Economie

Het recht op schuld

De huizenkoper mag vooral niet bang worden gemaakt. Er zijn veel kijkers maar weinig kopers waardoor de prijzen op de wankele huizenmarkt onder druk staan. Zelfs het spreken over het beperken van hypotheekschuld kan de huizenkoper schrik aanjagen en kan leiden tot een forse daling van de prijzen, zoals aan het einde van de jaren zeventig. Zo redeneren onder meer bouwbedrijven en makelaars.

Medium groene ruim wonen

Internationale organisaties als het IMF trekken zich weinig van ons nationale taboe aan. Zij vermijden niet het-woord-dat-niet-genoemd-mag-worden en spreken niet besmuikt over het H-woord. Zij wijzen erop dat de hypotheekschuld bijna nergens ter wereld zo hoog is; alleen IJsland heeft meer schuld per hoofd van de bevolking dan Nederland.

De nationale toezichthouders zijn voorzichtiger maar waarschuwen eveneens. Dat is tenminste één les die ze van de kredietcrisis geleerd lijken te hebben. De liberaal Hans Hoogervorst heeft zijn periode als voorzitter van de Autoriteit Financiële Markten benut om de regels voor hypotheekverstrekking aan te scherpen. Binnenkort mag de hypotheek niet meer dan 110 procent van de huiswaarde zijn. En onlangsheeft De Nederlandsche Bank bij monde van Lex Hoogduin gewaarschuwd dat de rente omhoog zou kunnen gaan.

Een hogere rente zal de wankele huizenmarkt een tik geven. De maandlasten zullen stijgen. Een hypotheek met een vaste rente biedt uitstel maar geen afstel. DNB heeft uitgezocht dat de komende vijf jaar maar liefst de helft van de hypotheken een andere rente krijgt. Niet iedereen zal de hogere maandlasten kunnen opbrengen. Bovendien wordt lenen duurder zodat de vraag naar huizen zal dalen. Hierdoor zullen meer gezinnen een netto schuld krijgen: de waarde van het huis wordt (nog) lager dan de lening van de bank. Zij zullen niet kunnen verhuizen zonder een schuld op zich te nemen. De situatie van relatief hoge maandlasten en/of een netto schuld komt vooral voor bij starters op de koopmarkt. Het zijn diezelfde starters die nog niet (lang) een vaste baan hebben en als eerste bij een oplopende werkloosheid eruit vliegen. Een negatieve keten van gebeurtenissen is dan denkbaar: lage huizenprijzen, netto schulden, lage consumptie, hoge werkloosheid, te hoge maandlasten, enzovoort. Zo'n zwart scenario is denkbaar want het is gebeurd.

In Spanje en de Verenigde Staten zijn een hoog oplopende werkloosheid en diep vallende huizenprijzen samengegaan. Het zal nog een tijd duren voor de economische en maatschappelijke schade daar hersteld is. U kunt hier tegenover stellen dat de situatie in Nederland anders is dan daar. Maar met ‘this time is different’ is de kredietcrisis begonnen. Het lijkt me dan ook meer dan terecht dat de toezichthouders waarschuwen voor de kwetsbaarheid van de Nederlandse samenleving voor de nog steeds oplopende hypotheekschulden.

Als de huizenkopers en in het bijzonder de starters onder hen door deze column bang en daarmee voorzichtig worden, zou dat mooi zijn. Het is zot dat starters op de huizenmarkt zich zo in de schulden steken en zulke maandlasten op zich nemen dat ze bij een tegenslag als een scheiding of ontslag in de problemen komen en dat ze zich door het juk van de hypotheek de vrijheid ontzeggen, bijvoorbeeld om een leukere maar slechter betaalde baan te kiezen of om meer tijd voor zorg vrij te maken. Zouden ze in een goedkoper huis met iets minder vierkante meters en een tweedehands bank echt zo ongelukkig zijn? Ik begrijp het niet - en wijs steevast huizenkopers op de nadelen van hoge schulden - maar het antwoord is blijkbaar ja. Het is alsof in Nederland het recht bestaat om je diep in de schulden te steken. Daartoe worden zelfs subsidies verstrekt, door de rijksoverheid via de renteaftrek en door gemeentes via de startersleningen. Bij die subsidies horen regels voor banken om ervoor te zorgen dat starters tot aan de rand en niet tot over de rand lenen.

Robert Reich heeft geschreven over de verschillende inborsten die wij hebben. Er is de inborst van de klant die én goedkoop én maximaal wil lenen. Er is de inborst van de burger die bezorgd kan zijn over de kwetsbaarheid van de Nederlandse samenleving en van sommige groepen daarbinnen. In Nederland draait het om de klant. Nog steeds. De nieuwe regels voor hypotheekverstrekking zullen niet veel effect sorteren, zo erkent De Nederlandsche Bank. De klant staat centraal. Dat is een slogan van een bank maar niet voor een samenleving. Een herhaling van de kredietcrisis is niet alleen te voorkomen door te wijzen naar bankiers en hun bonussen; het vraagt ook dat de klant inschikt voor de burger. Een beetje bang en voorzichtig zijn kan daarbij misschien helpen.