Film: ‘Piranhas’

Het product Roberto Saviano

De film Piranhas is het zoveelste confectieproduct uit de fabriek van de Napolitaanse schrijver en camorra-expert Roberto Saviano. Al zijn boeken worden een film of tv-serie. Knap gemaakt, maar Saviano’s scherpe blik is weg.

Jonge Napolitaanse criminelen in Piranhas © Foto’s Cherry Pickers Filmdistributie

Afgelopen zondag is de bv Roberto Saviano veertig geworden. Ongelooflijk jong nog voor iemand die in slechts dertien jaar is uitgegroeid tot een fabriek, een merk. Nadat de Godfather-sage uit de jaren zeventig van Mario Puzo en Francis Ford Coppola het collectieve beeld van ‘de maffia’ dertig jaar lang bepaalde, heeft Saviano zich ontpopt tot de grote verteller van de Italiaanse maffia aan het begin van de 21ste eeuw. Van groots drama en luxueuze locaties op zwelgende muziek naar een kruimelig en lelijk achterstandsuniversum in de flatgebouwen van Scampia. Van aantrekkelijk werelds New York en oogstrelend Sicilië naar de afzichtelijke moderne periferieën van Napels. Van de classy pakken van Marlo Brando, Al Pacino en Robert De Niro naar onbekende vette mannen in glimmende trainingspakken. Roberto Saviano’s narratief van de maffia 2.0 was precies waar de wereld op zat te wachten.

Al zijn boeken worden een film of een tv-serie, hij houdt ook bij het scenarioschrijven de touwtjes strak in handen, net als bij de rechten op al zijn producten, en alles wat er uit zijn koker komt heeft succes. De film Piranhas is slechts een van de vele spin-offs van de intermediale fabriek Saviano, opnieuw naar een boek, La paranza dei bambini (2016), in de Nederlandse vertaling De kinderen in de sleepnetten (2018). En opnieuw schreef hij mee aan het scenario, waarbij je ‘mee’ ook zou kunnen schrappen. Hoe het merk Saviano naar beeld wordt vertaald, bepaalt híj.

Vanaf zijn debuut Gomorra in 2006 gaat het zo. Wat een dreun tussen de ogen was dat, Saviano’s New Journalism-achtige relaas van hoe het eraan toeging in ‘de anus van de wereld’, de haven van Napels, en de criminele rafelranden van een van de grootste en armste metropolen van Europa. Het toen nog onbekende studentje filosofie Roberto Saviano bobbelde twee jaar op zijn aftandse Vespa zo onopvallend mogelijk door het Napels dat niet in de gidsen staat. Hij was verbonden aan het universitaire Osservatorio sulla Camorra (het ‘Camorra-observatorium’) en deed undercover veldwerk, zeg maar. De ontdekking dat in hem een Napolitaanse Truman Capote school, kwam voort uit het feit dat hij gewoon ontzettend goed wist in te blenden in het criminele kruimelcircuit, geholpen door een louche Napolitaans camorra-uiterlijk en een vlekkeloos lokale tongval, wat in Napels de toegangssleutel tot alles is. Roberto Saviano wist overal zo levensgevaarlijk dicht bij te komen en kon zo goed zien en ontleden wat er allemaal voor verschrikkelijks gebeurde op de clandestiene vuilnisbelt van de wereldeconomie Napels, dat hij in 2005 al werd verhoord door het OM van Napels. Men was zwaar onder de indruk van zijn eerste journalistieke publicaties, en niet vanwege zijn pen, hoezeer die ook meteen opviel. Hoe wist hij dit allemaal?

Een jaar later werd Saviano in een paar maanden tijd wereldberoemd met Gomorra, én hij werd, helaas, ook meteen een levenslang doelwit van de wraak van de camorra, die niet, nooit vergeet en je altijd weet te vinden. In oktober 2006 werd hij onder de zwaarste bewaking gesteld die de Italiaanse staat te bieden heeft en dat staat hij nu, dertien jaar later, nog steeds. Het was juist het wereldwijde succes van Gomorra (tien miljoen exemplaren) dat hem tot het eeuwige target van de camorra heeft gemaakt.

‘Was mijn boek op vijfduizend blijven hangen, zoals de uitgever het op zijn best had ingeschat, dan was er niets aan de hand geweest’, heeft Roberto Saviano al vaak uitgelegd. ‘Wat voor de camorra onvergeeflijk is, is niet mijn verhaal – dat lezen ze niet eens – maar het bereik dat het heeft gehad. Dát heeft ze zwaar geschaad, want daardoor zijn de schijnwerpers gericht op het immense schaduwgebied van en rond Napels waar alles kon, waar de camorra heer en meester was, waar geen enkele controle op was. En dat zullen ze me nooit vergeven. Ik heb o’businesse geschaad.’

Die van de camorra dan. Want de business van de bv Roberto Saviano is duizelingwekkend. Het gaat maar door. De drietrapsraket Gomorra (in 2006 het boek, in 2008 de film die de juryprijs van Cannes won en een groot internationaal succes werd, in 2014 de tv-serie, verkocht aan 172 landen, vier seizoenen, het laatste dit voorjaar uitgezonden). Nu de film Piranhas dus, die dit jaar in februari de Zilveren Beer van Berlijn won voor het beste scenario, ook weer van Saviano. En begin september zijn de eerste twee afleveringen van ZeroZeroZero (naar Saviano’s boek uit 2013 over de internationale cocaïnehandel) gepresenteerd op het filmfestival van Venetië. ‘Een van de allerduurste tv-series ooit gemaakt’, zei de Italiaanse producent Riccardo Tozzi trots in Venetië, want dat is een feit om trots op te zijn. De serie zal vanaf begin 2020 op de Italiaanse betaalzender Sky te zien zijn, en zal dan net als Gomorra ongetwijfeld zijn internationale weg weer vinden.

© Foto’s Cherry Pickers Filmdistributie
De steeds jongere kinderen in de zware misdaad is een internationale tendens

Er is wel iets belangrijks veranderd in de toon, of beter gezegd de invalshoek van de Saviano-producten. Je zou kunnen zeggen dat de breuklijn exact loopt tussen de film Gomorra uit 2008 en de tv-serie Gomorra, die uitkwam in 2014. De film is een meesterwerk, dankzij een algoritme dat maar eens in de zoveel tijd voorkomt. De combinatie van de jonge Saviano (toen 28) en de jonge regisseur Matteo Garrone (toen 39), twee van de grootste talenten van Italië, leidde in 2008 tot een topfilm, een alom erkend meesterwerk. Wie het boek had gelezen, had nooit gedacht dat het kon, een film maken van Gomorra. Zo persoonlijk is de toon van Saviano, zo speciaal is de blik, zo geniaal vervlochten zijn omgeving, gebeurtenissen en inner thought, dat je je werkelijk afvroeg: hè, een film, moet dat nou?

Waarschijnlijk had de Nederlandse lezer van Gomorra dat probleem niet, want het boek was slecht en haastig vertaald door de eendagsvlieg-uitgeverij Rothschild & Bach, waardoor Saviano’s sublieme en vernieuwende schrijftechniek helemaal niet tot zijn recht kwam. Voor kunstminnend Nederland werd Gomorra pas geboren als film, want wie schetst de verbazing: Gomorra bleek een geweldige film geworden, die exact Saviano’s verteltoon wist te treffen, zonder de schrijver op zijn scootertje op te voeren. Dat is ook nog knap, dat je de verteller, de ik-figuur, kunt schrappen en tóch exact zijn toon, zijn blik weet te vinden. Een gouden combinatie, Matteo Garrone en Roberto Saviano, of misschien moet je eraan toevoegen ‘van toen’, want inmiddels zijn beiden wel heel andere paden ingeslagen.

Daar waar Garrone misschien ietsje te verliefd is geworden op zijn ‘filmauteurschap’ (wat veel Italiaanse regisseurs gebeurt), is bij Saviano juist het tegenovergestelde gebeurd. Hij lijkt zijn scherpe auteursblik en hoogstpersoonlijke toon achteloos prijs te geven voor een vette herhaling van zetten, want dat verkoopt. De voorspelbare wederwaardigheden van zijn flatgebouw-maffialeden in trainingspak uit de tv-serie Gomorra doen het nu al vier seizoenen geweldig goed bij wie houdt van veel geweld, fascistisch schijnheroïsme en schijnromantiek, en o ja, allemaal echt gebeurd hè. Zo gaat het daar echt, in Napels, dus het is ook gewoon informatief.

Saviano voelt wel iets van nattigheid en probeert dit soort kritiek altijd voor te zijn door op pedante toon te stellen dat ‘juist het tonen van waar een leven in de misdaad toe leidt, jongeren afschrikt’. Hm. De getallen van Napels wijzen de andere kant op, en het is natuurlijk ook kul. Dat hij dat zelf donders goed weet, toont nu de film Piranhas, of laten we liever zeggen het boek, met de veel interessantere titel La paranza dei bambini, naar een juridisch onderzoek in Napels over de steeds jongere kinderen die door de camorra voor zware misdaad worden ingezet. Een internationale tendens, zie ook de recente moord in Buitenveldert op de advocaat Derk Wiersum. Een oneindig reservoir van al dan niet minderjarige, ‘zwakbegaafde’ piepjonge hitters. Een IQ van onder de 80, een ‘verstoorde gewetensfunctie’ en een oneindige behoefte aan erkenning, geld en dure spulletjes.

Die behoefte, die hebben de jongens uit Piranhas ook, maar zwakbegaafd zijn ze beslist niet. Want dat is juist wat het juridische onderzoek naar de jeugdbendes in Napels had aangetoond: de sociale klasse waaruit ze nu vaak worden gerecruteerd is de hardwerkende middenklasse, en niet meer de kansloze, niet-schoolgaande jeugd uit de slums. Dat maakt het boek van Saviano waarop Piranhas is geïnspireerd soms ook eventjes interessant, al haalt het het niet bij Gomorra.

‘Het inkomen van Nicolas’ vader was dat van een gymnastiekleraar en zijn moeder had een kleine winkel, een stomerij. De door zijn voorvaderen afgelegde wegen zouden een ontoelaatbare tijd vergen om ooit de Maharadja (de poshy nachtclub van de camorra – ab) binnen te komen. Nee. Voor Nicolas moest het meteen. Op zijn vijftiende.’ Aldus Saviano’s introductie van de hoofdpersoon van het verhaal Nicolas, geënt op de baby boss Emanuele Sibillo, die in de zomer van 2015 werd geliquideerd. Sibillo was toen negentien, al getrouwd, al vader van een zoontje, en had de Golf van Napels, het lucratiefste deel van de stad, al helemaal onder controle. ‘Het zijn razendintelligente jochies die minachting hebben voor de eerlijke weg van hun ouders’, aldus Saviano toen zijn boek uitkwam. ‘Het moet allemaal nu, meteen, en dat kan ook zo makkelijk in Napels. Dat is het probleem.’

Raar is dat juist het middenklasse-element dat het verhaal van de kinderen in de sleepnetten uittilt boven het cliché ‘Napels = ellende’ in de verfilming Piranhas helemaal is verdwenen. Er is geen vader die gymleraar is, er is alleen een zielige moeder met een zieltogend stomerijtje, die haar zoon Nicolas op zijn vijftiende verafgoodt als de Robin Hood des huizes. Hij gaat in de film ook niet naar school, zoals in het boek, waar Nicolas met twee vingers in zijn neus makkelijk mee kan op het Liceo Artistico, maar liever even meteen wil doorstoten naar dure merkkleding en belangrijk doen. Al die context is verdwenen in Piranhas. Wat blijft is het zoveelste Saviano-product in altijd weer fotogeniek Napels. En hij heeft het zelf geschreven.


Piranhas is vanaf 26 september te zien