Laaghangende oordelen

Het Kwaad

In het radio-1-programma De Taalstaat had ik het laatst over de tale Kanaäns. Om aan te wijzen hoe die taal in bevindelijke kringen wordt gebruikt, werd een fragmentje ingestart van een preek van een Gereformeerde-Gemeentedominee die ik op YouTube had gevonden. Hij benoemde daarin verschillende soorten gelovigen, onder wie ‘de eikenbomen der gerechtigheid’ en de ‘mirtjes die in de diepte groeien’. Dat is taal voor ingewijden. Met deze vergeestelijkte bijbelteksten bedoelde hij verzekerde uitverkorenen (tegengesteld aan ‘de kleintjes in de genade’ die nog wel eens twijfelen aan hun redding).

Toen ik weer thuiskwam, kreeg ik via Facebook een berichtje van een mij onbekende reformatorische vrouw die het ongepast vond dat ik dat audiofragment liet horen, want ‘die dominee kon zich niet verdedigen’. Ik schreef terug: maar die dominee werd toch helemaal niet aangevallen?

Voor die vrouw maak ik gewoon deel uit van het vijandelijke kamp, punt. Zij hoorde niet eens dat ik helemaal geen kritiek leverde. Dat denken in het goede versus het vijandelijke kamp is heel bijbels. Wie niet voor God is, is tegen hem. Het valt die vrouw niet echt kwalijk te nemen.

In een van mijn favoriete bijbelverhalen strijdt het volk Israël in de Sinaï-woestijn met een nomadenvolk onder leiding van een zekere Amalek. In het gevecht waren de Israëlieten aan de winnende hand zolang hun oude aanvoerder Mozes zijn armen in de lucht hield. Daarom kwamen twee mannen naast hem staan om zijn armen te ondersteunen. Toen Amalek aan het eind van de dag verslagen was, zei God dat Israël altijd tegen hen zal moeten blijven strijden. Sindsdien staan de Amalekieten voor joden voor alles wat slecht is. In Adolf Hitler was Amalek opgestaan, de vermenselijkte Satan, de joodse variant van de Antichrist (die in het Nieuwe Testament wordt geïntroduceerd).

De huidige generatie jongeren is niet zozeer religieus opgevoed, maar ‘veilig’

De Antichrist-idee leeft vooral in Evangelische kringen, maar ook wij reformatorischen kregen dat mee. Als puber verslond ik de spannende romans van de Amerikaanse evangelische bestsellerauteur Frank Peretti. Hij stelt de strijd tegen de Antichrist voor door legers onzichtbare engelen en kwade geesten die het hoofdpersonage in hun greep willen krijgen. Dat personage, dat een belangrijke beslissing moet nemen, kan hen niet zien, maar hij hoort wel steeds geritsel van vliezige vleugels en hij voelt het wanneer er iets niet in de haak is. Die beangstigende voorstelling van de strijd paste destijds heel goed bij de antithese met de wereld waarin wij opgroeiden. Buiten het veilige refo-bastion waarde de Satan rond.

Zo wordt niet meer gedacht, vertelde een sgp’er me laatst. Jonge refo’s omarmen tegenwoordig via het internet alles wat de seculiere televisie, Netflix, hbo etcetera te bieden heeft en ze zijn totaal niet meer bang voor de andersdenkende.

Dat is opvallend.

De rest van de jeugd is dat namelijk wel. Dat zegt de beroemde sociaal psycholoog Jonathan Haidt in zijn nieuwste boek The Coddling of the American Mind. Hij laat zien dat de huidige generatie jonge mensen in de westerse wereld in het algemeen erg geneigd is te geloven in een wereld die bestaat uit volstrekt goede en puur slechte mensen. Dat koppelt Haidt aan hun beschermde opvoeding. Zo’n opvoeding als ik heb gehad, dus. De huidige generatie jongeren is niet zozeer religieus opgevoed, maar ‘veilig’. Ouders hebben de slechte mensen altijd bij hen weggehouden, en nu verwachten die jonge studenten dat docenten dat ook doen. Dus klinkt de roep om ‘safe spaces’.

De wereld indelen in goeden en kwaden is slecht voor het academische denkklimaat en slecht voor de maatschappij. Het is een natuurlijke reflex waartegen je juist zou moeten vechten. Experimenten bewijzen volgens Haidt keer op keer hoe snel mensen zich loyaal opstellen tegenover wie op hen lijkt, en hoe ze neerkijken op ‘kwalijk denkenden’. Die opstelling wordt echter ook nog eens gevoed door actuele ideeën uit de geesteswetenschappen over onderdrukte minderheden en de privileges van witte mannen. Studenten schieten hierdoor meteen in die tribale reflexen. Wat iemand te vertellen heeft wordt niet meer gehoord, wat telt is of zij of hij tot de juiste groep hoort.

Terrorisme-expert Beatrice de Graaf weet hier alles van. Ze is, zo zegt ze in de Volkskrant, altijd bang om in een tweet als een christengekkie weggezet te worden. ‘Ik krijg beurzen, prijzen en erkenning voor mijn werk, maar zeg je in Nederland: en ik geloof ook nog in God, dan word je weggehoond.’ Aangaande haar vakgebied gelooft ze dat in Christus het Goede uiteindelijk overwonnen heeft. Dat laatste, daar geloof ik niks van, maar het geeft haar hoop en dat is verder prima. Zo’n geloofsuitspraak doet niets af aan haar expertise. Wel denk ik: stop met beschermend opvoeden. Het is de bron van alle kwaad.