Het Italiaanse parlement krimpt – waarschijnlijk

Rome – De zeldzame keren dat het Italiaanse volk om zijn mening wordt gevraagd inzake ‘de kaste op het pluche’ laten aan duidelijkheid niets te wensen over. Met een enorme meerderheid van bijna zeventig procent zeiden de Italianen het afgelopen weekend ‘ja’ in het referendum over het schrappen van ruim een derde van het aantal parlements- en senaatsleden. Dit betekent dat het duurste en grootste parlement ter wereld van 945 leden naar zeshonderd zou zakken, met een besparing van 82 miljoen euro per jaar.

Waarom dan toch de voorwaardelijke wijs ‘zou’? Omdat in Italië na het bindende referendum altijd nog de creatieve toepassing wacht. Simpel gezegd komt dit neer op het negeren van de uitslag van het referendum en toch doorgaan met waar het volk ‘nee’ tegen heeft gezegd door het in een spinnenweb van onduidelijkheid aan het oog te onttrekken. Dit is bijvoorbeeld gebeurd met het referendum over de privatisering van het drinkwater van 2011, dat met een daverende meerderheid van 95 procent werd afgewezen. Blijf af van ons drinkwater, was de boodschap van de Italianen. Negen jaar later heeft zich in bijna heel Italië een balletje-balletje-truc afgespeeld, waardoor de privébeheerders van het drinkwater publiek zijn geworden en met de prijzen en voorwaarden kunnen doen wat ze willen. Iedereen weet het, maar niemand doet er wat aan, omdat het te veel mensen goed uitkomt.

Hetzelfde geldt voor de zogenaamde afschaffing van de provinciebesturen, een nutteloos en duur papieren gremium dat al tientallen jaren machteloos tussen staat en regio bungelt. Regering op regering kondigt aan dat de provinciebesturen nu écht worden afgeschaft, maar ze zijn er nog altijd, met de bijbehorende baantjes, pensioenen en afgedankte politici die zich op kousenvoeten in de papieren luwte bewegen. Houd het stil, strijk je pensioen op en doe of je neus bloedt.

Het is deze houding die het grootste probleem van Italië is en die op de een of andere manier alle politieke seizoenen overleeft. Dat de score tussen rechts en links 3-3 is in de regionale verkiezingen, die ook afgelopen weekend werden gehouden, verandert daar niets aan. Tegenover de opluchting dat de regio Toscane – ‘het rode hart van Italië’ – links is gebleven, staat het feit dat van de twintig regio’s er nu vijftien worden bestuurd door rechts.