Cok Bos, Bouwfraude

Het lot van de klokkenluider

Ad Bos, de klokkenluider wiens onthullingen over fraude in de bouwwereld leidden tot een parlementaire enquête, is geen held geworden. Niet zijn ex-werkgever Koop Tjuchem maar hijzelf zit in de beklaagdenbank. Zijn broer Cok schreef een boek, met nog meer «schokkende onthullingen».

Op 9 november 2001 deed de tv-actualiteitenrubriek Zembla onder de titel «Sjoemelen met miljoenen» onthullingen over het bestaan van illegale prijsafspraken en onderhandse verdeling van opdrachten tussen de grote bouwbedrijven van Nederland. Met als voorbeeld de boekhoudkundige manoeuvres rond de bouw van een vestiging van Vomar-voordeelmarkt in Hoofddorp werd een ontluisterend beeld gegeven van de bouwsector, waar steekpenningen en fraude een manier van leven zouden zijn geworden. Niet alleen de bouwsector zelf, ook de vele corrupte ambtenaren en politici die op kosten van de belastingsbetaler per privé-jet van golfbaan naar bordeel werden gesleept, stonden in de verdachtenbank. De totale omvang van de bouwfraude zou wel eens een bedrag van acht cijfers kunnen bedragen. Het ging om de grootste fraudezaak uit de geschiedenis — waarbij vergeleken de roemruchte affaires uit de jaren zeventig en tachtig (abp, rsv) kinderspel waren geweest.

De aanstichter van dit alles was een ex-werknemer van het bouwbedrijf Koop Tjuchem te Groningen, genaamd Ad Bos. Hij was, in eigentijds jargon, de «klokkenluider» wiens onthullingen leidden tot de parlementaire enquête die het land momenteel in haar greep heeft. Bos was een oude rot in het vergaren van grote bouwprojecten. Jarenlang had hij ambtenaren van gemeentes en Rijkswaterstaat getrakteerd op enveloppen met feestelijke inhoud en tienstrippenkaarten voor Yab Yum. Maar nu kon hij al deze praktijken niet meer ethisch billijken, en besloot hij de vuile was buiten te hangen. Enige vendettagevoelens waren hem daarbij niet vreemd. Bos was vier jaar eerder afgeserveerd door zijn werkgever. Naar eigen zeggen was het Bos als general manager van Koop op Sint-Maarten (Curaçao) te goed gegaan. Mede dankzij zijn goede contacten met de lokale bevolking wist Bos op Sint-Maarten veel geld binnen te halen. Hij profiteerde van samenwerking met een gewezen politieagent die was uitgegroeid tot de schaduwkoning van het eiland. Deze man had zijn geld verdiend met hanengevechten en was tevens uitbater van twee petit chateaux (bordelen) op Sint-Maarten, zoals hij ook de plaatselijke begrafenisonderneming bezat. «De klanten neuken zich dood en dan mag ik ze nog begraven ook», zei hij tegen Bos. Sint-Maarten was «het walhalla van de wegenbouwers». Er waren miljoenen aan Haagse subsidies op te strijken, en tevens het nodige cocaïnegeld. Bos deed dat met verve. Hij sleepte een mega-order binnen bij de uitbreiding van Juliana Airport. In totaal waren er miljarden in het spel.

Wellicht waren zijn superieuren in Groningen bang dat de honderden miljoenen zwart geld die in de bouwputten van de Antillen voor het opscheppen lagen, niet in hun zakken maar in die van Ad Bos terecht zouden komen. In elk geval werd hij ontslagen. De door hem binnengesleepte orders werden eerlijk verdeeld onder Bos’ vijanden binnen de bouwwereld, waar volgens hem «jaloezie, afgunst, manipulatie en indoctrinatie» aan de orde van de dag zijn.

De wraak van Ad Bos loog er niet om. Hij wist drie dikke ordners in handen te krijgen van de schaduwboekhouding 1988-1998 van zijn ex-werkgever. Daarin was haarfijn bijgehouden hoe de wederrechtelijke miljoenen van het ene bouwconsortium naar het andere vloeiden. Feitelijk vormen de Nederlandse bouwbedrijven volgens deze schaduwboekhouding één groot kartel, en plukken ze met onderlinge prijsafspraken de markt systematisch kaal ten koste van de klant (vaak de overheid), die systematisch voor miljoenen wordt opgelicht.

In zijn boek Bouwfraude: Schokkende onthullingen uit de schaduwboekhouding van één van Nederlands grootste bouwbedrijven, beschrijft de broer van de klokkenluider, Cok Bos, hoe hij samen met Ad heeft geleurd met deze schaduwboekhouding. Justitie was aanvankelijk niet in de materie geïnteresseerd, en de politiek al helemaal niet. Niet zo verwonderlijk, zo meent Cok Bos in het boek, dat bedoeld is als verdediging van zijn brodeloze en van alle kanten bedreigde broer: «De waarheid is te hard en moet waarschijnlijk koste wat het kost geheim blijven. Als de bouwwereld zou vallen en de politiek zou hier werkelijk bij betrokken zijn, zou ook de politiek in elkaar storten.»

De broers Bos hebben lang moeten leuren met hun schaduwboekhouding: «Na twee jaar steggelen was er nog steeds niemand bij het Openbaar Ministerie die enige moeite deed om echt geïnformeerd te worden.» Uiteindelijk was het Zembla dat met de gegevens van Bos een daverende primeur kon presenteren. Toen was er opeens wél belangstelling voor het verhaal van Ad Bos. Op 13 november, vier dagen na de uitzending van Zembla, werden de gebroeders Bos in het diepste geheim naar het ministerie van Justitie gebracht om de schaduwboekhouding van Koop Tjuchem officieel te overhandigen. Voor de zekerheid bond Cok Bos de inhoud van één van de ordners om zijn lichaam. Het comité van receptie op het ministerie bestond uit het hoofd van de veiligheidsdienst, secretaris-generaal Borghouts, en voorzitter van het college van procureurs-generaal jonkheer de Wijkerslooth de Weerdesteijn. «Toch vond ik de ontvangst niet hartelijk», schrijft Cok Bos. «Men probeerde wel vriendelijk te zijn, maar het kwam gekunsteld over, waardoor de hele bijeenkomst mij een vreemd gevoel gaf…» Tijdens het onderzoek dat daarop volgde, werd Cok Bos er niet geruster op. «Ergens had ik het gevoel dat we, Ad en ik, gepiepeld zouden worden, maar ik hield mezelf voor dat ik spoken zag.»

De ene teleurstelling na de andere volgt. De onderzoeksambtenaren van het Korps Landelijke Politiediensten (KLPD) in Driebergen lijken een spel te spelen met de klokkenluider. Enerzijds fungeert hij als bron, aan de andere kant is hij ook verdachte als hij verklaart een envelop met vijfduizend gulden te hebben overhandigd aan een te paaien zakenrelatie. Ad Bos voelt al nattigheid als hij na zijn eerste verhoor geen kopie krijgt van de verklaring die hij eerder had moeten ondertekenen, aldus Cok Bos. «Het had ons op dat moment al duidelijk moeten zijn dat Ad de verpakking was van veel nuttige informatie, die uiteindelijk in de zwarte afvalbak gegooid moest worden. De inhoud was het enige dat interessant was. Ik vroeg me in stilte af wanneer het martelen zou beginnen.»

Ondertussen verklaart de bouwwereld vroom dat er werkelijk niets aan de hand is. Voorzitter Elco Brinkman van het Algemeen Verbond Bouwbedrijf (AVBB) komt aanvankelijk ook met sussende woorden, zeer tot verdriet van de broers Bos. «Volgens mij wist hij (Brinkman — rz) het verschil tussen asfalt en beton niet eens, laat staan dat hij enig inzicht had in de duistere praktijken van de voorafspraken, die onder het genot van sigaren en glazen wijn in allerlei etablissementen werden gemaakt.»

Slecht nieuws is ook dat de mede door Bos aangezwengelde affaire over de mega fraude met de Schipholtunnel met een sisser afloopt wanneer bekend wordt dat de betrokken bouwbedrijven — Strukton, HBW en KSS — hun fraude met 53 miljoen gulden mogen afkopen bij het OM. PvdA-kamerlid Rob van Gijzel, die Bos bijstaat in zijn onthullingscampagne en hem eerder ook bij Zembla had aanbevolen, wordt geslachtofferd door zijn fractievoorzitter Ad Melkert als hij lastige vragen blijft stellen over de Schipholtunnel. Minister Korthals noemt het afkopen van de affaire op Schiphol «de beste deal sinds jaren». De gebroeders Bos denken er het hunne van. Cok Bos: «Volgens mij moeten hier enkele belangrijke en mogelijk politieke figuren bij betrokken zijn, anders zou deze fraude nooit zijn afgekocht. En waarom moest de Schipholtunnelfraude afgekocht worden voordat het onderzoek naar de schaduwboekhouding zou beginnen? Werd er iets gevreesd? Mijn argwaan is niet zo vreemd, omdat ook de VVD-top en de oud-VVD-top goede banden hebben met diverse bouwfirma’s. Zo is Neelie Kroes commissaris bij Ballast Nedam. Steeds weer zie ik Annemarie Jorritsma uit de privé-jet van Hoep (de naam die Cok Bos in zijn boek gebruikt voor Koop — rz) stappen. En dan denk ik ook nog steeds aan het bouwbedrijf Jorritsma BV uit Bolsward. Hoeveel handen op één buik zijn dat?»

Ook de moord op Pim Fortuyn is voor Ad Bos een veeg teken. De klokkenluider had zijn hoop op de LPF-leider gevestigd. Niet alleen deelden zij een aversie tegen het «establishment», zij waren tevens jeugdvrienden, zo schrijft Cok: «Als kind werd Pim thuis ’s morgens al vroeg buitengezet, waarna de deur achter hem op slot ging. Zijn moeder moest namelijk ook al vroeg de deur uit. Dan stond Pim achter de grote populier bij huize Bos te wachten totdat Ad naar buiten kwam.»

Ondertussen gaat het niet goed met Ad Bos bij de enquêtecommissie. Tijdens zijn tweede verhoor houdt de klokkenluider zich opmerkelijk gedeisd. Zijn oud-werkgever Koop beschuldigt hem ondertussen van afpersingspraktijken, terwijl vanuit het ministerie van Justitie naar buiten wordt gebracht dat Ad Bos geld zou hebben gevraagd — in totaal drie ton — voor het overhandigen van de schaduwboekhouding. Bos houdt vol dat bedrag alleen maar te hebben gevraagd als loon om de gegevens over tienduizenden transacties bevattende schaduwboekhouding systematisch te analyseren, een karwei waar volgens hem drie jaar werk in zit. Ondertussen zit niet de firma Koop maar Ad Bos in de beklaagdenbank. Net als collega Quasimodo van de Notre Dame lijkt klokkenluider Ad Bos een onfortuinlijk lot beschoren.

Cok Bos

Bouwfraude: Schokkende onthullingen uit de schaduwboekhouding van één van Nederlands grootste bouwbedrijven

Uitg. Strengholt, 160 blz., € 17,95