POPMUZIEK

Het raadsel Emma Hartley

Dylan LeBlanc

In een van de mooiste nummers op het debuut van Dylan LeBlanc richt hij zich tot een vrouw die Emma Hartley heet. Het is een nummer zoals er vele op dit Paupers Field staan: nummers met een snik, even warm als doorleefd, fraai gearrangeerd, waar af en toe een pedal steel jankt zoals die hoort te janken. Het zijn nummers gedrenkt in sigarettenrook, alcohol en godsvrees, waarin vrouwen de trein naar Montgomery nemen en daarmee zijn verdwenen, en waar mannen dan achterblijven terwijl ze zingen dat ‘all the liquor in the world couldn’t save me from the pain that you left at the door’. Dit is muziek die niet zonder enig zelfmedelijden kan. Met grote regelmaat doet Dylan LeBlanc denken aan Ryan Adams, of aan de artiesten aan wie Adams doet denken.
In het nummer voor Emma Hartley zingt LeBlanc dat hij gelukkig is, dat hij weer kan ademen, dat hij zijn demonen van zich heeft afgeschud en het licht weer ziet. En als hij zijn ogen sluit, ziet hij haar. Emma Hartley.
Google levert dertien actrices op, een Britse journaliste die het boek Did David Hasselhoff End the Cold War? schreef en een paar honderd meisjes op Facebook. Eén ervan zal haar wel zijn. Maar er komt ook een filmpje langs van LeBlanc, waar hij in een club van kroegformaat het nummer live speelt. Hij kondigt het aan met haar naam, en zegt lachend dat Emma Hartley een naam is die hij heeft verzonnen.
Raadsel opgelost. Maar de schrik zit ’m in de fysieke confrontatie met LeBlanc zelf: hier staat iemand die de zoon kon zijn van de man die op basis van zijn stem en muziek viel te verwachten. En inderdaad: LeBlanc blijkt geboren in 1990.
Het hoort er wellicht niet toe te doen, maar het is onmogelijk om vervolgens niet naar zijn debuut te luisteren zonder er vragen bij te stellen. Hangt hier iemand de getormenteerde ziel uit? Heeft hier iemand een puberteit lang Neil Young en Townes van Zandt gedraaid en vervolgens zelf een gitaar omgehangen zonder eerst uit te vinden wie hij zelf is? In het cd-boekje, waar hij twee pagina’s nodig heeft om zijn vader en moeder te bedanken, staat LeBlanc op de foto met de fles en de sigaret in beeld.
Maar nee, de scepsis slaat onmiddellijk stuk op nummers als If The Creek Don’t Rise, door LeBlanc zelf geschreven en geproduceerd, en waar hij vocale bijval krijgt van Emmylou Harris. Het zijn nummers die alleen een uitzonderlijk talent zo zorgvuldig en treffend kan schrijven, arrangeren, spelen en zingen.

Dylan LeBlanc, Paupers Field, label: Rough Trade