Het spel en de regels

Je morele handelen kan oorlog veroorzaken.

Dat blijft me intrigeren.

Je staat voor bepaalde normen en waarden en je meent dat je die moet verdedigen – en dus ga je ten oorlog als ze aangevallen worden.

Natuurlijk heeft Obama gelijk wanneer hij stelt dat Assad te ver is gegaan met het gebruik van chemische wapens, hoewel je je kunt afvragen waarom hij nu net daar – bij die chemische wapens – die befaamde rode streep heeft getrokken.

Je krijgt nu het volgende kinderspel.

Een rode streep mag je niet overschrijden.

Overschrijd je de rode streep ben je af.

Wij zijn tegen chemische wapens = rode streep.

Zij gebruiken chemische wapens = af.

Als je kinderen ziet spelen, dan zie je dat ze het eerst eens moeten zijn over die rode streep. (Bal in doel is punt, iemand schoppen is vrije trap.)

Maar je ziet al snel dat ook kinderen over de nuances strijden. En niet alleen de kinderen.

In het voetbal gaat het tegenwoordig over speciale camera’s die het doel in de gaten moeten houden om te zien of de bal erin is of niet. Ook zijn er extra scheidsrechters toegevoegd. Verder kan, bij het uitdelen van een straf, gebruik worden gemaakt van de televisiebeelden. Iedere speler heeft een camera op zich gericht, en men kan dus via vele kanten een spelsituatie bekijken om te zien of ‘de rode lijn’ is overschreden.

Die camera’s in het doel en die televisiebeelden zijn vergelijkbaar met onze satellieten.

Maar wat nu als die beelden niet worden gedeeld?

Wat nu als je niet weet wie de scheidsrechter is?

Wat nu als de scheidsrechter – bijvoorbeeld de Verenigde Naties – niet weet welke beslissing hij moet nemen omdat hij de overtreding niet kon waarnemen?

Waar sta je dan uiteindelijk met je spelregels en je morele opvattingen?

Ik heb in de loop van mijn eigen leven gemerkt dat morele opvattingen mooi zijn en aanbevelenswaardig, maar dat je problemen krijgt zodra je de consequenties van die opvattingen aan een groep gaat voorleggen op het moment dat dat moet.

Ik was vroeger pacifist – kon het moreel hoogstaander?

Nee, maar de consequenties waren voor mij en mijn familie schadelijk. Ik ben nog uit de tijd van de dienstplicht, ik kon niet wegblijven. Mijn vader wilde dat ik in het leger ging. Mijn moeder ook. De consequentie van mijn pacifisme zou niet alleen gevangenisstraf zijn, maar ik zou ook uitgesloten kunnen worden van sommige beroepen. Mijn ouders maakten zich grote zorgen. Uiteindelijk ging ik gewoon naar de keuring. (En werd afgekeurd op mijn slechte ogen!)

Ik zag later ook in dat het pacifisme onrechtvaardigheden aan zich heeft kleven en iets lafs heeft.

Welke moraliteit moest ik dan trots in mijn kerstboom hangen?

Voor een afgewogen moraal, zo heb ik gemerkt, heb je het juiste karakter nodig. En dat heb ik niet. Ik ben te fanatiek, te drammerig, te extreem. Ik wil meteen ten strijde trekken, bommen gooien en de doodstraf invoeren; natuurlijk ben ik wel zo verstandig om dat niet luid in het openbaar te verkondigen, maar ik vind dat heimelijk wel. Juist omdat ik het goede met de mensen voor heb. Dus zou ik snel contact zoeken met lieden die dat heimelijk onderschrijven.

Een deugdelijke moraal kun je alleen hebben als je zelf deugt; ik heb helaas nog nooit iemand ontmoet die deugt. Ik zou niemand een goede moraal toevertrouwen, zo dat zou kunnen, en de mensen die ik het wel zou toevertrouwen zijn vaak slappelingen.

De juiste moraal, vermoed ik, zit in een graal die beheerd wordt door een stel opportunisten. Ze beheren hem alleen maar, en ze vinden er verder niets van.

Het zijn de jongens op het voetbalveld die ter plekke de spelregels kunnen veranderen anders slaan ze je in elkaar.