Drie moslimintellectuelen over de hervorming van ‘hun’ islam

Het radicale midden

In gepolariseerde tijden zijn nuances bijna een radicale keuze. Mona Eltahawy, Reza Aslan en Mona Siddiqui vertegenwoordigen ‘de stille meerderheid’ die zich niet herkent in extremistische etiketten en oude machtspatronen.

HET IS NAJAAR 2010. Door heel Europa rukt het anti-islamitisch populisme op naar de centra van de macht. De beweging waait over naar de Verenigde Staten en de globale terreurdreiging neemt weer toe nu al-Qaeda in Jemen een nieuwe operationele basis gevonden lijkt te hebben.
Dat is één kant van het verhaal. Maar er is meer te zeggen over de voorbije herfst en het internationale islamdebat. President Obama gaf in Indonesië een memorabele speech en kreeg een warm welkom in het grootste moslimland ter wereld. President Ahmadinejad van Iran zocht, niet zonder succes, naar een gelegenheidspact met de paus.
Minstens even belangrijk als deze macro-ontwikkelingen is de opkomst van een nieuwe lichting moslimintellectuelen die nadrukkelijk van zich laat horen. Schrijvers, filmers, kunstenaars en academici die al hun hele leven gewend zijn te jongleren met hun religie en hun spiritualiteit, met hun geboorteland en het land waar hun kinderen opgroeien. Voor wie het gesprek al lang niet meer gaat over islam versus het Westen, maar over de islam in het Westen, gewoon als twee complementaire grootheden.
De Groene Amsterdammer voerde een gesprek met drie van hen: Mona Eltahawy, Reza Aslan en Mona Siddiqui (zie kader). Met hun wieg in Caïro, Teheran en Karachi, maar met hun geesten gevormd in New York, Los Angeles en Glasgow bevinden zij zich in de voorhoede van een nieuwe generatie westerse moslimintellectuelen.
U reist alle drie de wereld rond voor lezingen, interviews en colleges. Wat zijn uw indrukken van de positie van moslims in Nederland?
Mona Eltahawy: ‘Ik kwam in 1985 voor een toeristisch bezoek met mijn familie naar Amsterdam. Ik droeg toen als goed Egyptisch meisje net als mijn moeder een hoofddoek en ik herinner me dat wíj de toeristische attractie waren, dat er constant naar ons gestaard werd. Dat was heel vervelend. Nu, 25 jaar later, reken ik een flesje water af in de supermarkt op het station en zijn het de meisjes achter de kassa die een hoofddoek dragen. Nederland is veranderd en ikzelf ben veranderd. De ironie is dat Egyptische feministes er toen net zo uitzagen als ik nu en mij ongetwijfeld scherp hadden veroordeeld hadden voor het dragen van een hoofddoek. Terwijl ik zelf de hejab al lang niet meer draag, zie ik er bij veel jonge meiden nu juist een uitdrukking van feminisme in. Het is een vrije keuze om de hoofddoek op of af te doen. Dat is echt veranderd en hoewel ik er erg dubbele gevoelens bij heb, begrijp ik dat het moslima’s hier in Nederland een tegen-identiteit geeft, in een land waar zoveel inwoners het op hun hebben gemunt.’
Mona Siddiqui: 'Je ziet dat steeds meer moslims, ook in Nederland, zich afvragen of Europa werkelijk hun thuis is. De generatie die hier is opgegroeid is hier niet als toevallige passant met economische motieven, maar kiest er werkelijk voor om hier te zijn. Bij de een leidt dat tot een radicale heroriëntatie op de islam, bij de ander juist tot het waarderen van de waarden die Europa kenmerken. Als ik jonge moslims in jullie land spreek, is dat wat ik tegen hen zeg: besef dat je hier de vrijheid hebt om helemaal jezelf te zijn! Dat kan lang niet overal.’
Moslims in het Westen zijn enerzijds veel zelfbewuster dan hun ouders, maar staan anderzijds onder grote druk van hen die menen dat de aanpassing van de islam aan 'westerse waarden’ veel te langzaam gaat.
Eltahawy: 'Tsja, het ziet er momenteel nergens echt goed uit. In Egypte, bijvoorbeeld, heeft een ontwikkeling in de richting van conservatisme al eerder plaatsgevonden. In 1985 was mijn familie deel van een minderheid die een hoofddoek droeg, net als in het Iran van de jaren zeventig. Nu draagt zeker tachtig procent van de vrouwen, vaak uit overtuiging, een hoofddoek. Of, om een nog sterker voorbeeld te geven: al in 1923 ontdeden Egyptische feministes zich van hun gezichtsbedekking en nu, bijna honderd jaar later, praten we in Europa over het recht van vrouwen om hun gezicht te bedekken. Volgens mij is dit trouwens onderdeel van een veel bredere trend. Wie van de voorlopers uit de jaren zestig, hier in Nederland, zou de komst van iemand als Geert Wilders hebben voorzien? Geschiedenis is nu eenmaal geen rechte lijn vooruit, maar een slingerbeweging.’
Reza Aslan: 'Inderdaad is er over de hele linie een conservatieve reflex waarneembaar. Maar werkelijk interessant aan onze tijd is dat de geschiedenis niet één kant op beweegt, maar verschillende kanten tegelijk. De generatie die nu opgroeit, is de eerste voor wie er geen enkele geografische grens meer bestaat. Je gemeenschap is niet langer de mensen om je heen of de mensen in jouw land, maar de hele wereld. Eerst is dat vooral eng: die angst verklaart zowel het nationalistische verzet tegen de eenwording van Europa als het conservatisme onder veel moslims. De andersglobalisten en de jonge jihadstrijders zijn daarvan de meest extreme pendanten. Maar het is nog maar helemaal de vraag hoe de generaties daarónder met de nieuwe tijd zullen omgaan. Europa en globalisering zijn voor hen een gegeven en de magie van het internet staat tot hun volle beschikking. We weten simpelweg nog niet wat dat gaat betekenen.’
Siddiqui: 'Er is geen eenvoudig verhaal meer over onze identiteit te vertellen. De groep van wie het meest verwacht wordt - jonge moslims in het Westen - betaalt de rekening voor de onduidelijkheid die hiervan het gevolg is. Ze zitten vast in een vals dilemma. De fundamentalisten en de anti-islampopulisten doen hen geloven dat een echte moslim orthodox is, terwijl de hoofdstroom in een land als Nederland echte integratie lijkt te zien als het afzweren van je godsdienst. Wat zo uit zicht raakt is de mogelijkheid die wereldwijd door vrijwel alle moslims wordt verkozen: de middenpositie, waarin je volop deelneemt aan een samenleving en tegelijk op jouw manier je geloof beleeft.’

IEDER VAN U streeft naar verandering van binnenuit door uw godsdienst op punten te bekritiseren. Vindt verandering binnen de islam plaats dankzij of ondanks de koran, de hadith en de islamitische traditie?
Eltahawy: 'Ik zal eerlijk zijn: ik ben ooit begonnen als moslimfeministe, maar ik ben dat steeds sterker gaan scheiden. Nu ben ik moslim en feministe. Dat is niet omdat ik denk dat koranteksten en tradities per definitie niet overeenstemmen met feminisme, maar ik wil gewoon niet in zulke argumenten verzeild raken. Als ik met een orthodoxe moslimman over zulke zaken debatteer, sta ik als vrouw zonder formele koranopleiding meteen al achter.’
Aslan: 'Maar dat is nu juist de grote trend, die je wereldwijd ziet, dat de argumenten van theologisch ongeschoolde dokters, ingenieurs en wiskundestudenten er ineens toe doen. Iemand in een kelder in Jakarta kan, via internet, iemand in Los Angeles ontmoeten met wie hij meer gemeen heeft dan met de mensen uit zijn lokale moskee. Ik noem dat soort plaatsen micromoskeeën, waarin kleine virtuele oemma’s samenkomen. Niet omdat ze naar dezelfde imam luisteren, maar omdat ze zelf interpretaties loslaten op al die oude teksten en verhalen. De populairste blogs komen van televisie-imams die via videoblogs miljoenen jonge moslims toespreken. Die hebben vaak niet aan een belangrijke koranschool in Egypte gestudeerd, maar zijn gewone gelovigen op zoek naar antwoorden op gewone levensvragen.’
Eltahawy: 'Goed, dat mag zo zijn. Maar discussies met de koran in de hand blijven gevaarlijk. Als mijn overtuigingen kloppen, dan moeten mijn uitgangspunten, die liberaal-progressief zijn, ook langs andere wegen te beargumenteren zijn. Ik heb daar mijn geloof niet voor nodig. Liever niet, zelfs. Dat maakt de discussies zuiver: het wordt nooit een welles-nietesspelletje op basis van teksten die überhaupt maar bij een klein deel bekend zijn. En dat terwijl maar vijftien procent van onze hele koran over dogma’s en regels gaat en de rest over rechtvaardigheid en compassie.’
Siddiqui: 'Ik geef mijn kinderen niet per se mee dat ze een bepaalde koraninterpretatie moeten volgen. Verreweg de meeste moslims zullen sowieso nooit van de vier rechtsscholen in het soennisme gehoord hebben. Mijn kinderen moeten zich, als ze volwassen zijn, afvragen: waar in de wereld wil ik wonen en hoe wil ik daar vervolgens “het goede leven” inrichten? Daarbij is maar één principe voor mij heilig: dat ze weten dat er een god is, waar ze tegen kunnen praten als ze eenzaam zijn of verdrietig. Als ze dan christen worden of met een ongelovige vrouw trouwen is dat zeker even slikken voor mij, maar hun vrijheid is dezelfde als de mijne. Dat moet ik simpelweg accepteren.’
Zit er beweging in de theologie en de religieuze praktijk van moslims of is er eerder sprake van stilstand of achteruitgang?
Aslan: 'We zien nu nog maar de eerste tekenen van een grote periode van hervorming waar de islam onherroepelijk doorheen zal gaan. Zoals Maarten Luther de autoriteit van de kerk aanklaagde, heeft Osama bin Laden de autoriteit van de moefti’s uitgedaagd door zelf een jihad uit te roepen en zich - zonder scholing of goedkeuring van geestelijken - direct tot het volk te richten. De Reformatie in Europa had de boekdrukkunst, wij hebben internet, dat miljoenen in staat stelt zelf verhalen door te geven en te discussiëren over de inhoud van hun geloof.’
Eltahawy: 'Laatst plaatste ik een stuk over rechten voor homo’s en lesbo’s op mijn Facebook-pagina, waarin een geleerde korandocente aan de hand van de koran homoseksualiteit verdedigde. Dat bericht ging als een lopend vuurtje. In 2005 begonnen in New York vrouwen het gebed te leiden - dat was de mooiste dag van mijn leven. Hoewel er veel tegenstand is, zal die ontwikkeling zich doorzetten. Langzaam komt zo de punkmentaliteit van de islam weer naar boven bij mensen. Dat is ook wat mij zo aanspreekt aan Mohammed: hij maakte veel zaken beter voor de mensen uit zijn tijd en daagde vanzelfsprekende machtspatronen uit. We claimen met elkaar als progressieve moslims de islam terug en proberen zo de slinger die naar rechts gezwaaid is, weer terug te brengen.’
Aslan: 'Als er één godsdienst is zonder duidelijke hiërarchie en structuur dan is het de islam wel. Het enige wat bindt, is de geloofsbelijdenis dat er maar één god is - al het andere ligt in feite helemaal open. Dat is tegelijk spannend en verwarrend, maar dat geeft alle moslims die de autoriteiten die er wél zijn - de lokale imam, het moskeebestuur of machtige moellahs - een krachtig argument in handen. De islam is van niemand en dus van iedereen. Dat was altijd al zo, maar wordt nu pas echt duidelijk, omdat de communicatiemiddelen en het onderwijs tegenwoordig voor veel meer mensen beschikbaar zijn.’

ALS ER ZOVEEL potentieel voor transformatie en hervorming in de islam zit, kunnen we dan in de toekomst ook sociale veranderingen zien in de islamitische wereld zelf, waar vrijheid en mensenrechten vaak nog ver te zoeken zijn?
Aslan: 'Maar natuurlijk komt er verandering in de islamitische wereld. Alle enigszins betrouwbare peilingen wijzen uit dat mensen overal verlangen naar democratie en inspraak in de besluitvorming. En wat je zag in Iran tijdens de laatste verkiezingen is maar een voorbode voor wat gaat komen, dat zal overal navolging krijgen. Vijftig procent van de bevolking in de islamitische wereld is onder de 25, veel beter opgeleid dan hun ouders en stukken beter verbonden met de wereld.’
Siddiqui: 'Verandering moet bij mensen zelf vandaan komen, op hun tempo en op hun manier. In Dubai staan moslims voor heel andere keuzes dan in Jemen. Daar kun je niets algemeens over zeggen. En ook achter de boerka’s in Saoedi-Arabië gaan vaak vrouwen schuil die enorm veel invloed hebben, óók op hun echtgenoten. Ze leiden vaak luxe levens, die ze voor geen goud op het spel willen zetten. Wereldwijd wordt stabiliteit belangrijker gevonden dan verandering en dat is in moslimlanden niet anders.’
Aslan: 'De vraag is of mensen wel alleen voor verandering kunnen zorgen. Neem Egypte. Je kunt wel zeggen dat de bevolking van dit land zelf haar vrijheid moet verwerven, maar ze hebben daar minstens even veel met Amerika te maken. Wij hebben daar miljarden geïnvesteerd en zo het regime van Mubarak gelegitimeerd. Juist voor moslims in het Westen is dus een rol weggelegd om hun leiders te helpen. Obama heeft een fantastische speech gegeven in Caïro, maar daarna al twee jaar het beleid van Bush voortgezet. Terwijl het enige dat Bush wel goed deed, is dat hij de democratische aspiraties van moslims serieus nam. Obama krijgt het woord democratie nauwelijks over de lippen, terwijl jonge moslims juist daarnaar snakken. Met ons geld kunnen we grote invloed kopen.’
Waar de protestantse Reformatie in Europa uitmondde in een beeldenstorm mondt de islamitische reformatie vooralsnog vooral uit in beeldcorrectie. Alle drie deze denkers betonen zich hyperbewust van de veelheid aan misconcepties die over de islam bestaan. Hoewel ze sommige clichés over moslims verontwaardigd wegwuiven, is geen van hen bang om de misstanden die er wél zijn aan te kaarten en als het nodig is duidelijk positie te kiezen tegen de conservatieve klerikale klassen die vaak het hoogste woord voeren.
Alledrie willen ze 'de stille meerderheid’ vertegenwoordigen die zich niet herkent in de extremistische etiketten die op hun godsdienst geplakt worden. In gepolariseerde tijden als deze is juist de liefde voor nuances, grijstinten en tegenbeelden bijna een radicale keuze. Reza Aslan twijfelt geen seconde of het de juiste is: 'Ik spreek elke dag met moslims in de middelbare-schoolleeftijd. Het voornaamste wat ik hen zeg is: “Wees niet bang voor het midden!” We staan aan de kant van de geschiedenis die zal winnen, zoals het midden uiteindelijk altijd wint. We zullen later op de extremen van nu terugkijken met schaamte en afkeer, zoals we ooit met de nazi’s deden.’


De islamitische voorhoede

Reza Aslan is een Iraans-Amerikaanse schrijver die zich bedient van tal van media om de beeldvorming over moslims in het Westen te veranderen. Met zijn filmorganisatie BoomGen Studios adviseert hij Hollywood over de manier waarop ze moslims in beeld brengen in films als Rendition en Prince of Persia. Sinds hij met goed gevolg de Iowa Writer’s Workshop afsloot is hij niet langer in de eerste plaats godsdienstwetenschapper (bekend geworden met zijn bestseller Geen god dan God) maar vertelt en verzamelt hij verhalen. Hij werkt aan een roman en een anthologie met honderd korte verhalen van twintigste-eeuwse moslimschrijvers. Intussen bereist hij de hele wereld. www.rezaaslan.com

Mona Eltahawy is van geboorte Egyptische, maar kwam tien jaar geleden naar de Verenigde Staten. Ze is een gerenommeerd journaliste in zowel de Arabische als de westerse wereld en een veelgevraagd spreekster over thema’s rondom islam en feminisme. Als 'trotse liberale moslim’ won ze diverse prijzen en verloor ze haar column in een Arabisch dagblad, omdat ze te kritisch zou zijn. Ze is nauw betrokken bij Musawah, een globale beweging voor gelijkheid en rechtvaardigheid in moslimgezinnen, en sprak dit najaar de 29ste Globaliseringslezing uit in Amsterdam. www.monaeltahawy.com

Mona Siddiqui werd geboren in Karachi (Pakistan), maar verhuisde al op vijfjarige leeftijd naar Londen. In 1998 richtte ze het Center for Islamic Sudies op aan de Universiteit van Glasgow. Als visiting professor doceerde ze aan de Universiteit van Groningen en als bijzonder hoogleraar verzorgt ze colleges aan de gezamenlijke faculteit katholieke theologie van de universiteiten van Utrecht en Tilburg. Ze werkt aan een serie monografieën over de islam en houdt zich veel bezig met de dialoog tussen islam en christendom. http://bit.ly/9OtAj0