De Groene Live #25: Zijn corona-complotten waanzin? Kijk woensdag om 20.30 naar de live-uitzending. Meer informatie

Het is tijd voor een oorlog tegen monopolisme

Nadat het Cambridge Analytica-schandaal aan het licht kwam, in 2018, werd Facebook-oprichter Mark Zuckerberg door Washington op het matje geroepen. De tegenzin waarmee hij kwam opdraven viel van zijn gezicht te lezen, maar hij had zelf in belangrijke mate de spelregels voor het verhoor mogen bepalen en echt zweten deed hij geen moment. De senatoren, zo vat advocaat Zephyr Teachout het samen in haar nieuwe boek Break ’Em Up, spraken tegen hem alsof hij een collega was, de gouverneur van een apart land genaamd Facebook, en ze vroegen hem voortdurend hen ‘te helpen’ bij het een of ander.

Een van de senatoren, Lindsay Graham, vroeg Zuckerberg op de man af of Facebook een monopoliepositie bekleedde. De kleine blauwe keizer van Silicon Valley antwoordde dat hij ‘niet het gevoel had dat dat het geval was’. En daarmee was, zo leek het, de kous af.

Maar vorige week zat hij er weer. Ditmaal via een videoverbinding – zelfs de machtigste mensen op aarde leven tenslotte ‘in tijden van’ – en niet langer alleen maar geflankeerd door drie andere techtitanen: Jeff Bezos van Amazon, Sundar Pichai van Google en Tim Cook van Apple.

Big Everything, het moet weer het grote schandaal zijn dat in ieders mond bestorven ligt

Deze keer was de aanleiding geen schandaal rond politiek-strategisch gerommel met privégegevens, maar een langzaam ontluikend besef dat de positie die deze vier gigantische techbedrijven hebben bereikt weleens te dominant zou kunnen zijn en het vage vermoeden dat een monopolie – zo machtig zijn dat je de regels van het spel kunt bepalen – zeer schadelijke gevolgen kan hebben als koning klant de prijs nog niet lijkt te betalen.

Het is een besef dat in Brussel al langer leeft en ook het verhoor in Washington was een stap in de juiste richting. Deze bedrijven, die zoveel meer doen dan alleen onze aandacht kapitaliseren (zie het essay verderop in dit nummer), kunnen niet vaak genoeg publiek ter verantwoording worden geroepen. Maar het probleem is breder. Onze dagelijkse werkelijkheid is het resultaat van een decennialange machtsconcentratie in handen van een steeds kleinere groep, van steeds grotere bedrijven.

Het opslokken van Monsanto door Bayer was de afgelopen jaren waarschijnlijk het meest sprekende voorbeeld. Maar ook dichter bij huis gebeurt waar je ook kijkt hetzelfde. Of het nu de toegestane fusie van PostNL en Sandd is of het feit dat alle Nederlandse en Vlaamse kranten die je kunt verzinnen in handen zijn van een tweetal bedrijven. De prijs wordt vooralsnog betaald door freelancers die niet meer kunnen rondkomen en burgers wier lokale politiek niet meer wordt gecontroleerd. Hoelang zal het duren voordat we het onomkeerbare verlies zien voor wat het is?

Teachout betoogt dat het geen zin heeft om op dinsdagen boos te zijn op farmaceut Pfizer, op woensdagen op telecomreus Comcast en op donderdagen op Bezos’ miljardenmachine Amazon. Het is geen tijd voor een war on Big Tech, het is tijd voor een oorlog tegen Big Everything. Monopolisme moet, ruim een eeuw na het opbreken van Standard Oil en de hoogtijdagen van de antitrust-beweging, weer het grote schandaal zijn dat in ieders mond bestorven ligt. Opbreken en reguleren zijn ambities die daarbij hand in hand kunnen gaan, maar het is een project van lange adem. Een project dat kans van slagen heeft nu dit bewustzijn aan beide zijden van de oceaan lijkt te ontwaken.