Verkiezingen in de Verenigde Staten

Het merk Hillary

Volgende week neemt Hillary Clinton het in New York in de voorverkiezingen voor de mid-term elections van november op tegen de onbekende anti-oorlogskandidaat Jonathan Tasini. Sommige Democraten hopen op een herhaling van het spektakel in Connecticut, waar Joe Lieberman het loodje legde, maar Clinton zal met twee vingers in de neus winnen. Ze loopt warm voor het presidentschap.

NEW YORK – Geïnspireerd door de actrice Sharon Stone adverteert het Museum of Sex aan Fifth Avenue in New York deze dagen met de minitentoonstelling The Presidential Bust of Hillary Clinton. De tentoonstelling heeft weinig om het lijf: beeldhouwer Daniel Edwards, die eerder een levensgrote barende Britney Spears fabriceerde, vond het een groot gemis dat Clinton, senator voor de staat New York, zich immer geharnast kleedt en zo weinig van haar vrouwelijkheid laat zien. Daarom maakte hij het ‘eerste portret van Hillary als president’: een blote buste met een streng kijkende Hillary boven een decolleté van Hollywood-omvang.
De aanleiding van de expositie is interessant. ‘Hillary Clinton is geweldig’, antwoordde de actrice Sharon Stone op vragen over de kansen van de voormalige first lady voor het presidentschap in 2008. ‘Maar’, vervolgde de actrice die vrouwelijk leiderschap in Basic Instinct een nieuwe dimensie gaf, ‘ik denk dat het voor haar te vroeg is om zich te kandideren. Dit mag raar klinken, maar een vrouw moet haar seksualiteit gepasseerd zijn als ze zich kandideert. Hillary heeft nog steeds seksuele macht en ik denk niet dat mensen dat accepteren. Dat is te bedreigend.’ Het was deze quote die Daniel Edwards en het Museum of Sex aanleiding gaf een, wat zij noemen, ‘intellectuele discussie’ te starten over roem, seks en politiek in de Verenigde Staten.

Intellectueel of niet, nieuw is deze discussie allerminst. En meestal wordt de discussie gevoerd in het licht van de hogere ambities van Hillary Rodham Clinton (1947). Vanaf de dag dat Bill Clinton zijn eerste schreden zette in het Witte Huis beweren insiders dat zijn presidentschap slechts een opstapje was naar een presidentschap van de ware machtswellusteling bij de familie uit Arkansas: Hillary. Alles in haar leven, vanaf haar wilde pro-choice-activistenjaren in de jaren zeventig tot de wijze waarop ze haar taak als first lady invulling gaf, haar onwaarschijnlijke vergevingsgezindheid na de Lewinsky-affaire en haar tegenwoordige conservatieve toer, zou in het licht hebben gestaan van haar eigen aspiraties.

Meer dan over welke first lady ook zijn sinds halverwege de jaren negentig over Hillary boekenkasten volgeschreven. En hoe politiek correct de auteurs ook proberen te zijn, hoe hoog ze ook opgeven van Hillary’s bijzondere vakinhoudelijke kwaliteiten, uiteindelijk gaan al die boeken over haar vrouw-zijn. Nooit eerder durfden Democraten of Republikeinen het aan om een vrouw voor het presidentschap te nomineren en slechts één keer was een vrouw kandidaat voor het vice-presidentschap: Geraldine Ferraro in 1984 als running mate van de lang vergeten Walter Mondale. Met Hillary in de race is sekse in de Amerikaanse politiek opeens een hot issue. Mocht zij namens de Democraten genomineerd worden, dan kunnen de Republikeinen niet achterblijven en moet ten minste Condoleezza Rice in de strijd geworpen worden, meent bijvoorbeeld de politiek analist Dick Morris van het conservatieve Fox News. Alleen ‘Condi’ – vrouw én zwart! – kan het electoraat voor de Republikeinen verbreden met de zwarte stem, de Latino-stem en de stemmen van vrouwen.

Volgende week neemt Hillary Clinton de eerste horde op weg naar een eventuele kandidatuur voor het presidentschap in 2008. In de staat New York, die zij in de senaat representeert, worden op 12 september voorverkiezingen gehouden voor de mid-term elections van 7 november. Zij neemt het in die voorverkiezingen op tegen de hoegenaamd onbekende anti-oorlogskandidaat Jonathan Tasini. Deze ietwat corpulente vakbondsman won in het verleden namens een handvol freelance auteurs eens een zaak tegen The New York Times over het digitale hergebruik van publicaties, maar daarna is weinig meer van hem vernomen. Geld om campagne te voeren heeft hij nauwelijks en een week voor de voorverkiezingen staat hij in de peilingen op een schamele twaalf procent van de stemmen. Tasini zelf hoopt niettemin op een wonder. Als groot pleitbezorger van een terugtrekking van de Amerikaanse troepen uit Irak denkt hij hetzelfde kunstje te kunnen flikken als Ned Lamont enige weken geleden in Connecticut. Lamont slaagde erin op hetzelfde anti-oorlogsticket de zittende Democratische senator Joe Lieberman – in 2000 nog running mate van Al Gore – in de voorverkiezingen te verslaan. Lieberman had zijn steun aan de Irak-oorlog te openlijk beleden, meenden Lamont en de kiezers. Geholpen door een op televisie uitgezonden doodskus van George Bush zelf was er geen redden meer aan: Lamont werd de kandidaat van de Democraten, de ervaren Democratische senator moet in november als onafhankelijke kandidaat zijn zetel verdedigen.

Ook Hillary Clinton steunde in 2002 de oorlog in Irak. Anders dan Lieberman heeft ze in de senaat wel een voorstel gesteund om tot een ‘gefaseerde terugtrekking’ van de troepen te komen. Bovendien kwam ze begin augustus nog hevig in aanvaring met minister van Defensie Donald Rumsfeld. Ze eiste, zoals wel meer Democraten de laatste tijd, zijn onmiddellijke ontslag.

Beelden van een innige relatie tussen Bush en Clinton zijn niet bekend, maar Jonathan Tasini probeert in het liberale New York de gematigd conservatieve campagne van Hillary te ontmaskeren. Vooralsnog zonder veel resultaat. Terwijl Tasini ongeveer 130.000 dollar aan campagnegelden heeft, verzamelde Hillary Clinton in het afgelopen jaar alleen al meer dan 38 miljoen dollar. In Connecticut stak Ned Lamont ten minste vier miljoen dollar eigen vermogen in zijn verkiezingscampagne. Alleen met zulke bedragen sla je een deuk in een pakje boter.

Clinton heeft zich omringd met de allerbeste fundraisers uit de Democratische Partij. Sinds haar aantreden in de senaat in 2001 halen zij permanent geld binnen. Maar voor de campagne tegen Tasini zijn die miljoenen nauwelijks nodig. Clinton heeft wat televisiespotjes laten maken, maar wil de campagne verder ‘low key’ houden. Met steun in de peilingen van meer dan zeventig procent van de New Yorkers blaakt ze van zelfvertrouwen. Het geld, zeggen waarnemers, wordt vooral opgehaald om nu vast een oorlogskas op te bouwen voor de presidentsverkiezingen van 2008. Bovendien steunt Clinton met haar geld regelmatig andere belangrijke Democraten bij verkiezingen voor strategische posities. Ned Lamont bijvoorbeeld. Meteen toen die Joe Lieberman verslagen had, zegde Hillary Clinton toe om geld te gaan ophalen om Lamont in de campagne in november te wapenen tegen de oorlogsretoriek van de door Bush gesteunde Republikeinse tegenkandidaat. De arme Tasini maakt, kortom, bij de voorverkiezingen op 12 september geen schijn van kans. Een Connecticut-scenario lijkt niet erg realistisch. Had Ned Lamont daar bij zijn strijd tegen Lieberman in juli bovendien de steun van de gezaghebbende New York Times, afgelopen weekend koos de krant – die aan Tasini’s freelancers veel geld verloren heeft – ondubbelzinnig voor de zittende kandidaat Hillary Rodham Clinton. Deze ‘excellente senator’ heeft, manoeuvrerend tussen conservatieve en meer liberale collega’s, veel goeds voor de staat New York gedaan. Terwijl iedereen haar bij haar aantreden als een misschien wel heel erg linkse ambitieuze mevrouw zag, bleek ze wel degelijk in staat compromissen te sluiten. Overigens zonder haar roots te verloochenen, memoreert de Times: vorige maand won Clinton een strijd met de Republikeinen om de morning-afterpil zonder recept te verstrekken.

Maar de Hillary Clinton die New York de laatste zes jaar heeft leren kennen is niet de wáre Hillary Clinton, waarschuwt schrijver Dick Morris bij herhaling. En hij kan het weten. Tot zijn roemloze ontslag in 1996 was hij een belangrijk adviseur van Bill Clinton en hij kent de familie goed. Inmiddels is hij, in boeken en als commentator op Fox News, de felste campaigner tégen Hillary’s presidentskandidatuur.

Steeds weer wijst Morris de kijkers in reclamemakerstaal op de vakkundige rebranding van Hillary, op de nieuwe invulling van het merk Hillary Clinton. Er is door haar en door haar adviseurs alles aan gedaan om Hillary Clinton in bredere kringen acceptabel te maken: als senator papte ze aan met anti-abortusactivisten, liet ze zich fotograferen met de meest conservatieve dominees en bezocht ze verscheidene malen onder veel mediabelangstelling de troepen in Irak. Ze mat zich zelfs een beschaafd kapsel aan, terwijl ze als first lady volgens Morris iedere dag een nog hysterischer haardos kreeg.

De rebranding heeft, en dat moet Morris toegeven, succes: terwijl aan het begin van haar zittingsperiode kiezers in alle peilingen Hillary identificeerden als een linkse Democraat wordt ze inmiddels door steeds meer mensen als ‘gematigd’ liberaal ingeschaald. En om ooit kans te maken op het presidentschap is dat een minimumvereiste.

Maar als ze eenmaal in het Witte Huis zit zal zich volgens Morris de ware Hillary ontpoppen: de compromisloze intolerante liberale ideoloog die ze altijd geweest is. Diep van binnen is Hillary een cynische vrouw, zegt hij, die overal complotten ziet en op feestjes de meest vreselijke dingen over Republikeinen zegt. Deze wolf in schaapskleren is volgens Morris een gevaar voor de fatsoenlijke Amerikaanse samenleving. Nog even en ze gaat haar haar weer los dragen.

Maar zijn Republikeinse alternatief, minister van Buitenlandse Zaken Condoleezza Rice, is een nog veel onzekerder kandidaat. Zij heeft nog nooit campagne gevoerd, heeft vooralsnog geen standpunten op binnenlands terrein en heeft niet de jarenlange ervaring van Hillary Clinton. Dat de Fox-commentator juist met deze andere vrouw op de proppen komt, is volgens auteur Susan Estrich van The Case for Hillary Clinton typerend voor de manier waarop tegen een vrouwelijke presidentskandidaat wordt aangekeken. Stel je voor, schrijft Estrich, dat Hillary geen vrouw was maar domweg als Harry Rodham door het leven ging. Dan zou ze in alle opzichten de beste kandidaat zijn: een goed gepositioneerde, briljante, charismatische, goed gefinancierde voormalige official uit de Clinton-regering, van wie zeventig procent van de New Yorkers vindt dat ze haar werk goed doet en die op het punt staat verkozen te worden voor een tweede termijn. Zo iemand is ‘hot’, jubelt Estrich, en zou zeker niet te horen krijgen dat hij niet verkiesbaar is of te veel ambitie heeft, zoals prominente (mannelijke) Democraten bij herhaling hebben laten weten. Hillary Clinton is volgens Estrich de beste kandidaat die de Democraten in huis hebben – en niet alleen omdat ze vrouw is.

Na de primaries van volgende week in New York volgen in november de ook voor Hillary Clinton allesbepalende tussentijdse verkiezingen. Dan zal moeten blijken of ze genoeg steun heeft om zich volgend jaar binnen de Democratische Partij te kunnen profileren als presidentskandidaat. En zoals Sharon Stone al voorspelde: die discussie gaat over meer dan politieke inhoud alleen.