Worden Noord- en Zuid-Korea ooit herenigd?

Het kleine broertje met het kernwapen

Het is ‘de droom van de hele natie’ en hereniging levert voor zowel Noord- als Zuid-Korea economische voordelen op. Toch is het niet waarschijnlijk dat de Koreaanse broeders en zusters elkaar weer voorgoed in de armen sluiten.

Pyongyang. Politieagente bij de metro © Feng Li / Getty Images

De knerpende grijze kiezels zullen er niet echt gelegen hebben. Door de nagebouwde loopgraven, compleet met uitsparingen voor handgranaten, gaat gids Tang Un-hye (25) voor naar de tanks en artillerievoertuigen die Noord-Korea veroverde op de vijand. In de rivier Potong achter het oorlogsmuseum in Pyongyang ligt het pronkstuk, het spionageschip SS Pueblo, dat volgens de Koreaanse lezing in Noord-Koreaanse wateren voer toen het vijftig jaar geleden werd veroverd.

Eén marinier kwam om het leven, de andere 82 werden gevangen genomen. Tang presenteert het als een teken van barmhartigheid die schril afsteekt bij de gruwelen gepleegd door de Amerikanen en hun bondgenoten in de Koreaanse Oorlog (1950-1953). ‘Amerikanen vermoordden Koreanen – gewoon voor hun plezier.’ Tang studeerde geschiedenis en weet alles over de Koreaanse historie. Onder een bontmuts dansen haar bruine krullen op de kraag van haar perfect passende legerjas. Ze glimlacht vriendelijk terwijl ze door de zalen van het museum beent. Van foto’s van huilende kleuters bij hun dode moeder gaat het naar de met ziektes geïnfecteerde insecten die de Amerikanen over het land uitstrooiden.

Pyongyang moet de knop nog omzetten. Grote Leider Kim Jong-un is tegenwoordig on speaking terms met de Amerikaanse president. Na de ontmoeting in Singapore onderhandelen de Koreanen en Amerikanen nu over een vredesverklaring. De verklaring, die bij een volgende ontmoeting ondertekend moet worden, zal de oorlog die in 1953 met een wapenstilstand eindigde definitief afsluiten. Volgens deskundigen is het een gemakkelijke stap met grote symbolische waarde.

De propagandaposters die de Amerikanen als lugubere vijand portretteerden zijn verdwenen uit de brede, grijze straten van Pyongyang, maar de haat jegens de vijand zit diep. Maar het vertrouwen in Kim Jong-un is groot en misschien is het ook wel tijd voor officiële vrede op het schiereiland. Niet omdat de Noord-Koreanen nu zo graag toenadering zoeken tot de Amerikanen, wel omdat het hereniging met hun broeders in het zuiden een stap dichterbij brengt. Niet voor niets verklaarden Kim en Moon op 27 april van dit jaar in Panmunjom te streven naar ‘vrede, welvaart en vereniging van het Koreaans schiereiland’.

Voor de Koreanen is niet de top in Singapore maar het bezoek van de Zuid-Koreaanse president Moon Jae-in de gebeurtenis van het jaar. Dat de omgeving bij visrestaurant Taedonggang rond lunchtijd opeens afgezet werd – de inwoners van Pyongyang maakten zoiets nog nooit mee. De ontmoeting straalde welwillendheid uit, en wakkerde de hoop aan dat Korea weer één land kan worden. Gevraagd naar hun mening over zo’n hereniging weten de Noord-Koreanen precies wat ze moeten zeggen. Het is een ‘diep gekoesterde wens’ of de ‘droom van de hele natie’, die ‘onder wijs leiderschap van Grote Leider Kim Jong-un’ zal uitkomen, verklaart de een na de ander met vochtige ogen.

Hoe waarschijnlijk is het dat na de sporadisch georganiseerde familieherenigingen de Koreaanse broeders en zusters elkaar weer voorgoed in de armen sluiten? Dat de 38ste breedtegraad, die de grens tussen Noord en Zuid markeert, niet langer beladen is, maar een symbolische grens? Het is niet voor het eerst dat Noord-Korea een hereniging nastreeft. Tientallen jaren was het noorden de sterke staat, tegenover het zwakke autocratische zuiden dat lang onder militair bewind stond. Zuid-Korea werd pas eind jaren tachtig een democratisch land, en trad in 1991 tegelijk met de noordelijke Volksrepubliek toe tot de Verenigde Naties.

De militaire paraatheid die Noord-Korea’s vader des vaderlands Kim Il-sung nastreefde, was erop gericht ooit het zuiden weer terug te nemen. De Kim-dynastie had de ambitie over het hele schiereiland te heersen. In de jaren zeventig legden eerst de Amerikaanse president Nixon en later Carter de optie van hereniging op tafel. Het commando moest bij de Zuid-Koreanen komen te liggen; Carter wilde zelfs alle Amerikaanse manschappen terughalen. Zo ver kwam het niet. Wel kregen de Zuid-Koreanen meer te zeggen over het militaire apparaat op hun grondgebied. Voor het noorden spreekt het vanzelf dat bij een hereniging met het zuiden forse economische winst te behalen is.

Boven op de honderdvijftig meter hoge Juche-toren, op het balkon onder de twintig meter hoge gebeeldhouwde vlam, waait het zo hard dat gids Jang Chun-yong moeilijk te verstaan is. Haar Joseon-ot, de traditionele Koreaanse jurk die iedere dame in een representatieve functie in Pyongyang draagt, verbergt ze onder een elegante zwarte jas. Ze huivert even terwijl ze met één hand de bontkraag dichthoudt. Jang legt uit dat de toren gebouwd is om het Juche-idee van Kim Il-sung levend te houden onder de Koreanen. ‘Je bent de meester over je eigen beslissingen’, vat ze het idee van zelfvoorziening samen. Juche werd als staatsideologie in 1972 in de grondwet opgenomen.

De lage pastelkleurige appartementencomplexen onder aan de Juche-toren steken af bij de modernere, hogere gebouwen aan de andere kant van de rivier Taedong. Als symbool van economische voorspoed priemt het piramidevormige hotel Ryugyong, een futuristisch, maar nog altijd onvoltooid vijfsterrenhotel, in de lucht. Over de heuvels achter de nieuwe wijk rollen lage wolken de stad in.

Het Juche-idee bleek economisch tot nu toe niet haalbaar. Na de dood van Kim Il-sung en het uiteenvallen van de Sovjet-Unie viel de steun van socialistische bondgenoten weg. Noord-Korea was lang afhankelijk geweest van subsidies van Moskou, maar moest zijn volk nu zelf zien te voeden. Het schaarse platteland tussen de onherbergzame bergen is rijk aan mineralen, maar levert te weinig voedsel op. Toch is landbouw goed voor 22,5 procent van het nationaal product – een contrast met het zuiden, waar landbouw slechts 2,2 procent van de economie oplevert. De officiële waarde van de economie is 28 miljard dollar (2013) tegen 1,54 biljoen dollar in het zuiden. In werkelijkheid drijft de economie op de zwarte markt, waar binnengesmokkelde waar – van röntgenapparaten tot Heineken-bier – openlijk te krijgen is.

De Juche-toren is volledig gebouwd van graniet. ‘Daarvan hebben we hier genoeg’, zegt Jang. Ook de steenkoolvoorraad van de Volksrepubliek is nagenoeg onuitputtelijk.

Sinds Noord-Korea officieel over een lanceerbaar kernwapen beschikt, zet het vol in op economische groei, vertelt de Noord-Koreaanse economieprofessor Ri Gi-song in een college aan bezoekende journalisten in Pyongyang. ‘Onze economie produceert alles dat nodig is om een land te runnen.’ De sancties frustreren de groei, maar volgens Ri hebben ze ook ‘de Koreaanse geestdrift aangezwengeld’.

De Noord-Koreanen beweren dat ze zich prima redden door hun eigen inventiviteit, maar er zijn genoeg tekenen dat de zware sancties die de VN-Veiligheidsraad in 2017 oplegde het land in de greep houden. De piramide van Ryugyong steekt ’s avonds met haar felverlichte gevel af tegen de donkere skyline. Straten zijn niet of heel summier verlicht bij gebrek aan elektriciteit. Buiten de hoofdstad scheppen arbeiders met hun handen grind en zand uit de rivieren, en tractoren staan door een tekort aan diesel werkloos op de akkers waar ossen ploegen en karren trekken.

De economische ontwikkeling zou inderdaad een stuk sneller gaan als uitwisseling met andere landen mogelijk zou zijn, geeft Ri toe. Of als er olie geïmporteerd mag worden. De Juche-ideologie staat zulke import best toe, meent hij. Noord-Korea is op zoek naar buitenlandse investeringen voor de twintig vrijhandelszones en wil zijn grondstoffen, vis en textiel exporteren. Dat mag nu allemaal niet.

Naast de VN-sancties zijn er ook nog de bilaterale sancties die Zuid-Korea zijn noorderbuur oplegde. Die dateren uit 2010, toen een torpedo-aanval op een marineschip 46 dodelijke slachtoffers maakte. Seoul zou overwegen om die sancties op te heffen, al is dat niet meer dan symbolisch. De VN-sancties zijn zo veelomvattend dat het de Noord-Koreanen niet veel meer economische bewegingsvrijheid zou opleveren.

Moon voert een ‘indrukwekkende lobby’ voor het opheffen van sancties, maar tot nu toe zonder veel resultaat, zegt Korea-kenner Christopher Green, verbonden aan de International Crisis Group. Moon moet de Amerikanen ervan overtuigen dat Noord-Korea voldoende concessies heeft gedaan. ‘Maar volgens de standaard die de VS aanhouden, is het niet genoeg.’

Toch kondigde Moon alvast grootschalige investeringen aan. Op verzoek van Kim Jong-un wil het zuiden de spoorweg opknappen die in ‘gênante staat’ verkeert. Kim is zich goed bewust van de staat van de Noord-Koreaanse infrastructuur. Bij het bezoek van Moon in Pyongyang noemde hij de Noord-Koreaanse hotelkamers ‘sjofel’. Eind november doorkruisten 28 ingenieurs het schiereiland op een inspectiemissie. Het gaat om een miljardenproject: de Noord-Koreaanse treinen rijden in een slakkengang, terwijl Zuid-Koreanen per hogesnelheidstrein reizen.

Ook voor de Zuid-Koreanen heeft hereniging economische voordelen. De economie krijgt het de komende jaren zwaar en er zijn nieuwe projecten nodig om in te investeren en om overcapaciteit in weg te sluizen. De belabberde infrastructuur in het noorden biedt de Zuid-Koreanen iets om hun tanden in te zetten. Ook willen beide landen het gezamenlijke industriepark Kaesong weer openen.

‘Overwinningsdag’ © Ed Jones AFP / ANP
‘De enige optie voor hereniging is absorptie in het liberale, democratische systeem. De Kim-­dynastie moet instorten voor hereniging kan plaatsvinden’

Een hereniging tussen beide Korea’s past goed bij het beleid van Moons democratische Minjoo-partij. Moon, die zelf met zijn ouders het noorden ontvluchtte, wil de verhoudingen tussen beide landen verbeteren. Het broederschapsargument van het noorden is hem ook niet vreemd: de scheiding is opgelegd door buitenlandse machten. Militair heeft hereniging ook voordelen voor het zuiden. Het kernwapen van het noorden zal dan immers ook in handen komen van het zuiden, zegt politicoloog Robert Kelly, verbonden aan het Zuid-Koreaanse Lowy Institute.

Maar ondanks alle voordelen is hereniging niet heel waarschijnlijk. Het grootste obstakel is de machtskwestie: economisch mogen beide landen er baat bij hebben, Noord-Korea wil niet worden beschouwd als achtergebleven broertje dat overeind geholpen moet worden. Christopher Green van de International Crisis Group denkt dat het daar wel op uit zal draaien. Vroeger was de situatie anders, maar nu is Zuid-Korea in een sterke dominante positie. Zouden de twee landen nu de splitsing willen opheffen, dan zou het zuiden het noorden ‘wegvagen’. Moon en Kim lijken het goed te kunnen vinden, maar de politieke elites zullen geen macht willen afgeven.

Kim Jong-un en de zijnen zouden in werkelijkheid helemaal niet zo happig zijn op hereniging. Dat viel op te tekenen uit de woorden van de Noord-Koreaanse diplomaat Thae Yong-ho. Hij zat als plaatsvervangend ambassadeur in Londen relatief hoog in de machtsketen en vluchtte in 2016 naar het zuiden. ‘De enige optie voor hereniging is absorptie in het liberale, democratische systeem. Met andere woorden: de Kim-dynastie moet eerst instorten voor er hereniging kan plaatsvinden’, zei hij in een interview in Chosun Monthly.

Volledige hereniging is een stap te ver. De ultrasocialistische en de ultrakapitalistische economieën hebben daarvoor te weinig overeenkomsten. Integratie van het westerse, vrije zuiden, met hun K-pop en anti-stresskroegen, en de Noord-Koreanen die in een totalitaire bubbel leven en uit vijftien goedgekeurde kapsels mogen kiezen – het lijkt onmogelijk. Een confederatiemodel – Noord en Zuid als twee systemen in één land – zou volgens Green ‘een middel zijn om het doel te bereiken’. Dat doel zou dominantie van de Kim-dynastie op het schiereiland zijn.

De vergelijking met de Duitse hereniging ligt voor de hand, maar gaat niet op, zeggen wetenschappers. Oost-Duitsland had na het uiteenvallen van de Sovjet-Unie bijvoorbeeld geen grootmacht meer achter zich. Gorbatsjov weigerde de zwakke Oost-Europese regeringen militair te steunen. Noord-Korea heeft niet alleen een kernwapen, maar ook China als grote broer. Een hereniging van de Korea’s kan alleen als de twee sponsorstaten, de VS en China, ermee instemmen. Een top met zowel de Korea’s, de Verenigde Staten als China staat nog niet op de agenda.

De vraag is ook of de internationale gemeenschap er überhaupt baat bij heeft dat beide Korea’s weer één worden. Het zou de geopolitieke situatie behoorlijk aan het schuiven brengen. Nu houdt het geïsoleerde Noord-Korea de Amerikanen in het zuiden en de Chinezen en Russen in eigen land. Korea was ooit een zwak land, uitgebuit onder de Japanse bezetting. Kim Il-sung besloot dat het land zichzelf moest redden – zowel economisch als militair. Nu de Koreaanse Volksrepubliek een kernwapen heeft ontwikkeld is dat deel van de zelfvoorziening voltooid, meent Kim Jong-hun, secretaris van het Koreaanse Nationale Vredescomité, dat onder meer voor journalisten reizen organiseert die een beter beeld moeten geven van Noord-Korea. ‘We hoeven nooit meer zwak te zijn.’

In de ogen van de Noord-Koreanen is het kernwapen nodig als zelfverdedigingsmechanisme. Daar brachten de Noord-Koreanen behoorlijk wat offers voor. De dood van Kim Il-sung was een bepalend moment. Kims zoon Kim Jung-il stelde de militaire ontwikkeling boven de ontwikkeling van de economie – het Songun-beleid.

In de Noord-Koreaanse versie van de geschiedenis waren het de militaire oefeningen van Zuid-Korea en de Verenigde Staten die de situatie in 1994 op scherp zetten. ‘De Amerikanen wilden het laatste socialistische land ter wereld van de kaart vegen’, zegt Dong Hyon-ok (40), gids in het Museum van de Revolutie. Door de sancties die volgden toen Noord-Korea zijn nucleaire programma weer opstartte kwam er volgens hem ‘nog geen graankorrel het land in’. Overstromingen vernietigden drie jaar op rij de Noord-Koreaanse oogst. ‘Het spreekt voor zich dat ons leven toen heel zwaar was.’ Honderdduizenden mensen stierven een hongerdood.

Dong laat zien hoe de Amerikanen de Koreanen vergeefs probeerden op te jutten tegen het Kim-regime. Dollarbiljetten, radio’s, pornografie en blauwwit gestreepte sokken werden uitgestrooid over het land. Maar de Noord-Koreanen lieten zich niet verleiden tot een volle maag en warme voeten. Ze lanceerden in 1998 hun eerste satelliet, stapten in 2003 uit het non-proliferatieverdrag, en deden in 2006 een eerste kernproef. Aan de muur van het Museum van de Revolutie hangt een krantenartikel uit de International Herald Tribune, gepubliceerd op 10 oktober 2006. Dong wijst triomfantelijk: Noord-Korea had aangekondigd een kernwapen te hebben. Als dat waar is, is Noord-Korea het negende land met een kernwapen, staat er in het artikel.

Het kernprogramma van Noord-Korea is een heet hangijzer. Geeft Pyongyang haar kernwapen niet op, dan blijven die sancties waar Kim Jong-un zo graag vanaf wil gewoon intact. Voor de bühne vertelt Kim dat hij het schiereiland kernwapenvrij wil maken, maar in Noord-Korea denkt men er niet over om de status van kernmacht op te geven. ‘Zuid-Korea heeft Amerikaanse soldaten en lanceerinstallaties op zijn grondgebied. We zijn bovendien omringd door nucleaire staten’, zegt Kim Jong-hun, van het Koreaans Nationaal Vredescomité. Op de alliantie die Noord-Korea met China heeft, kan het land niet rekenen, meent hij.

De VN-coalitie die de wapenstilstand ondersteunt, bestaat ook nog altijd – tot ergernis van Noord-Koreanen. ‘Wij zijn óók lid van de VN’, verwoordt Kim fel de kwetsbare positie van zijn land. ‘Aan de andere kant van de grens met het zuiden staan dus geweren van onze bondgenoten op ons gericht.’

Is een vredesverdrag niet de facto een erkenning van Noord-Korea als kernmacht? ‘Daarom is het een verklaring, en dus geen verdrag’, antwoordt Christopher Green op die vraag. ‘Het is juridisch niet bindend.’ De clausules in de verklaring over afschaffing van het kernwapenprogramma en de terugtrekking van de 23.500 Amerikaanse militairen in Zuid-Korea zijn intenties. ‘Ik weet bijna zeker dat ze zich daar niet aan zullen houden, al kan het zijn dat de Amerikanen minder noodzaak zien om in vredestijd zoveel manschappen in Zuid-Korea te stationeren.’

De Juche-toren © Pyeongyang Press Corps / Pool / Getty Images

Het twaalfjarige schoolmeisje Ri Jin-hyang wil graag naar het buitenland reizen als ze klaar is met haar opleiding, vertelt ze, terwijl ze gasten rondleidt in het Kinderpaleis, een prestigieus centrum voor buitenschoolse activiteiten in Pyongyang. Wil Ri naar de Verenigde Staten? ‘Dat nooit!’ Haar paardenstaart zwiept hard heen en weer. Waarom niet? Ze steekt haar neus in de lucht. ‘Amerika is het land dat ons binnengevallen is.’ De Noord-Koreaanse propagandamachine heeft nog flink wat werk te verzetten wil ze de diep ingesleten wrok tegen de Amerikanen wegpoetsen. Iedere Noord-Koreaan weet dat de Amerikaanse luchtmacht méér bommen op Pyongyang gooide dan de stad inwoners had.

Gids Tang Un-hye aarzelt bij de uitgang van het museum en geeft dan nadrukkelijk haar mening. ‘We kunnen niet vergeten wat ze ons hebben aangedaan. Als de VS de rekening van het verleden vereffenen en ophouden met hun vijandigheden – dan overwegen we het misschien.’

Met beloftes weet Kim de dialoog met de Verenigde Staten gaande te houden. Belangrijker en misschien wel oprechter is de toenadering tussen Noord- en Zuid-Korea. In 2019 staat ondertekening van de vredesverklaring op de agenda. Kim zal blijven proberen om de sancties te verlichten én zijn kernwapen te behouden – een voorlopig uitzichtloze exercitie. ‘Wat willen de VS nog meer?’ vraagt Kim Jong-hun. ‘We hebben al in de oorlog gesneuvelde Amerikaanse militairen teruggegeven?’ Maar alles minder dan concrete ontmanteling van het kernwapenprogramma is in de ogen van de VS onvoldoende.

De concessies die Noord-Korea dit jaar wél deed, hadden vooral betrekking op de relatie met het zuiden. Zo blies het land begin december 22 uitkijkposten aan de grens op en begaven soldaten zich voor het eerst vreedzaam in het noordelijk deel van de gedemilitariseerde zone.

Voor de Zuid-Koreanen ligt de situatie anders dan voor de rest van de wereld, meent politicoloog Robert Kelly. Het idee dat het Kim-regime het zuiden volledig kon absorberen dateert uit de jaren zeventig, en is niet meer realistisch. Sinds de jaren tachtig is er vanuit het noorden ook geen ‘strategische provocatie’ meer geweest. De Zuid-Koreanen zijn bovendien gewend geraakt aan de dreiging uit het noorden, zegt Kelly. Als het noorden het zuiden had willen aanvallen, dan had Kim dat al lang kunnen doen zonder dat hij daar kernwapens voor nodig had. Kelly concludeert dat een herenigd Korea, mét kernwapen, een ideale basis kan zijn voor een gezamenlijk, neutraal buitenlandbeleid. Het kernwapen dient dan, net als bij de andere kernmachten, als afschrikking.

De Verenigde Staten vrezen echter dat Noord-Korea zijn kernwapen ‘als een paraplu’ zal gebruiken om buurstaten te onderdrukken en het zuiden in te nemen, schrijft de International Crisis Group in een rapport. ‘De VS willen afschrikken, niet zelf bang gemaakt worden.’

Onder aan de Juche-toren speculeert gids Jang over het nieuwe wapen waar de Noord-Koreaanse krant eind november over schrijft. ‘Een gelukkig, rijk leven is alleen gegarandeerd met een sterk wapen. Het is heel natuurlijk om jezelf te willen verdedigen.’ Kim Jong-hun voegt daar droogjes aan toe dat de Noord-Koreanen best afstand willen doen van hun kernwapen. ‘Mits de VS dat ook doen.’


Dit artikel is tot stand gekomen met steun van het Fonds Bijzondere Journalistieke Projecten, fondsbjp.nl