Het net van de belgische kindermoordenaar

De Britse pers heeft al vanouds meer ervaring met perverse gruweldaden zoals die nu aan de Belg Marc Dutroux worden toegedicht. Regelmatig wordt daar weer een massagraf van onschuldige kinderen gevonden, doordat een gootsteen verstopt was geraakt met afgehakte vingerkootjes. In Belgie en Nederland geldt zo'n affaire vooralsnog als een onverklaarbaar fenomeen waar eigenlijk geen woorden voor zijn.

Dat verklaart ook waarom de Belgische pers - de wat afstandelijker De Morgen daargelaten - momenteel eigenlijk louter overspannen berichtgeving afscheidt over de zaak van An en Eefje en de andere verdwenen c.q. vermoorde meisjes. Evenals de om bloedwraak gillende menigte die het BRT-journaal voortdurend laat zien, is de Belgische pers bezweken onder de gigantische morele last van de zaak-Dutroux. De gehele natie van koning Albert lijkt ondergedompeld in een roes van collectieve hysterie, voortkomend uit een al bijna even collectief schuldgevoel. Een golf van verstandsverbijstering raast door het land: zowel op het gebied van het strafrecht (‘Geef hem aan ons’, schreeuwen eigentijdse Waalse petroleuses naar de agenten die Dutroux bewaken), het vertrouwen in de autoriteiten, als wat betreft de seksuele moraal. Als Belgie niet uitkijkt, wordt de klok op al deze deelterreinen straks honderd jaar teruggedraaid. Hoe hemeltergend moeilijk deze zaak ook is, het hoofd dient koel gehouden te worden.
Vooralsnog is in Belgie zo'n beetje iedereen verdacht. De meer bedreven Angelsaksische pers echter kwam de afgelopen dagen al enkele malen met behartenswaardige vondsten over de netwerken waarin Dutroux zou participeren. Dat zo'n collectief bestaat, is zo goed als zeker; de werkeloze staalarbeider Dutroux had maar liefst zes huizen op zijn naam staan. Dat hij de patronage genoot van kapitaalkrachtige partners staat buiten kijf. De Britse kranten schetsen de contouren van een internationaal kinderpornoconglomeraat met vertakkingen in de hoogste kringen van de Britse samenleving. De gewezen Britse minister John Stamford zou vanuit Belgie een grootscheepse contactenservice voor pedofielen hebben gerund. Stamford werd daarvoor gearresteerd, maar overleed vorig jaar december op 56-jarige leeftijd, net voordat zijn zaak voor het gerecht zou komen. Of er een verband bestaat tussen deze zaak en die van Dutroux is nog de vraag, maar het zou zeker niet de eerste keer zijn dat politiek en het domein der verboden lusten een cocktail van chantage, wederrechtelijke machtsvergroting en andere intriges vormen. Ook alhier bestaan daar ervaringen mee. Sla Alias Texeira van J./A. van der Gouw (over de praktijken van het Haagse circuit ten tijde van het interbellum) er maar eens op na. Legio zijn ook de verhalen over weelderige bordelen met een directe computerverbinding met ’s lands inlichtingenwezen. De aanmerkelijk coulante strafvermindering die Dutroux al eerder ten deel viel op bijzondere voorspraak van minister van Justitie Wathelet, komt zo in een heel obscuur perspectief te staan… O nee! Nu begin ik ook al!!