Het raadsel van korfoe

Leest de Duitse ambassadeur bij het Hof van St. James te Londen geen Engelse kranten meer? Volgt geen Franse diplomaat hetgeen gebeurt in de paleizen van Westminster? Kijkt geen Duitse ambtenaar of Franse diplomaat meer naar de BBC? Zijn de Belgen nog dommer dan ze waren in de moppen uit de jaren zeventig?

Als deze veronderstellingen over onmetelijke stupiditeit van Belgen, Fransen en Duitsers niet al te zot waren, zou het antwoord op al deze vragen ‘ja’ moeten zijn.
Want, en dat is het raadsel van Korfoe; Jean-Luc Dehaene heeft - wat te Mulhouse ook moge zijn bekonkeld tussen Kohl en Mitterrand - nimmer enige kans gehad Delors op te volgen.
Onmiddellijk nadat het een-tweetje van de as Parijs-Bonn was uitgelekt, stond vast dat het Verenigd Koninkrijk van John Major de aanstelling van Dehaene zou blokkeren. Om na het hebben doorstaan van de kwellingen van de vuurrode en dus abjecte Jacques Delors, nu genoegen te moeten nemen met een 'aartsfederalist’ - de conservatieve achterban van John Major moest er niet aan denken.
En bij elke kwartierslag van de Big Ben schalmde het 'Never!’ over de Thames. 'Never’, beloofde Major. Het nog weer eens maken van een U-turn door Major zou gelijkstaan aan politieke zelfdoding.
Dat voorts Londen buiten de deur was gehouden, was natuurlijk een tweede ondraaglijke factor voor het eens zo trotse Albion.
Al snel na Mulhouse ontdekte de Britse diplomatie dat de Duitse bondskanselier deze harde politieke signalen niet scheen te horen. Van Mitterrand was men niet zeker, de Belgen leken in dromenland te leven, want Dehaene liet niet luid en duidelijk weten dat hij geen kandidaat was.
Zondagmorgen, in Breakfast with Frost voor de BBC-televisie, zei Douglas Hurd, die oerfatsoenlijke Britse minister van Buitenlandse Zaken, dan ook niets meer van de gang van zaken te begrijpen. Toen Londen zich ervan bewust werd, zei Hurd dat Herr Kohl en Monsieur Mitterrand bleven vasthouden aan de kandidatuur van Dehaene, en heeft Londen 'herhaalde malen’ Bonn, Parijs en Brussel laten weten de Belgische premier geen geschikte kandidaat te vinden. 'We lieten er geen twijfel over bestaan’, zei Hurd.
Dat Mitterrand met Kohl meeging, was begrijpelijk. Dehaene is, zoals elke Belg in een topfunctie, volstrekt tweetalig. Zijn Frans is even smetteloos als zijn Nederlands, Lubbers kan er met zijn school-Frans niet tegenop. Voor een Fransman is dat - de schone eigen taal direct te kunnen gebruiken in contacten met de voorzitter van de Unie - een cultureel- politieke zaak die prevaleert boven vrijwel elke andere afweging.
Maar nogmaals: wat motiveerde Kohl? Hij moet - laten we hem dat krediet toch maar geven - hebben geweten dat Dehaene kansloos was. Wrok ten opzichte van Lubbers? Een derde (bevriende?) figuur die Kohl de komende weken als een deus ex machina uit zijn hoed zal toveren?
Kohl zal voor de vijftiende juni zijn truc Buhne-fertig moeten hebben. Mogelijk zullen we dan de oplossing beleven van het raadsel van Korfoe.