buitengewoon helder wordt. Van Heck gebruikt zijn indrukwekkende eruditie niet alleen om de traditie te schetsen waarin Machiavelli een plaats heeft, maar gaat tevens uitgebreid in op het vaak ingewikkelde vraagstuk van de oorsprong en originaliteit van renaissancistische literatuur.
Wie de inhoud van de twee toneelstukken navertelt wekt al snel de indruk dat hier sprake is van het soort kluchten dat in Nederland populair werd door John Lantings Theater van de Lach. In Mandragola gaat het om een jongeman die verliefd wordt op de jonge, beeldschone maar deugdzame echtgenote van een even rijke als domme Florentijn, zodat hij een ingenieuze list verzint om toch bij haar in bed te belanden. In het andere toneelstuk, dat gebaseerd is op Plautus’ Casina, wordt een respectabele pater familias evenals zijn zoon stapelverliefd op de bloedmooie en piepjonge Clizia, die hij als vijfjarig vondelingetje in huis heeft opgenomen. Deze Nicomacho bedenkt een plan om met Clizia de liefde te kunnen bedrijven. Dit wordt echter doorkruist door de machinaties van zijn vrouw, die hem doorheeft en een andere kandidaat naar voren schuift, waardoor de hitsige huisvader uiteindelijk tussen de lakens schuift bij een van de knechten.
Het zijn echter Machiavelli’s sappige, snedige dialogen die de lezer plezier verschaffen en die hem tevens het gevoel geven dat hij een blik kan werpen achter de schitterende, gemusealiseerde façade van de Italiaanse Renaissance en even kan ruiken aan het alledaagse Florence van de vroege zestiende eeuw. Bovendien zijn in deze stukken allerlei overeenkomsten zichtbaar met Machiavelli’s politieke geschriften. Zijn kijk op de condition humaine was allerminst zonnig en zowel Il Principe als Mandragola getuigt van een bijzonder pessimistisch mensbeeld. Mensen gebruiken hun intelligentie voornamelijk om anderen te bedriegen. Iemand die iets wil bereiken hoeft niet te beschikken over goede eigenschappen - die vormen vaak juist een hinderpaal - maar moet wel de schijn wekken dat hij ze bezit. En hoewel vooral Clizia nogal eens is geïnterpreteerd als een pleidooi voor huwelijkse trouw en deugdzaamheid was Machiavelli allesbehalve een moralist. Uit een eveneens vertaalde brief aan Francesco Vetori blijkt namelijk dat Machiavelli van mening was dat de liefde totis habenis (met losse teugel, in volle galop) gevolgd diende te worden, 'want ik geloof en heb altijd geloofd en zal altijd blijven geloven dat Boccaccio gelijk heeft als hij zegt dat het beter is om spijt te hebben dat je iets hebt gedaan, dan spijt te hebben dat je iets niet hebt gedaan’.
Ook uit de novelle Belfagor blijkt dat Machiavelli weinig op had met het christelijke geloof en de bijbehorende moraal. Als er in de hel steeds meer mannen arriveren die zich verweren met de opmerking dat hun zonden het gevolg waren van het feit dat hun vrouw hun het leven zo zuur had gemaakt, besluiten de hellevorsten de duivel Belfagor naar de aarde te sturen om uit te zoeken of dit klopt. Nadat hij is getrouwd met een beeldschone vrouw die al spoedig een inhalig en chagrijnig sekreet blijkt te zijn, komt Belfagor erachter dat het huwelijk de ware hel is en vlucht hij terug naar het dodenrijk.
Hoewel Machiavelli inmiddels tot de 'klassieke’ auteurs wordt gerekend, bieden zijn teksten geen troost aan conservatieven die 'De Traditie’ zien als bron van wijsheid en voorbeeld ter navolging. Hier is een van de eerste vertegenwoordigers van de 'moderniteit’ aan het woord, met alle grandeur en schaduwzijden van dien.

Niccolò Machiavelli
Toneel en verhalend proza
Vertaald, ingeleid en van aantekeningen voorzien door Paul van Heck,
Primavera Pers, 272 blz., € 24,50