H.J.A. Hofland

Het moeras van oorlog

De toestand in Afghanistan: kunnen we er nog een touw aan vastknopen? Vorige week is in Den Haag besloten dat onze vecht/vredesmissie met twee pelotons wordt versterkt. Dat is een man of tachtig. In Kabul explodeert bij een zelfmoordaanslag een bus: 22 doden. Daarna maakt president Karzai bekend dat hij met de Taliban wil onderhandelen. Of hij dat eerst met collega Bush heeft besproken, weten we niet. De Taliban weigeren en laten een paar dagen later nog een bus ontploffen. Intussen maakt de Navo bekend dat in het zuiden een grote operatie in voorbereiding is, omdat de Taliban daar steeds actiever worden. Twee verslaggevers van De Telegraaf melden uit Tarin Kowt dat in dit ‘stenentijdperkgehucht’ dankzij de Nederlandse missie nu elektriciteit is en een ziekenhuis. Maar de vraag blijft: wat doen we eigenlijk in Uruzgan? Antwoord: vallen en opstaan. Tarin Kowt is een ‘inktvlek’ die zich langzaam moet uitbreiden. Verslaggevers van NRC Handelsblad en De Groene Amsterdammer ter plaatse melden dat we daar de afgelopen weken in de helft van het gebied de controle weer hebben verloren.

Binnenkort moet in Den Haag het besluit worden genomen: nog twee jaar blijven of in 2008 vertrekken. Geen gebrek aan discussie. We hebben dappere soldaten. Als ze scholen, bruggen en ziekenhuizen kunnen bouwen, zullen ze dat niet laten. In al-Muttanah, Irak, gingen ze destijds op ‘sociale patrouille’, zoals hun commandant het zei. Maar als ze moeten vechten, staan ze ook hun mannetje, zoals in Chora is bewezen. Dat zijn bij dit steeds nationaler wordende debat de uitgangspunten. Laten we daar niet aan tornen.

Verder wordt het de publieke opinie nu duidelijker dat de Nederlanders daar niet alleen zijn, maar als onderdeel van de Isaf, die weer tot de Navo hoort. De Navo heeft 35.000 man in Afghanistan onder wie 15.000 Amerikanen. Niet tot de Isaf horen nog eens 6000 Amerikanen. Het gevaarlijke werk wordt op het ogenblik gedaan door voornamelijk Amerikanen, Canadezen, Britten en Nederlanders. Het animo om dit te blijven doen, daalt zienderogen. In Nederland groeit de twijfel. In Canada vindt een meerderheid in de publieke opinie dat het nu de beurt is aan een ander Navo-lid om de levens van zijn soldaten te wagen. In Australië bedankt men voor de eer.

Stel dat Amerika, na de overwinning op de Taliban, bijna zes jaar geleden, alle energie en geld in de wederopbouw van Afghanistan had geïnvesteerd, wat dan? De oorlog in Irak heeft tot dusver 800 miljard dollar gekost. Voor 2008 meldde de begroting 190 miljard, maar Bush wil nog eens 42,3 miljard extra. Was dit bedrag niet voldoende geweest om voor alle Afghanen een villa te bouwen? Het heeft geen zin om je in het antwoord op de vraag te verdiepen, is dan het antwoord, want het is nu eenmaal anders gegaan.

Zeker. Maar daarmee is het probleem niet opgelost. De vraag is ook hoe het komt dat het anders is gegaan. De oorzaak ligt in de reeks geweldige strategische vergissingen die de neoconservatieve beleidsmakers en hun president hebben gemaakt. En daaraan is nog geen eind gekomen. In 2002 dacht Paul Wolfowitz, vooraanstaand denker van de neo’s, dat Irak zijn eigen wederopbouw uit zijn inkomsten uit de olie zou kunnen financieren. De afbraak duurt voort. Vorig jaar liet minister Rice zich ontvallen dat de oorlog in Libanon beschouwd moest worden als een van de ‘birthpangs of the new Middle East’. Aan de reeks enormiteiten uit Washington komt geen eind. En het is begonnen toen ze daar in 2001 dachten dat de Taliban definitief waren verslagen.

Afghanistan is nu een van de fronten in de grote oorlog die het Westen voert tegen een ongedefinieerde vijand. Islamisten, nationalisten, stamhoofden, plaatselijke profiteurs, sekten die met elkaar in oorlog zijn. Het is een oude strategische wijsheid dat een veldheer zijn kans op succes vergroot door het front zo kort mogelijk te houden. Dit opperbevel in Washington heeft in mateloze zelfoverschatting het front jaar na jaar verder verlengd, meer vijanden gemaakt en daarbij niet alleen het overzicht op het geheel verloren, maar ook verwarring in de eigen strijdende gelederen en aan het thuisfront veroorzaakt. Om daarvan een goed beeld te krijgen, moet je de discussies in de Amerikaanse media en de politieke strijd in het Congres volgen. Het wordt nog erger. Zoals in Irak en Palestina is bewezen, weten onze strategen geen doeltreffend antwoord op de terreur. In deze chaos overwegen strategen in Washington om met geweld Iran weer op het rechte spoor te brengen. In een sector van dit moeras zitten onze soldaten. Daarover moet de discussie gaan.