Voor het internet was 2022 een jaar vol tegenstrijdigheden. Terwijl in de Europese Unie langverwachte wetten werden geaccepteerd voor de regulering van grote platforms, kocht multimiljardair Elon Musk Twitter op – en gooide zowat alle bestaande moderatiepraktijken overboord. Donald Trump mag op het platform terugkeren, maar een account dat via openbare bronnen de privéjet van Musk volgt moest het schip ruimen. Gevolg: chaos, willekeur en een massamigratie naar alternatieven zoals Mastodon.

En dan is er nog het geopolitieke vraagstuk. Vanuit Rusland, Oekraïne en Myanmar worden geblokkeerde sociale media door activisten met een VPN gebruikt om over oorlogsmisdaden te publiceren. Dat terwijl in Nederland op TikTok, YouTube en Telegram juist radicalisering plaatsvindt, met oproepen tot een strengere overheidsregulering als gevolg. Zouden we het vrije Telegram niet gewoon moeten verbieden? Maar wat gebeurt er dan met alle activisten en journalisten die het juist nodig hebben om veilig informatie te verspreiden? Meer dan ooit rijst de vraag: wie moet de baas zijn over het internet?

1

Of je het nou een positieve ontwikkeling vindt of niet, dit was het jaar van Elon Musk. De rijkste man ter wereld kocht Twitter in naam van de vrijheid van meningsuiting, voor het bizarre bedrag van 44 miljard dollar. Nu hij (na veel gesteggel) zelf aan de knoppen zit, blijkt dat toch een ingewikkelder concept dan hij vermoedelijk voor zich zag. Inmiddels heeft hij na een poll op Twitter toegezegd het dagelijks bestuur uit handen te geven. In januari bood redacteur Koen Haegens ons een blik in het hoofd van Musk, een kapitalistische held.

2

Gebruik Wikipedia niet als bron, horen scholieren en studenten vaak. De online encyclopedie wordt immers door gepassioneerde leken samengesteld, niet door wetenschappers. Maar die leken zijn strenge poortwachters, onderzochten Coen van de Ven en Naïm Derbali in maart. En dat levert strijd op.

3

De Russische inval in Oekraïne is live te volgen. Vanuit schuilkelders wordt getiktokt, foto’s en ooggetuigenverslagen verschijnen op sociale media. Er is, kortom, een overvloed aan informatie uit openbare bronnen. Amateurspeurders gaan graag met die informatie aan de slag, zag Or Goldenberg in mei. Dat kan nuttig zijn, maar is het niet ook gevaarlijk?

4

Justin E.H. Smith schept orde in de chaos van het internet. Als essayist, schrijver en nieuwsbriefbode duikt hij diep in de geschiedenis van de telecommunicatie. Jan Postma interviewde hem over zijn nieuwste boek The Internet Is Not What You Think It Is. Het werd een prachtig gesprek, zo vol met literaire en filosofische verwijzingen dat de liefhebber gelijk klaar is met de leeslijst voor 2023.

5

Via VPN delen Myanmarese jongeren informatie over de staatsgreep. Ondergedoken of gevluchte activisten en Myanmarezen uit de diaspora verspreiden op sociale media zoals Facebook en TikTok protestliederen en bewijs van mensenrechtenschendingen. Minka Nijhuis bracht de digitale oorlog in kaart.

Bonus
Het internet is een uitstekende plek om complotten te verspreiden. Die theorieën voeden woede, bijvoorbeeld bij de jonge radicaal-rechtse mannen van Forum voor Democratie. Terwijl de partij nationaal implodeert, analyseerden Sal Hagen, Jaap Tielbeke en Coen van de Ven alle spreekbeurten YouTube-filmpjes van Forum.