Het stoorde niet

Wat doe jij nou is elke vrijdagavond op tv. Lust is vanaf oktober weer te zien, informatie: 020-6237234.
‘Het stoorde niet dat de twee hoofdrollen door zwarte acteurs werden gespeeld.’ Zo'n zin in een recensie vraagt om een ingezonden brief, met daarin woorden als ‘verouderde normen’, ‘dominantie van de witte cultuur’ en misschien ook ‘discriminatie’. Omgekeerd valt deze zin minder op. Hij stond zo in twee recensies over Lust, het nieuwe toneelstuk van Norman de Palm, dat eind mei uitkwam in Theater Cosmic. Een toneelstuk over een verstoorde familierelatie, waarin twee zussen centraal staan.

Het stuk is geschreven voor twee zwarte actrices, maar wegens omstandigheden werden de twee zwarte actrices vervangen door twee witte. En dat stoorde niet, stond er letterlijk in twee recensies over Lust. Misschien bedoeld om de eventuele bezorgdheid van de makers te sussen over de vraag of het stuk op deze manier wel tot z'n recht kwam. Het ging best hoor, met die witte actrices, we hebben het verschil helemaal niet gemerkt. Blijkbaar zijn de thema’s die De Palm in het toneelstuk aansnijdt, zo universeel dat de kwestie zwart of wit in de voorstelling (die ik niet heb gezien) niet expliciet aan de orde kwam. Maar ‘het stoorde niet’ blijft een onaangename formulering, die voorbij gaat aan het betekenisverschil dat de toevoeging van de witte actrices opleverde. 'Het stoorde niet’ suggereert dat je een kleurverschil kunt gladstrijken, wegpoetsen, verdoezelen.
'Waar denk je dat hij vandaan komt?’ vroeg presentator Kefah Allush in de aflevering van de televisiequiz Wat doe jij nou? die de NPS afgelopen vrijdag uitzond. Hij stelde de vraag aan Judith en Ranjen, de twee jongeren die het beroep moesten raden van Juan Codrington, een grote, donkere man in een keurig driedelig pak. Uit Suriname, dacht blonde Judith. Maar Ranjen wilde geen antwoord geven. Die vraag stellen mensen mij ook altijd, zei hij, en dat zat ’m tot hier. 'Mensen moeten maar eens accepteren dat iemand met een ander kleurtje gewoon uit Nederland kan komen.’ Uit het filmpje dat volgde bleek dat Juan Codrington een kind is van een Creoolse moeder en een Hindoestaanse vader, en dat is in Suriname ongebruikelijk.
'Spreken anderen jou daar nou op aan?’ vroeg presentator Allush. 'Het interesseert me niet hoe anderen daarover denken’, zei Codrington beslist. Vol trots sprak hij over zijn ouders, twee unieke mensen die veel van elkaar hielden en hem zo'n rijke achtergrond hadden meegegeven. Ranjen was er stil van. 'Ik sta ervan te kijken. Knap dat hij zich niet stoort aan wat anderen over hem zeggen. Dat kan ik niet. Ik word kwaad als mensen me aanspreken op m'n uiterlijk, wil ze de waarheid zeggen. Of ik ga naar het Meldpunt Discriminatie, al heeft dat weinig effect.’
'Terug naar waar we hier mee bezig zijn’, zei presentator Allush toen de jongen was uitgesproken. Wat doe jij nou is immers geen praatprogramma over problemen, het is een quiz waarin een beroep moet worden geraden. Maar het mooie van deze quiz is dat de betekenis van een verschil in huidskleur op achteloze wijze expliciet wordt gemaakt. Niet als verstoring van een beeld, maar als een element dat een 'personage’, een beeld van een persoon, mede bepaalt. Per aflevering staat er een individu centraal met een onvoorspelbare levensloop, en die persoon leer je stap voor stap kennen. Vaak heeft die persoon een bijzondere culturele achtergrond - die opzet komt nadrukkelijker naar voren sinds het programma van AT5 is verhuisd naar de NPS en Theo van Gogh als presentator heeft plaatsgemaakt voor Kefah Allush. Openhartige jongeren, die zich nog niet zo diplomatiek uitdrukken, worden gevraagd op die persoon te reageren. Ze gaan af op hun eerste indruk, en die wordt langzamerhand onderuit gehaald of bevestigd.
Zo komen vooroordelen aan het licht. Vanwege z'n keurige voorkomen dacht Judith bij Codrington aan een vertegenwoordiger - vooroordelen hebben niet alleen met kleur te maken. Hij bleek uiteindelijk schaapherder te zijn.