Milosevic’ einde nadert

«Het is afgelopen met hem!»

De Joegoslavische oppositie heeft zich tijdens de verkiezingen niet laten intimideren. De dagen van Milosevic lijken geteld. Maar elk uitstel van de ware uitslag vergroot de kans op een burgeroorlog.

Gisternacht vierde Renata nog feest in het park, aan de voet van de Kalemegdan — de oude Turkse burcht in het hart van Belgrado. Nu wacht ze gespannen op de officiële uitslag van de Joegoslavische presidentsverkiezingen. Om de haverklap belt ze met haar mobiele telefoon naar Nederland om het thuisfront in haar tweede vaderland van de situatie op de hoogte te houden. Haar achternaam wil ze liever niet in de krant, want, zegt ze, je weet nooit hoe het zal uitpakken. «Het gaat niet meer om de vraag wie de verkiezingen heeft gewonnen. Het gaat er nu om of het hier oorlog wordt of niet.»

Het is twee dagen nadat de verkiezingsbureaus hun deuren sloten, en de situatie is gespannen. Naar verluidt heeft het leger positie ingenomen rond Belgrado. De stad zelf is vergeven van de politie, gekleed in gevechtstenue. De verkiezingen die zondag in Servië, Montenegro en een deel van Kosovo werden gehouden, zijn tamelijk rustig verlopen, maar nu is de spanning te snijden. In Servië was de opkomst enorm. Van de bijna acht miljoen geregistreerde kiezers maakte 75 procent de gang naar de stembus. In Montenegro, waar de pro-westerse regering de verkiezingen boycotte, was de opkomst uiterst laag. In Kosovo, officieel nog deel van Joegoslavië, peinsde de Albanese bevolking er niet over om te gaan stemmen. Van de ongeveer honderdduizend Serviërs in Noord-Kosovo kwam maar een klein deel opdagen.

Maar toch: de verkiezingen zijn een daverend succes geworden. Niet voor de Joegoslavische president Milosevic, die ze had bedoeld als een zelfverkiezing. Wel voor het grootste deel van de Servische oppositie. Achttien oppositiepartijen sloten zich aaneen in de DOS (Democratische Oppositie van Servië). Officieuze tussentijdse uitslagen maken duidelijk dat hun kandidaat Vojislav Kostunica een enorme voorsprong heeft: 56 procent, tegen 34 procent voor Milosevic.

Milosevic heeft zijn uiterste best gedaan om de democratische rechtsgang te frustreren. Zijn regime heeft de zweem van democratie, maar achter de schermen bepalen functionarissen van Milosevic’ Socialistische Partij Servië (SPS) en Joegoslavisch Links (JUL) van zijn vrouw Mira hoe Joegoslavië reilt en zeilt. Zo ook nu. Vrijwel alle onafhankelijke media werd voor en tijdens de verkiezingen het zwijgen opgelegd. Er was sprake van stevige intimidatie van kiezers; mensen kregen te horen dat ontslag dreigde of de stopzetting van hun karige pensioenen als ze het zouden wagen op de oppositie te stemmen. Er werden stembussen aangetroffen die reeds voor het openen van de kieslokalen half vol waren met ingevulde stembiljetten. Renate: «Voor mijn huis is een mannetje bezig een gat te graven. Zondag, tijdens de verkiezingen, stond hij ook te spitten. ‹Wat nu›, vroeg ik hem toen, ‹sinds wanneer werken stratenmakers op zondag?› ‹Normaal gesproken nooit›, zei hij, ‹maar ze hebben ons vandaag aan het werk gezet zodat we niet tegen die klootzak kunnen stemmen.›»

Maar de oppositie heeft zich niet laten intimideren. De DOS organiseerde naar Kroatisch voorbeeld een verkiezingskaravaan en vele popconcerten om vooral de jongeren aan zich te binden. Activisten van Otpor, het ludieke studentenverzet, porden overal in den lande mensen op om toch vooral hun stem uit te brengen. De boodschap was simpel: het maakt niet uit op wie je stemt, zolang je je maar tégen Milosevic uitspreekt. «Otpor is dan wel geen politieke partij, maar de beweging is ontzettend belangrijk geweest», zegt Renata. «De studenten hebben de mensen weer hoop gegeven. Ze lieten zich om de haverklap arresteren omdat ze T-shirts droegen met de gebalde vuist, hun symbool. Ze hebben ons laten zien dat het zin heeft om te vechten tegen de overheersing. Ze hebben ons weer het gevoel gegeven dat we vrij zijn, dat we ons lot in eigen hand hebben.»

De leuze van Otpor is na zondag, toen de eerste officieuze uitslagen bekend werden, die van de mensen in de steden geworden: «Gotov je!», het is afgelopen! Een vriendin van Renata vertelt hoe moeilijk de mensen in de dorpen buiten de hoofdstad het hebben. Ze sloot zich aan bij Vreme je (Het is tijd), een aan Otpor gelieerde organisatie die de dorpen introk om mensen uit te leggen hoe belangrijk het was dat ze hun stem uitbrachten. «Aanvankelijk probeerden we het vooral democratisch aan te pakken. We legden de mensen uit dat ze moesten gaan stemmen op wie ze wilden. Maar heel vaak kwamen de mensen dan naar ons toe. ‹Ja, jullie hebben gelijk, we moeten gaan stemmen. Weten jullie op wie we dat het beste kunnen doen?› Dat tekent de mentaliteit. Sinds het communisme hebben de mensen voorgekauwd gekregen op wie ze hun stem moesten uitbrengen. Nu vertrouwen ze niemand meer. Als ik dan uiteindelijk zei: ‹Stem in ieder geval tegen de regering die alles onbetaalbaar maakt en jullie in slechte omstandigheden laat leven›, stonden ze me nóg aan te gapen. ‹Maar op wie dan?› Toen ben ik maar stemadviezen gaan uitbrengen: ‹Stem op Kostunica. Die is tenminste gematigd.›»

Zondagavond stonden duizenden mensen voor het mediacentrum van de oppositie in Belgrado. Binnen verdrongen de mensen zich om onafhankelijke nieuwsuitzendingen te zien die met een schotelantenne werden opgevangen. Renata was erbij. «Het werd steeds stiller binnen. We konden het niet geloven.» In een hoek stonden een medewerker van de waarnemersorganisatie CESID, een oppositielid en een Otpor-activist druk te bellen. Na elk telefoontje schreeuwden ze cijfers, die vervolgens werden opgetekend op een groot bord. Ze belden met hun vertegenwoor digers in de telcommissies van de kiesbureaus. Uiteindelijk klonken alleen nog hun cijferreeksen en het straatrumoer van buiten in de zaal. «Steeds duidelijker werd het dat de verhouding Milosevic-Kostunica één op drie was. Ondanks alle intimidatie en pogingen tot fraude van de SPS en de JUL. En de cijfers van Otpor, de CESID en van de oppositie kwamen met elkaar overeen. Drie bronnen die hetzelfde zeiden. We begonnen te beseffen dat Kostunica een ongelooflijke overwinning had behaald, en dat dat een gevaarlijke situatie opleverde.»

Ook de Servische Radicale Partij (SRS) van Vojislav Seselj bracht cijfers naar buiten. De extreem-nationalistische partij die heult met Milosevic (Seselj is vice-premier) en alle oppositieleden uitmaakt voor Navo-fascisten, bleek gigantisch verloren te hebben. Een woordvoerder vertelde dat de partij desalniettemin de mening van het volk zou respecteren. De tussentijdse uitslagen van de SRS kwamen overeen met die in het mediacentrum: 54 procent voor Kostunica. Seselj heeft zijn ontslag aangeboden.

Woensdag voor de verkiezingen hield de DOS haar laatste bijeenkomst. Er kwamen ongeveer honderdduizend mensen opdagen, een enorm aantal in het murw gebeukte Servië. Toch was de sfeer bedrukt. Op toespraken werd lauw gereageerd en de menigte hield de breedgeschouderde types in leren jacks die zich tussen de mensen hadden gevoegd, nauwlettend in de gaten. Een oude man haalde zo nu en dan een oppositievlaggetje te voorschijn. Telkens als hij ermee zwaaide keek hij schichtig om zich heen. Zojuist was bekend geworden dat drie jongens waren gearresteerd die Otpor-posters aan het aanplakken waren. De avond daarop roerden de jongeren van Belgrado zich. Er werd een gigantisch popconcert gegeven dat live werd uitgezonden via internet. De hele Joegoslavische rock- en popscene trad op. Het werd een groot feest. Renata: «Opnieuw lieten de Otpor-jongeren ons voelen dat we bezig waren onze vrijheid te veroveren. Toen het begon te stortregenen, stonden we met duizenden tegelijk halfnaakt een regendans op te voeren. Ik heb me zelden zo goed gevoeld.»

Op de verkiezingsdag probeerde de SPS het trucje van de oppositie uit. Op het plein van de Republiek, midden in Belgrado, had de partij een groot podium laten neerzetten waar duffe volkszangers weemoedige nationalistische liederen ten gehore zouden brengen. Ongeveer tweehonderd aanhangers van Milosevic verzamelden zich voor het podium. In de straten rond het hoofdkwartier van de oppositie, honderd meter verderop, waren intussen duizenden mensen samengekomen die naar het plein begonnen op te trekken. De volkszangeres die zojuist het podium had betreden, werd na elk nummer ongenadig uitgefloten. Haar lauwe «dank u wel» werd beantwoord met leuzen uit duizenden kelen: «Hoer, je laat je gebruiken! Hoer, ga weg! Gotov je!» Renata: «De oproerpolitie kwam tussenbeide, maar we lieten ons niet provoceren. Uiteindelijk werd het concert afgebroken en dropen de aanhangers van Milosevic en de politie af. Toen barstte óns feest los. Er werd gedanst in de straten. We hadden Belgrado overgenomen.»

Omdat de stad inmiddels overspoeld werd door oproerpolitie, besloten Otpor en de oppositie het na de verkiezingen voorzichtig aan te doen. Maar de bevolking van Belgrado was niet meer te houden. Maandag stond weer een oppositieconcert gepland, met toespraken. De straten naar het plein stonden vol. Renate bevond zich op dat moment op het hoofdkwartier van Otpor. «De studenten besloten om zich toch maar weer te vertonen. De vlaggen werden weer ontrold en de shirts met de vuist weer aangetrokken.» Een meisje van negentien studeerde in een hoekje een toespraak in. Een studentenleider drukte de jongeren op het hart vooral voorzichtig te zijn omdat er aanwijzingen waren dat de politie dit keer niet op provocaties zou wachten en bij het zien van Otpor meteen tot actie zou overgaan. Bij het plein aangekomen bleek de oproerpolitie echter geen schijn van kans te hebben. De menigte opende zich bij het zien van de Otpor-vlaggen en tijdens de mars naar het podium steeg een geweldig applaus op. Renate: «Kippenvel!» De stoet bracht het negentienjarige Otpor-meisje tot voor het podium. Daar sprak ze de mensen toe: «Goe den avond vrije burgers van Belgrado. Jullie hebben je vrijheid nu veroverd. Hoe voelt het dat je nooit meer wordt opgepakt omdat je een T-shirt draagt? Hoe voelt het dat je straks weer onafhankelijk nieuws kunt lezen? Het is afgelopen met Milosevic. Dankzij jullie.»

«Ik heb staan janken», zegt Renata. «Twaalf jaar heb ik hierop gewacht. In al die tijd is me nog nooit iets goeds overkomen. Zouden we nu dan toch eindelijk een normaal leven krijgen?»

Dat is precies wat Kostunica de kiezers op het plein beloofde. «Een normaal, doorsnee leven. Dat is mijn inzet!»

Maar zover is het helaas nog niet. In Belgrado gaat nieuws van mond tot mond: het mannetje dat voor het huis van Renata zijn zinloze gat aan het graven is, vertelde haar dat de regering had bekendgemaakt dat de offi ciële uitslag van de verkiezingen nog wel even op zich kon laten wachten.

De grote vraag is wat Milosevic gaat doen. Zal hij de nederlaag toegeven en aftreden? Hij heeft altijd nog een stroman zitten als president van de deelrepubliek Servië. Of zal hij aandringen op een tweede ronde?

Het lijkt erop dat het alles of niets wordt. In Belgrado wordt verwacht dat hij over enige tijd keihard de overwinning zal claimen. Op de staatstelevisie maakte de SPS zondag aan het eind van de middag nog bekend dat Kostunica noch Milosevic een absolute meerderheid leek te bereiken en dat een tweede ronde dus nodig was. Maar ’s avonds werd duidelijk gemaakt dat volgens de SPS Milosevic op kop lag.

Renata is angstig, maar vastberaden: «We geven onze vrijheid niet meer uit handen. De bereidwilligheid om te vechten is groot. Elk uitstel van de ware einduitslag vergroot de kans op een burgeroorlog. Als hij niet zal toegeven, zullen we de straat opgaan. En dan komen de tanks.»

«Moet je mijn handen eens zien», zei een man tegen haar tijdens een van de verkiezingsbijeenkomsten. «Kijk eens wat een bloed daaraan kleeft. Het zit tot aan mijn schouders. Drie oorlogen heb ik voor die klootzak moeten uitvechten. Milosevic heeft van mij een moordenaar gemaakt. Maar nu is het afgelopen. Om hem weg te krijgen kan er nog wel wat bloed bij. Het is de politie die je moet vrezen. Niet het leger. Dat zijn mijn vrienden die zich ook verneukt voelen; die ook die drie oorlogen hebben uitgevochten. Die denken er net zo over als jij en ik.»